Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

13 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `nijd`

  1. dat snijdt geen hout (=dat heeft er niets mee te maken; het bewijst niets)
  2. door merg en been dringen/snijden (=buitengewoon kwetsend of doordringend zijn)
  3. Een snijder heeft maar een darm. (=Spotternij van boeren, die veel meer eten dan de kleermaker.)
  4. geen hout snijden (=niets bewijzen , niet van toepassing zijn)
  5. het is goed riemen snijden uit andermans leer (=met andermans eigendom kan men gemakkelijk kwistig omgaan)
  6. het mes snijdt aan twee kanten (=het levert dubbel voordeel op (NL.) Er zijn niet alleen voordelen aan verbonden, je kan eender wat vanuit verschillende en zelfs tegengestelde standpunten bekijken (BE).)
  7. het tafellaken doorsnijden (=alle bindingen met iemand verbreken)
  8. iemand de pas afsnijden (=iemand verhinderen een bepaalde actie uit te voeren)
  9. iemands levensdraad afsnijden (=doden)
  10. nieuwe messen snijden scherp (=met iets (iemand) nieuws is het aangenaam werken)
  11. nijdig als een spin (=bijzonder nijdig)
  12. twee ruggen uit een varken willen snijden (=uit één ding dubbel het voordeel willen halen)
  13. zich in de vingers snijden (=zichzelf (onbedoeld) benadelen)

3 betekenissen bevatten `nijd`

  1. met scheve ogen aankijken (=benijden, argwanend kijken)
  2. nijdig als een spin (=bijzonder nijdig)
  3. heel wat op zijn kerfstok hebben (=veel dingen misdaan hebben (afgeleid van het gebruik om schulden bij een café te registreren door kerfjes in een stok te snijden))

Het dialectenwoordenboek kent 5 spreekwoorden met `nijd`

  1. Westerkwartiers: 't is aalmoal hoat en nied (='t is allemaal haat en nijd)
  2. Zeeuws: ie is so sagerijnig as un pere bie-e (=nijdig)
  3. Tilburgs: wè wier ie wir nèèg (=wat werd hij weer nijdig)
  4. Ostêns: azien pisser (=nijdig persoon)
  5. Erps: è es in zen wiek geschoten (=hij is nijdig)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen