Spreekwoorden met `kwak`

Zoek

Eén spreekwoord bevat `kwak`

  1. aan de kwakkel zijn (=last hebben van de gezondheid)

7 dialectgezegden bevatten `kwak`

  1. 'n geute azijn of 'n scheut azijn (=een kwak azijn) (Overmeers)
  2. Beste kladde, beste kwak (=Veel van iets) (Hierdens)
  3. een heêle kwak (=nogal veel) (Zwartebroeks)
  4. ge zoet er de koede kwak van krieg' n, tis vo mieretetjes va te kriegn, Je kriegt d' r ennebubbels van (=je krijgt er kippevel van) (West-Vlaams)
  5. Koek zejt kwak en hij scheet appelpap (=Kaartterm: koeken troef) (Brakels)
  6. waat eine kwâk (=wat een onzin) (Weerts)
  7. zèn wuw blêef zitte meej un kwak klèèn jong (=zijn weduwe bleef achter met een stel kleine kinderen) (Tilburgs)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen