Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


12 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `zoal`

  1. elk vogeltje zingt zoals het gebekt is (=ieder laat zich uit op een wijze die door zijn eigen aard en opvattingen bepaald worden)
  2. Ieder bakt zijn koek zoals hij hem eten wil. (=Iedereen behartigt zijn zaken, op een manier zoals hij dat zelf wil.)
  3. men moet zijn bed maken zoals men slapen wil (=iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen daden)
  4. vis laat de mens zoals hij is (=van vis eten wordt je niet dik)
  5. zoals de ouden zongen piepen de jongen (=de jongeren leren het van de ouderen)
  6. zoals de waard is vertrouwt hij zijn gasten (=men ziet de anderen zoals men zichzelf ziet)
  7. zoals de wind waait, waait zijn jasje (=hij gaat met de heersende mening mee of telkens van mening veranderen afhankelijk van de mensen om iemand heen)
  8. zoals het handje thuis tost, tost het nergens (=uiteindelijk gaat er niets boven het eigen huis)
  9. zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens (=het is nergens zo goed als thuis)
  10. zoals het raait en draait (=zoals het zijn gangetje gaat)
  11. zoals het reilt en zeilt (=zoals het zijn gangetje gaat)
  12. zoals men zaait zo zal men oogsten (=men krijgt loon naar werken)

14 betekenissen bevatten `zoal`

  1. schijn bedriegt (=dingen zijn niet altijd zoals ze zich voordoen)
  2. De haring braadt hier niet (=Het gaat niet zoals het zou moeten)
  3. Daar hangt de po uit (=Het is niet zoals het zou moeten zijn)
  4. het kan verkeren (=het kan veranderen, de dingen blijven niet zoals ze zijn)
  5. iets naar zijn hand zetten (=het precies (laten) doen zoals hij wil)
  6. Ieder bakt zijn koek zoals hij hem eten wil. (=Iedereen behartigt zijn zaken, op een manier zoals hij dat zelf wil.)
  7. iets bij de roes kopen (=iets kopen in de staat zoals het is)
  8. iets bij de roes verkopen (=iets verkopen in de staat zoals het is)
  9. wie bang leeft, gaat ook bang dood (=je gaat zoals je geleefd hebt)
  10. zoals de waard is vertrouwt hij zijn gasten (=men ziet de anderen zoals men zichzelf ziet)
  11. met de maat waarmee gij meet, zal u weder gemeten worden (=op de manier zoals je een ander behandelt zal je ook zelf behandeld worden)
  12. volgens de regels der kunst (=zoals het hoort)
  13. zoals het raait en draait (=zoals het zijn gangetje gaat)
  14. zoals het reilt en zeilt (=zoals het zijn gangetje gaat)

Het dialectenwoordenboek kent 55 spreekwoorden met `zoal`

  1. Munsterbilzen - Minsters: waaj kumste allewaajl on de kos (=wat doe je tegenwoordig zoal)
  2. Waregems: iemand oytmokn veur vorte vis/iemand zijn zoaligheid zegg'n (=iemand beschimpen)
  3. Brakels: zijn zoaleggiet geev'n (=iemand scheldend op zijn plaats zetten)
  4. Brakels: ij krijgt zijn zoaleggiet (=hij wordt de les gepeld)
  5. Aspers: hij kreeg doar zijn zoaligheid (=hij kreeg er van langs)
  6. Liwwadders: als it net kin sa als 't mut, dan mut it maar sa als 't kin (=als het niet kan zoal het moet, dan moet het maar zoals het kan)
  7. Evergems: azoan een harte zoale (=het is een hard zadel)
  8. Antwerps: Wamoetemme? (=Wat had je zoal graag gehad?)
  9. Antwerps: doar zedde zoaleg mè (=daar kan je niets mee doen)
  10. Zottegems: ij/zij krijgt zijn/eur zoaligijt (=hij/zij wordt de les gespeld)
  11. Zelzaats: Azua verbleevn (=zoals afgesproken)
  12. Sint-Niklaas: gullèk (=zoals)
  13. Sallands: 't Leem giet zien gaanks. (=Het is, zoals het is.)
  14. Brakels: gelijk daamme gezèjt en (=zoals afgesproken)
  15. Waregems: lijk da 't es (=zoals het is)
  16. Eindhovens: Witte wel (=zoals je wel weet)
  17. Bilzers: waaj èn de aa daog (=zoals vroeger)
  18. Waregems: nie ol te katheliek (=niet zoals het hoort)
  19. west-vlaams: ti lik ofdaketik zegn (=het is zoals ik het zeg)
  20. Tilburgs: tis klôote meej den bòk (=het gaat niet zoals verwacht)
  21. Westerkwartiers: dat leek naarg'ns woar op (=dat was niet zoals het behoorde)
  22. Westerkwartiers: zoas 't doar reilt en zeilt . . . (=zoals het daar toegaat . . .)
  23. Bilzers: Kom és en maajn sjoen ston (=zoals ik het zie)
  24. Gronings: As't nait gait zoas't mot, mot't mor zoas't gait (=Als het niet gaat zoals het moet, moet het maar zoals het gaat)
  25. Nijlens: 't is gelaak da ge 't gere het (=het is zoals jij wilt)
  26. Veurns: Loat'n 't is, best'n ol! (=Laten zoals het is, dat is het beste)
  27. Munsterbilzen - Minsters: tès den umgekeirde werd (='t is niet zoals het hoort)
  28. Munsterbilzen - Minsters: zau zin ver nie getrouwd (=dat is niet zoals afgesproken)
  29. Waregems: 't'n e(s) nie nur mijn goeste (=het is niet zoals ik het wil(de))
  30. Westerkwartiers: jong leerd, old doan (=zoals met het jong leerde doet men het later)
  31. Sittards: Dae neit troet, dae neit doug (=zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten)
  32. Oudenbosch: die kleur gif niejaf (=die kleur blijft zoals die is (bv. in de was))
  33. Tilburgs: ge kunnut krèège zogget wilt: dik, dun of dur un duukske (=Je kunt het hebben zoals je wilt)
  34. Liedekerks: Tes ze mojer of zenne petj gescheet'n (=Hij is zoals zijn vader of zijn moeder)
  35. Ninoofs: 't es en betjn oan 't slabakken (=Het gaat niet goed vooruit zoals gewenst)
  36. Westerkwartiers: wa'j zaai'n za'j ok oogst'n (=zoals je het anderen geeft, krijg je het terug)
  37. Tilburgs: Ge kun ut krègge zo as ge ut wilt, opgerold of op un bolleke! (=Je kunt het krijgen zoals je wilt!)
  38. Munsterbilzen - Minsters: waaj de aa vrigger joengelde, zo poeppe de joeng nau (=zoals de ouden zongen, zo piepen de jongen)
  39. Tilburgs: nie as naaw (=niet zoals nu)
  40. Munsterbilzen - Minsters: waajet gezaach ès ! (=zoals afgesproken !)
  41. Munsterbilzen - Minsters: geet et nie, dan bok et mèr (=gaat het niet zaols het moet, dan moet het maar zoals het gaat)
  42. Oudenbosch: Ijaar zun die Gé wel op punt en krek naor zun eige plooi (=Hij kreeg de dingen precies zoals hij wou)
  43. Sint-Niklaas: 'k ze gjeiren een broek ein op 't gedacht van doan (=ik zou graag een broek hebben zoals de uwe)
  44. Heldens: Ut vogoltju zingt thuis eegluk mooi, daar es ut thuis. (=zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens.)
  45. Weldens: zoals mijn grootmoeder altijd zegde\r\nhet konijnenkot is wepel!\r\n\r\nDidier (='t konenekot is wepel)
  46. gronings: 't komp zoas 't komp zee de boer en scheet zuk in de boksem (=je kunt je druk maken om van alles en nog wat, het komt toch zoals het komt)
  47. Twents: As ut n't geet zoas ut mut, mut ut mear zo as ut geet (=Als het niet gaat zo als het moet, moet het maar zoals het gaat.)
  48. Rillaars: Talest doede goalle 't galakkes goalle da zelf wilt moo hie nie. (=Bij jullie thuis doen jullie het zoals jullie het zelf willen maar hier niet.)
  49. Sint-Katelijne-Waver: Gelèk as daa zoengen zo zingen de joenge (=zoals de ouderen zongen zo zingen de jongen)
  50. Texels: Zoas 't klokkie tuus luud, luud 't nerregus (=zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen