34 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `uid`
- als de bruid verpatst is wordt zij gewild. (=wat niet meer beschikbaar is lijkt aantrekkelijker voor anderen)
- dat is een aalshuid (=dat is van weinig waarde)
- de grote klok luiden (=op opvallende wijze bekend maken)
- de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
- de huid vol schelden (=flink uitschelden)
- de klok hebben horen luiden maar niet weten waar de klepel hangt (=ergens over gehoord hebben, zonder er echt iets van af te weten)
- de klok luiden maar niet schaften (=wel beloven maar niet doen)
- denkt aleer gij doende zijt en doende denkt dan nog. (Guido Gezelle) (=maak een plan alvorens ergens aan te beginnen, en stel tijdens de activiteit het plan bij indien nodig)
- diep in de buidel tasten. (=veel geld aan iets uitgeven.)
- een dikke huid hebben (=veel kunnen verdragen)
- een harde huid hebben (=veel kunnen verdragen)
- een leeuwenhuid aantrekken (=zich dapper tonen)
- een olifantshuid hebben (=veel kunnen verdragen)
- er is geen kruid tegen gewassen (=er is niets aan te doen)
- er is onkruid onder de tarwe (=er zijn minderwaardige goederen (of personen) tussen de betere)
- het is een slechte bruiloft waar maar één bruid is. (=op bruiloften worden vaak nieuwe relaties gevormd)
- iemand de huid over de oren halen (=iemand afzetten, bedriegen)
- iemand de huid vol schelden (=iemand uitschelden)
- iemands geluid niet horen (=niet naar iemand willen luisteren)
- in een slechte huid (=ongezond - iets ongunstigs verwachtend)
- in iemands huid kruipen (=zich in een ander verplaatsen)
- je huid duur verkopen (=het niet gemakkelijk opgeven)
- je huid zelf ter markt brengen (=zichzelf verdedigen)
- je kan wel dansen al is het niet met de bruid (=je kan ook wel tevreden zijn met iets minder dan het beste)
- je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid (=je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen)
- liefde is waar de geldbuidel hangt (=liefde is te koop)
- met huid en haar (=geheel en al)
- moet is een bitter kruid. (=dingen die men moet doen kunnen onaangenaam of vervelend zijn.)
- onkruid vergaat niet (=het slechte is moeilijk uit te roeien)
- tegen de dood is geen kruid gewassen. (=doodgaan is onvermijdelijk)
- verkoop de huid niet voordat de beer geschoten is (=je moet niet geld uitgeven voordat je het hebt verdiend)
- waar de klok luidt, daar is een kapel. (=geruchten hebben vaak een kern van waarheid)
- wie zijn eigen tuintje wiedt, ziet het onkruid van een ander niet (=het is beter om energie te steken in het verbeteren van jezelf, dan in het bekritiseren van anderen)
- zuidwest, regennest. (=met een zuidwesten wind komt vaak regen)
57 betekenissen bevatten `uid`
- van de daken schreeuwen (=aan iedereen luid kenbaar maken)
- fiolen van toorn over iemand uitstorten (=aan iemand duidelijk laten blijken dat je kwaad op diegene bent)
- wie weet waarom de ganzen blootsvoets gaan? (=alles heeft een reden, ook al is die niet altijd even duidelijk)
- in het donker zijn alle katten grijs/grauw (=als de situatie niet duidelijk is, zijn de zaken niet goed te beoordelen)
- van leer trekken (=beginnen met vechten, duidelijk laten merken dat iets als vervelend ervaren wordt)
- dat hangt als een schijthuis boven de gracht (=dat is overduidelijk)
- dat is een waarheid als een koe (=dat is overduidelijk waar)
- dat spreekt boekdelen (=dat is overduidelijk, bijv. `zijn gezicht spreekt boekdelen`)
- het slechtste wiel van de wagen kraakt meest. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- holle vaten klinken het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- ijdele tonnen rollen het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- een hoge toon aanslaan (=doen alsof je het voor het zeggen hebt / luid en dwingend spreken)
- er geen touw aan vast kunnen knopen (=door de onduidelijkheid niet kunnen begrijpen wat er wordt bedoeld)
- jezelf op de borst slaan (=duidelijk aan de omgeving laten weten dat men ergens bijzonder trots op is)
- het beestje bij zijn naam noemen (=duidelijk en precies zeggen hoe je over iets of iemand denkt; precies zeggen hoe iets zit)
- aan het verstand brengen (=duidelijk maken)
- aan de bel trekken (=duidelijk maken dat er iets aan de hand is; duidelijk maken dat er iets niet klopt)
- de neus optrekken (=duidelijk maken dat men iets of iemand niet waardeert)
- met een rode letter aangetekend staan (=duidelijk vermeld , zodanig dat het zeker niet vergeten wordt)
- iemand de les lezen (=duidelijk zeggen dat iemand iets verkeerds gedaan heeft)
- onder de neus wrijven (=duidelijk zeggen wat er van gevonden wordt)
- man en paard noemen. (=duidelijke taal spreken)
- is de paus katholiek? (=een antwoord op een vraag waarvan het antwoord overduidelijk `Ja` is)
- dat is opgelegd pandoer (=een duidelijke van te voren afgesproken zaak)
- een hazenslaapje (=een slaap, die zo licht is, dat men bij `t minste geluid wakker wordt)
- klare wijn schenken (=eerlijk en duidelijk vertellen hoe de situatie in elkaar steekt)
- doorgestoken kaart (=er is heel duidelijk iets mis! Hier is getracht om iemand te laten geloven dat er bij toeval iets gebeurt, terwijl het in feite van tevoren gearrangeerd is)
- dat horen en zien je vergaat (=erg luid)
- er een plasje overheen doen (=ergens een kleine wijziging in aan (laten) brengen, dat wel duidelijk laat zien dat de afzender iemand van belang is)
- vis noch vlees (=het is niet bruikbaar, omdat het niet duidelijk is)
- vlees noch vis (=het is niet bruikbaar, omdat het niet duidelijk is)
- het ligt er duimdik bovenop (=het is overduidelijk)
- er geen tekeningetje bij moeten maken (=het is overduidelijk)
- een kind van Laban (=iemand met een blanke huid)
- je gal spuwen/uitbraken (=iets afkeuren en dat duidelijk laten merken)
- je licht ergens op laten schijnen (=iets duidelijk maken)
- iets prediken/verkondigen (=iets luid, voor iedereen, verkondigen)
- een lichtje opgaan bij iemand (=iets wordt duidelijk en helder)
- je op de vlakte houden (=je niet te veel met de zaak bemoeien, geen duidelijk oordeel geven)
- met de witte perdekies naar Velzeke rijden (=krankzinnig worden. In Velzeke bevindt zich een sanatorium; de `witte perdekies` (witte paardjes) verwijzen naar een ziekenwagen, waarmee de geestesgestoorde afgevoerd wordt. Uitdrukking uit het zuiden van Oost-Vlaanderen)
- zuidwest, regennest. (=met een zuidwesten wind komt vaak regen)
- zo helder als koffiedik (=niet helder, niet duidelijk)
- iemand door de mosterd halen (=op duidelijke wijze kenbaar maken wat iemand fout gedaan heeft)
- in de luwte vallen (=op minder luide toon verder praten)
- elkaar vliegen afvangen (=op onbeduidende details elkaar beconcurreren dan wel duidelijk willen laten uitkomen dat men zelf gelijk heeft en de ander niet)
- over land en zand praten (=over lichte onbeduidende dingen praten)
- klaar als de dag. (=overduidelijk)
- er dik bovenop liggen (=overduidelijk zijn)
- niet op zijn mondje gevallen zijn (=precies duidelijk maken hoe iemand over iets denkt)
- kort en bondig (=snel en duidelijk)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen