Spreekwoorden met `rege`

Zoek

24 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `rege`

  1. als het in de kajuit regent ,druipt het in de hut (=als de baas problemen heeft, krijgen ook de ondergeschikten hun deel)
  2. als het melk regent, staan mijn schotels omgekeerd (=wanneer ergens iets voordeligs te verkrijgen valt, loop ik het steevast mis)
  3. als het regent in mei, is april voorbij (=spreekwoord dat de spot drijft met spreekwoorden die open deuren intrappen)
  4. als honden konden bidden zou het kluiven regenen (=als is een niet ter zake doende opmerking)
  5. de boon van de koek gekregen hebben (=geluk gehad hebben)
  6. de regels met voeten treden (=overtreden, voorschriften niet opvolgen / onbehouwen te werk gaan)
  7. de regen schuwen en in de sloot vallen (=door iets onaangenaams te ontwijken in nog groter problemen komen)
  8. de uitzondering bevestigt de regel (=overal zijn er uitzonderingen)
  9. een klap van de molen gekregen hebben (=niet goed meer bij verstand zijn)
  10. halfjes en motregen dringen door. (=ook van kleine beetjes wordt je dronken)
  11. het geld regeert de wereld (=geld heeft grote invloed)
  12. het regent bakstenen (=gezegd van een hevige hagelbui)
  13. het regent pijpenstelen (=het regent heel hard)
  14. menen ligt dicht bij Kortrijk (maar verre van Waregem) (=iets menen is niet genoeg; je moet er zeker van zijn.)
  15. morgenrood, regen in de sloot (=weerspreuk: rood opkomende zon betekent vaak regen)
  16. na regen komt zonneschijn (=na een periode van tegenslag, komt er een betere tijd)
  17. regen in mei, dan is april voorbij (=de natuur kiest vanzelf de goede volgorde)
  18. strenge heren regeren niet lang (=wanneer een baas niet een beetje soepel is wordt het voor hem erg moeilijk)
  19. tot in de puntjes regelen (=alles nauwkeurig regelen)
  20. tussen de regels door lezen (=de diepere betekenis van een tekst begrijpen)
  21. van de regen in de drup (=niet veel opschieten, van moeilijke omstandigheden in nog moeilijkere omstandigheden terecht komen)
  22. verrijzen als paddenstoelen na een regenachtige dag (=plots tevoorschijn komen)
  23. volgens de regels der kunst (=zoals het hoort)
  24. zuidwest, regennest. (=met een zuidwesten wind komt vaak regen)

44 betekenissen bevatten `rege`

  1. in kannen en kruiken zijn (=alles is geregeld)
  2. tot in de puntjes regelen (=alles nauwkeurig regelen)
  3. ons kent ons (=betrekkelijk afgesloten clubje mensen dat onderling de zaken regelt)
  4. men poot de aardappelen wanneer men wil, ze komen toch niet in april (=boerenregel. Aardappelen komen pas in mei uit)
  5. de aardappelen komen niet voor de eikenblaren (=boerenregel. De aardappelplant begint te groeien als de eik in het blad komt)
  6. daar komt een schip met zure appels (=daar komt een stevige regenbui aan)
  7. aan de touwtjes trekken (=de baas zijn, alles regelen, het voor het zeggen hebben)
  8. de eigen boontjes doppen (=de eigen zaken regelen zonder hulp van anderen)
  9. ambt geeft verstand. (=een baan gekregen hebben zonder er iets van af te weten)
  10. een kring om de zon brengt water in de ton. (=een halo rond de zon voorspelt meestal regen)
  11. een klein visje een zoet visje (=een klein voordeel of winstje dat met weinig moeite is verkregen)
  12. een scheve schaats rijden (=een misstap begaan. Een morele regel overtreden)
  13. brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
  14. een wet van Meden en Perzen zijn (=een regel waarvan nooit mag worden afgeweken)
  15. iets op een procrustesbed leggen (=een regeling zo toepassen dat hij er voordeel van heeft)
  16. doekje voor het bloeden (=een schrale troost, of een ontoereikende, slechts symbolische maatregel)
  17. Poolse landdag (=een wilde, ongeregelde bijeenkomst)
  18. een gehuurd paard en eigen sporen maken korte mijlen (=eigen bezit beschadigt men minder dan gekregen of gehuurd bezit)
  19. de soep wordt nooit zo heet gegeten, als zij wordt opgediend (=er worden meestal minder zware maatregelen toegepast dan was aangekondigd)
  20. iets aan je laars lappen (=geen notitie nemen van regels, wet of voorschriften)
  21. het komt voor de bakker (=het komt in orde; het wordt geregeld)
  22. de teugels afwerpen. (=het loslaten van regels en verantwoordelijkheden)
  23. het regent pijpenstelen (=het regent heel hard)
  24. het is kermis in de hel (=het regent terwijl de zon schijnt)
  25. je bedje is gespreid (=je komt in een situatie terecht waarin alles al voor je geregeld is)
  26. zuidwest, regennest. (=met een zuidwesten wind komt vaak regen)
  27. nieuwe heren nieuwe wetten (=nieuwe bazen vaardigen ook nieuwe regels uit)
  28. andere heren andere wetten (=nieuwe bazen willen nieuwe regels)
  29. in het wild lopen (=ongeregeld verlopen)
  30. met een kanon op een mug schieten (=ophef maken om niks / overdreven zware maatregelen nemen)
  31. eerst komt het eten dan de moraal. (=overleven is belangrijker dan het volgen van regels.)
  32. als het kalf verdronken is dempt men de put (=pas als het te laat is, neemt men maatregelen)
  33. de gestadige jager wint (=regelmatig doorzetten geeft het beste resultaat)
  34. het pad warm houden. (=regelmatig op bezoek komen)
  35. petje af (=respect betonen voor hoe iemand iets voor elkaar gekregen heeft)
  36. geen droge draad aan het lijf hebben (=totaal nat geregend zijn (soms ook : door en door bezweet))
  37. uit de band springen (=uitbundig plezier maken, zonder rekening te houden met de regels van orde en fatsoen)
  38. morgenrood, regen in de sloot (=weerspreuk: rood opkomende zon betekent vaak regen)
  39. een Poolse landdag (=wilde, ongeregelde vergadering)
  40. schip met zure appelen (=wolk die regen en storm voorspelt)
  41. scheepjes met zuren appelen (=wolkjes die regen of storm voorspellen)
  42. onder en boven de wet zijn (=zich niet aan de regels hoeven te houden)
  43. roomser dan de paus zijn (=zich overdreven precies aan de regels houden)
  44. te hooi en te gras (=zonder enige regelmaat of plan)

4 dialectgezegden bevatten `rege`

  1. diejis nie mee de leste rege gevalle (=die is heel goed bij) (Oudenbosch)
  2. gien rege van beduui (=geen regen van betekenis) (Terschuurs)
  3. m n snee juukt : we krijge rege (=mijn litteken jeukt : het gaat regenen) (Oudenbosch)
  4. vaan bed op stru vaan de rege in d'n dröp (=van de regen in de drup) (Mestreechs)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen