Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

Eén spreekwoord bevat `sneeuw`

  1. als sneeuw voor de zon verdwijnen (=ergens niets van over blijven)

2 betekenissen bevatten `sneeuw`

  1. de engeltjes schudden hun kussens uit (=het sneeuwt)
  2. aprilletje zoet, heeft nog wel eens een witte hoed (=in het begin (de hoed) van april kan het nog wel eens sneeuwen)

Het dialectenwoordenboek kent 12 spreekwoorden met `sneeuw`

  1. Overmeers: e vloksken snieë (=een sneeuwvlokje)
  2. Meppels: Het gromt/ bromt (=Het sneeuwt licht)
  3. Epers: De witte biej'n vliek (De witte bijen vliegen) (=Het sneeuwt)
  4. Gronings: tien(e) (=sneeuw)
  5. Volendams: et doet buiten krokken (=het sneeuwt licht)
  6. Westfries: een dikke sneijacht (=het sneeuwt heel veel)
  7. Nijlens: het is ont sniejeve (=het is aan het sneeuwen)
  8. Sint-Katelijne-Waver: Zwétte snie zien (=Zwarte sneeuw zien)
  9. Tilburgs: et sneut nie ècht, der valt mar en bietje griezel. (=het sneeuwt niet echt, er valt maar een beetje stofsneeuw.)
  10. Bilzers: zoe wit as snei ; zoe wit as e laoke (=zo wit als sneeuw)
  11. Munsterbilzen - Minsters: de snei lik (vilt) ne kilo dik (=er ligt (valt) veel sneeuw)
  12. Oudenbosch: ijee zwarte sneeuw gezien (=hij is tot het uiterste moeten gaan)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen