Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


22 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `voeten`

  1. aan de voeten van Gamaliël zitten (=aandachtig luisteren naar de les die een wijs persoon meegeeft)
  2. aan handen en voeten gebonden zijn (=geen kant op kunnen)
  3. aan iemands voeten liggen (=iemand vereren, een absolute fan van iemand zijn)
  4. als het voeten heeft (=als de omstandigheden gunstig zijn)
  5. dat heeft nogal wat voeten in de aarde (=dat is moeilijk te realiseren)
  6. de regels met voeten treden (=overtreden, voorschriften niet opvolgen / onbehouwen te werk gaan)
  7. een reus op lemen voeten (=schijnbaar sterk maar in feite zwak)
  8. het gras voor de voeten wegmaaien (=de woorden uit de mond nemen - alle kansen ontnemen)
  9. iemand de voeten spoelen (=iemand doen verdrinken / in zee verdrinken)
  10. iemand het gras voor de voeten wegmaaien (=iemand alle kansen ontnemen)
  11. iemand iets voor de voeten gooien (=iemand met iets confronteren)
  12. iemand iets voor de voeten werpen (=iemand beschuldigen van iets)
  13. iemand van het hoofd tot de voeten meten (=iemand heel nauwkeurig onderzoeken)
  14. je kunt niet met twee voeten in één sok (=twee onverenigbare zaken kunnen niet worden gecombineerd)
  15. met iemand zijn voeten spelen (=iemand voor de gek houden)
  16. op kousenvoeten (=stilletjes, ongemerkt)
  17. reageren met de voeten (=door ergens weg te gaan, weg te blijven of niet meer terug te keren, aangeven dat men niet tevreden is)
  18. ten voeten uit (=letterlijk: de volledige gestalte is afgebeeld; figuurlijk: een getrouwe persoonsbeschrijving)
  19. vaste grond onder de voeten hebben (=weten waar men op steunt - in een goede positie verkeren)
  20. veel voeten in de aarde hebben (=veel moeite en tijd kosten)
  21. voor de schenen/voeten werpen (=ermee confronteren)
  22. zich uit de voeten maken (=maken dat men wegkomt)

2 betekenissen bevatten `voeten`

  1. schampavie spelen (=zich heimelijk uit de voeten maken)
  2. de hakken laten zien (=zich uit de voeten maken)

Het dialectenwoordenboek kent 61 spreekwoorden met `voeten`

  1. Munsterbilzen - Minsters: kommendant vant sjijthaus (=baas van mijn voeten)
  2. Diesters: tege zen shokedaze krage (=onder zijn voeten krijgen)
  3. Mols: dao kunde patatten op zoaje (=vuile voeten)
  4. Bilzers: n zwaur sigaar roke (=dik tegen zijn voeten krijgen)
  5. Bilzers: iemed op zennen appel gaeve (=iemand naar zijn voeten geven)
  6. Tiens: dea mins ai et kowed (=niet uit de voeten kunnen)
  7. Munsterbilzen - Minsters: n ferm segaar roke (krijge) (=naar zijn voeten krijgen)
  8. Munsterbilzen - Minsters: got (gank) aut mën zon ! (=onder mijn voeten uit !)
  9. Culemborgs: Azzet te heet wordt onder de putjies (=Als het te heet wordt onder de voeten)
  10. Gronings: ain n swien ien t ies joagen (=iemand het gras voor de voeten wegmaaien)
  11. Lovendegems: er zijn voeten aan voagen (=lak hebben aan*)
  12. Sint-Niklaas: kust nô min voeten (kloûten) (=wel dat is straf!)
  13. Munsterbilzen - Minsters: vêr wo moeste nau toch mèr ne soetjae aon ? (=als je geen voeten hebt, moet je ook geen schoenen)
  14. Bilzers: aste geen boste hübs, hoeste toch ook gene soetjae (=als je geen voeten hebt, moet je toch geen schoenen)
  15. Munsterbilzen - Minsters: attet menen hond wos, hochter dich al gebiëte (=kijk eens wat beter, het ligt voor je voeten !)
  16. brabants: kauw voet (=koude voeten)
  17. Brakels: omgekirt afgetrok'n (=met de voeten eerst geboren)
  18. Moes: snoek emmen (=natte voeten hebben)
  19. Overpelts: huft ouw puut op (=hef je voeten op)
  20. Bilzers: haat zen zokke mèr aon (=voeten vegen, aub)
  21. Sint-Niklaas: min voeten singelen, min voeten zin voûs (=mijn voeten tintelen)
  22. Zeeuws: ai-je je sti op mn schroenkels (=au je staat op mn voeten)
  23. Bilzers: doë wiët ich geene waeg mèt (=daar kan ik niet mee uit de voeten)
  24. Flakkees: Hael je poatstikken us weg (=Ga eens aan de kant met je voeten)
  25. Heist-op-den-Berg: berrevits deu de bemme schesse (=op je blote voeten door de beemden lopen)
  26. Zelzaats: Ge zijt er mee aan 't loteren (=U bent met mijn voeten aan het spelen)
  27. Dordts: sjow, die gaat dwars door Dordt (=Als je voeten naar buiten wijzen bij het lopen)
  28. Oudenbosch: zullie zijn op de loo-p gegaon (=zij hebben zich uit de voeten gemaakt)
  29. Mestreechs: mèt han en veuj (=met handen en voeten)
  30. Veurns: ze puuste scheur'n (=zich uit de voeten maken)
  31. Ninoofs: schampavie speel'n (=zich uit de voeten maken)
  32. Oudenaards: pletse boarvoets (=op blote voeten)
  33. Gents: op eu pletse luupe (=op blote voeten lopen)
  34. Munsterbilzen - Minsters: tès wir groemeles (=naar zijn voeten krijgen)
  35. Munsterbilzen - Minsters: zen saus krijge (=naar zijn voeten krijgen)
  36. Waregems: wigspoottren (=zich uit de voeten maken)
  37. Munsterbilzen - Minsters: hae loet zich zene keis van tèsse zen snieë pikke (=de tuinier liet het gras van onder zijn voeten maaien)
  38. Munsterbilzen - Minsters: kepot ès nog te maoke, mèr daud nie (=men kan maar beter over zijn voeten struikelen dan over zijn tong)
  39. Bilzers: rap raaje és niks, mér rap stoppe és alles (=wie snel rijdt, legt zen leven in handen van zijn voeten)
  40. Sinnekloases en niekaarks: kust mijn botten ook mijn voeten (=laat me met rust)
  41. Buggenhouts: mama,mama mein voeten hemme ka de stoof es oit mau de schapeip doempt (=moeder, moeder mijn voeten hebben koud de kachel is uit maar de schoorsteen rookt)
  42. Kortrijks: Teure moa deure en gertje vwoa splenters (=Maak je uit de voeten.)
  43. Tilburgs: hòks lôope (=met de voeten naar binnen gericht, lopen)
  44. Bilzers: een vèëg aut de pan gèëve (=naar zijn voeten geven)
  45. Lembeeks: Den deuvel voe zei neuvejoer krijge (=onder zijn voeten krijgen)
  46. Sint-Niklaas: er vanonder muizen (=zich ongemerkt uit de voeten maken)
  47. Simpelveld: zich oes d'r stup maache (=zich uit de voeten maken)
  48. Lichtervelds: je scheurt zn puuste (=hij maakt zich uit de voeten)
  49. Mestreechs: iemes veur de veu laope (=iemand voor de voeten lopen)
  50. Mechels (BE): me iemand zen sjokkedaoze speile (=met iemand zijn voeten spelen)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen