de groep

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [xrup]
Verbuigingen:  groep|en (meerv.)

1) aantal personen of dingen bij elkaar
Voorbeeld:  `Er loopt een groep schoolkinderen op strand.`
(iets) in de groep gooien  ((iets) met anderen willen bespreken) `Heb je een probleem? Gooi het maar in de groep.`

2) klas van de lagere school
Voorbeeld:  `Mijn dochter zit in groep 3.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aantal personen bijeen accumulatie band bende categorie club contingent drift ensemble gezelschap hoop horde kudde samenscholing schare school set stel theaterensemble theatergroep toneelgezelschap troep vlucht

Spreekwoorden en zegswijzen
• iets in de groep gooien (=iets in een groep bespreken)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
(een - ambtenaren gingen / ging) Wordt er een enkelvoudige of een meervoudige persoonsvorm gebruikt bij een onderwerp met een groeps-ofhoeveelheidsaanduidend woord en een onbepaald lidwoord, zoals een groep, een menigte, een bende en een kudde? Zie Groep

25 definities op Encyclo
  • •uit meerdere persoon
  • aantal min of meer bijeen horende personen
  • Synoniem voor afdeling. Zie: afdeling.
  • op exposities kunnen drie of meer honden van eenzelfde ras-variëteit als groep worden geshowd
  • 1) Op exposities kunnen 3 of meer honden van eenzelfde ras-variëteit als groep geshowed worden. 2) Een aantal rassen dat op grond van bepaalde kenmerken bij elkaar hoort...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met groep:
    groepagegroepagesgroepeergroepeerdegroepeerdengroepeertgroepengroeperengroeperinggroepsaankoopgroepsfotogroepsgewijsgroepslesgroepsportretgroepstaalgroepstalengroepsverbandgroepsverkrachtinggroepszaakgroept
    Toon alle woorden die beginnen met groep

    Deze woorden eindigen op groep:
    aandachtsgroepactiegroepalkylgroepbehangpatroongroepbelangengroepberoepsgroepbevolkingsgroepbloedgroepbomengroepboomgroepcontrolegroepdoelgroepeilandengroephoofdgroephydroxylgroepjongensgroepkopgroepkwantumgroepleeftijdsgroepleesgroep
    Toon alle woorden die eindigen op groep

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. groep (kroep, influenza)
    2. groep (stalgoot)
    3. groep (verzameling)