Spreekwoorden met `niet meer`

Zoek

9 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `niet meer`

  1. als de boeren niet meer klagen en de pastoors niet meer vragen, dan nadert het einde der dagen (=sommige mensen veranderen nooit)
  2. dat paard zal mij niet meer slaan (=dat zal mij niet meer gebeuren)
  3. door de bomen het bos niet meer zien (=door alle details het overzicht verliezen)
  4. het eten niet meer op kunnen. (=spoedig moeten sterven.)
  5. het niet meer hebben (=totaal in verwarring geraken - van de kook zijn)
  6. het niet meer kunnen navertellen (=er aan sterven)
  7. niet meer kunnen wegdenken (=niet meer kunnen missen)
  8. niet meer van vandaag (=het is ouderwets of niet meer acceptabel)
  9. wanneer de boeren niet meer klagen, nadert het einde der dagen (=boeren klagen altijd)

55 betekenissen bevatten `niet meer`

  1. je kan niet alle meisjes haten om één (=als je bent getrouwd wilt dat niet zeggen dat vrouwen je niet meer interesseren)
  2. ongevraagd, ongeweigerd (=als je iets doet waarvoor geen toestemming is gevraagd kan het achteraf niet meer geweigerd worden omdat het al gebeurd is)
  3. oude liefde roest niet (=als men al lang verliefd is, verdwijnt die liefde niet meer)
  4. op je laatste benen lopen (=bijna niet meer kunnen van vermoeidheid)
  5. na mij de zondvloed (=dat is een probleem dat zich pas voordoet als ik er niet meer ben - het zal mijn tijd wel duren)
  6. dat is de druppel die de emmer doet overlopen (=dat is maar een kleine ergernis, maar samen met wat er al gebeurd is, wordt het niet meer geaccepteerd)
  7. dat paard zal mij niet meer slaan (=dat zal mij niet meer gebeuren)
  8. uit het oog, uit het hart (=de aandacht voor iemand verliezen, als die persoon niet meer in de nabijheid is)
  9. pap in de benen hebben (=de benen willen niet meer vooruit)
  10. de draad kwijt zijn (=de loop van het verhaal niet meer kunnen volgen)
  11. een streep door de rekening halen (=de schuld van iemand kwijtschelden en het er niet meer over hebben)
  12. je schaapjes op het droge hebben (=de zaken op orde hebben of voldoende hebben om niet meer te hoeven werken)
  13. de geest is uit de fles (=dit is niet meer controleerbaar)
  14. dit loopt uit de hand (=dit is niet meer onder controle)
  15. reageren met de voeten (=door ergens weg te gaan, weg te blijven of niet meer terug te keren, aangeven dat men niet tevreden is)
  16. de nekslag geven (=door iets wordt de situatie een te groot probleem waardoor men het niet meer aan kan)
  17. de schepen achter zich verbranden (=een beslissing nemen en niet meer terug kunnen)
  18. een vogel voor de kat (=een hulpeloos slachtoffer, dat niet meer gered kan worden)
  19. uit het oog verliezen (=er niet meer aan denken)
  20. in de knoop zitten (=er niet meer wijs uitraken - van slag zijn)
  21. iets in de doofpot stoppen (=ergens totaal niet meer over praten, verzwijgen)
  22. geef, zodat je gevende blijft (=geef niet meer dan dat je kunt missen.)
  23. bij de pakken neerzitten (=geen oplossing meer zoeken, niet meer verder doen)
  24. al zijn kruit verschoten hebben (=geen verdere oplossingen meer weten - niet meer verder kunnen)
  25. in goede dorpen zijn/geraken (=genoeg verdiend hebben om niet meer te hoeven werken)
  26. ter ziele zijn / ter ziele gaan (=gestorven zijn of sterven, ook figuurlijk: iets dat niet meer bestaat of actief is)
  27. niet meer van vandaag (=het is ouderwets of niet meer acceptabel)
  28. je een ongeluk lachen (=hetzelfde als `In een deuk liggen`, niet meer bijkomen van het lachen)
  29. iemand de genadeslag geven (=iemand die al in grote moeilijkheden zit nog een probleem erbij geven zodat diegene het niet meer aan kan)
  30. iemand de bons geven (=iemand waarmee je een relatie hebt niet meer willen zien)
  31. dat wast al het water van de zee niet af (=iets is niet meer te veranderen/aan te passen)
  32. iets blauw blauw laten (=iets maar laten voor wat het is, er niet meer over praten)
  33. er de balen van hebben (=iets niet meer leuk vinden en willen dat het stopt)
  34. je moet geen goed geld achter slecht geld aangooien (=je moet geen geld besteden aan een zaak die niet meer in stand kan worden gehouden)
  35. schaamte de kop afbijten (=je niet meer schamen)
  36. in het schuitje zitten en mee moeten varen (=mee moeten doen, zich niet meer kunnen terugtrekken)
  37. met iemand breken (=met iemand niet meer verder werken, leven)
  38. na wat gepimpel, is de geest wat simpel (=na wat te hebben gedronken ben je meestal niet meer helder van geest)
  39. buiten de schreef (=niet meer acceptabel)
  40. erbij liggen als een blei (=niet meer bewegen)
  41. niet meer kunnen wegdenken (=niet meer kunnen missen)
  42. over het hoofd groeien (=niet meer onder controle te houden)
  43. er een vouwtje bij leggen (=niet meer over spreken)
  44. het hoofd verliezen (=niet meer weten wat te doen)
  45. het hoofd kwijt (=niet meer weten wat te doen)
  46. het hoofd loopt me om (=niet meer weten wat te doen (bv bij drukte))
  47. van zijn stuk raken (=onzeker worden en niet meer weten wat te zeggen)
  48. ook een raspaard schijt als een karhengst. (=rangen en standen maken mensen niet meer of minder waard)
  49. nu breekt mijn klomp (=van verbazing niet meer weten wat te zeggen)
  50. zand erover (=vergeet het maar (in de zin van : we praten er niet meer over))

50 dialectgezegden bevatten `niet meer`

  1. 'j est an zijne rekkere (=hij is niet meer te redden) (Knesselaars)
  2. 'j ét tzeel an (=niet meer te redden) (Knesselaars)
  3. 'k 'ndoe niemer mee (=ik doe niet meer mee) (Waregems)
  4. 'k ben heul'ndaal leeg (=ik kan niet meer goed nadenken) (Westerkwartiers)
  5. 'k ben nuh mijnen droad kwijt (=het verband niet meer zien) (Lovendegems)
  6. 'k ga versteekn (=ik krijg mijn eten niet meer op) (Waregems)
  7. 'k ziet 't al, de lâmp hânk scheef / Dat ken bruintjie niet meer trekku / me schort is bijna leeg / 't zwartu zoad is ook al op / 'k het niks meer te makkuh / ik het/hep/heb pijn aan me portemonnaie / portemetniks (=het geld is bijna op...) (Utrechts)
  8. 't e no (g) ne skooën'n, ge zijt no (g) ne skooën'n gij! (=afkeuren wie niet meer meedoet (laf gedrag) ) (Waregems)
  9. 't en e (s) niemer nooëdi (g) (=het hoeft niet meer) (Waregems)
  10. 't es d'r stommen ambacht (=zegt men van personen die niet meer met mekaar spreken)) (Meers)
  11. 't geld blift ien de wereld, wij goan d'r uut (=men heeft geld nodig maar niet meer dan nodig) (Westerkwartiers)
  12. 't huis der zuchten (word nu niet meer gebruikt) (=belastingkantoor) (Wetters)
  13. 't Is toch niks genodderd (=Het doet er niet meer toe) (Bevers)
  14. 't Nie meeë lange trekk'n (=niet meer lang leven) (Veurns)
  15. 't schuip es de preude af (=hij is uitgeteld / hijkan niet meer) (Lochristis)
  16. 'T spel es hespe (=het zal niet meer gaan) (Oudenaards)
  17. 't vat es af (=moe zijn, op zijn, niet meer verder kunnen) (Meers)
  18. 't wèrd te weirem onder zè gat (=hij voelde zich niet meer veilig) (Meers)
  19. ‘k kan ém nimmieër gerieken (=ik kan hem niet meer luchten) (Meers)
  20. ’t wirt wèirem onder zé gat (=hij voelde zich niet meer veilig) (Meers)
  21. ' k gerake versteld (=ik krijg mijn eten niet meer op) (Waregems)
  22. ' t groeit mij boov' m de kop (=ik heb het overzicht niet meer) (Westerkwartiers)
  23. ' t skop e (s) de bille of (=hij kan niet meer) (Waregems)
  24. ' t steekt d' oögn' oit (=niet meer om aan te zien) (Waregems)
  25. ' t zit doar skeeëf (=ze spreken elkaar niet meer) (Waregems)
  26. ' tschaap is de preut af (=ik kan niet meer) (Hams)
  27. a wet van giën out plaanke moake (=hij heeft niets en weet niet meer wat te beginnen) (Antwerps)
  28. a'j doot wa'j könt wat zeur iej dan nog (=je kunt niet meer doen dan je best, dus wat maak je je druk) (Twents)
  29. A'j t earste knoopsgat mist, krie'j t buis nich too (=Als je in het begin een fout maakt, komt het niet meer goed) (Twents)
  30. aa beem mauste nimei verplante (=oude mensen leven niet meer lang als ze moeten verhuizen) (Munsterbilzen - Minsters)
  31. aaner onnerwaarp . . (=ik wil het hierover niet meer hebben) (Westerkwartiers)
  32. aateréén geeste mich nog nimei kinne (=binnenkort ga je me nog niet meer herkennen) (Munsterbilzen - Minsters)
  33. Aggut nie mir wit vatte kit (=Als je het niet meer weet gebruik je kit) (Geldermalsens)
  34. Als ge het nie wit dan doede ut mee kit (=Als je het niet meer weet) (brabants)
  35. As boere nie mer knoaje en pastoers nie mer schojje is de wereld àn 't vergaon (=Als boeren niet meer mopperen en pastoors niet meer bedelen is de wereld aan het vergaan) (Wells)
  36. as ge ut nie mir wit, dan pur en kit (=Als je het niet meer weet, gebruik dan purschuim en kit) (Kaatsheuvels)
  37. aste kèndër sjiks, kraajgste kènder taus (=je kan niet méér terugkrijgen dan je wil geven) (Munsterbilzen - Minsters)
  38. aste kons triëver kalle, èssët ook al get ! (=oude mensen doen niet meer aan seks, maar er over kunnen praten lucht ook al op) (Munsterbilzen - Minsters)
  39. da kund'op oan buik schrèven / schrèeft da moar op oan buik (=daar hoef je niet meer op te rekenen) (Wichels)
  40. da lapste mich nimei (=dat doe je me niet meer aan) (Munsterbilzen - Minsters)
  41. Daai stôse zin ver allang verbij (=Daar komen we niet meer op terug) (Bilzers)
  42. daaj trékket nimei lang (=zij leeft niet meer lang) (Bilzers)
  43. daar taus nimei iëvër den dörpël te koëme (=je bent bij mij niet meer welkom) (Munsterbilzen - Minsters)
  44. dae den laeftj dae haet eine helle kop (=dat ligt nog ver in de toekomst; dat maken we waarschijnlijk niet meer mee) (Heitsers)
  45. dae hëbste opgeloje ! (=van die geraak je niet meer af !) (Munsterbilzen - Minsters)
  46. dae holt den daog nimei (=hij haalt de morgen niet meer) (Munsterbilzen - Minsters)
  47. dae höbbe ze ’t leileid aangedaon (=hij kan er na lang aandringen niet meer onderuit) (Heitsers)
  48. dae is vanne lègk aaf (=hij weet niet meer hoe hij het heeft) (Heitsers)
  49. dae kintj gein bein mieër bekinne (=hij kan niet meer op z’n benen staan) (Heitsers)
  50. Dae kump mich de boed neet meë in. (=Hij komt mijn huis niet meer in.) (Gelaens (Geleens))


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen