21 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `kopen`
- als het geld op is, is het kopen gedaan (=zonder liquide middelen zijn er geen uitgaven meer mogelijk)
- appelen/knollen voor citroenen verkopen (=oplichten, bedriegen)
- appels voor citroenen verkopen (=iemand oplichten.)
- de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
- een kat in de zak kopen (=iets kopen zonder het gezien te hebben - bedrogen worden)
- goed voordoen doet verkopen. (=presentatie is belangrijk als je iets wil verkopen)
- iemand een hengst verkopen. (=iemand een harde klap geven)
- iemand knollen voor citroenen verkopen (=iemand wat wijsmaken, met praatjes foppen)
- iemand kunnen verraden en verkopen (=iemand veel te slim af zijn)
- iets bij de roes kopen (=iets kopen in de staat zoals het is)
- iets bij de roes verkopen (=iets verkopen in de staat zoals het is)
- iets tegen de penning zestien verkopen (=iets zeer duur verkopen)
- iets voor een appel en een ei verkopen (=voor een erg lage prijs verkopen)
- je huid duur verkopen (=het niet gemakkelijk opgeven)
- je vel duur verkopen (=het slechts onder de grootste druk opgeven)
- je ziel en zaligheid verkopen (=absoluut alles opofferen)
- kunnen zakken en verkopen (=in handigheid ver overtreffen)
- op de boom verkopen (=boomvruchten verkopen voor ze geplukt zijn)
- op de lat kopen (=zonder te betalen iets kopen en daarmee schulden maken)
- verkopen terwijl hij erbij staat (=te slim af zijn)
- voor een prikje kopen (=voor een zeer lage prijs kopen)
25 betekenissen bevatten `kopen`
- op de boom verkopen (=boomvruchten verkopen voor ze geplukt zijn)
- dat raak je aan de straatstenen niet kwijt (=dat is niet te verkopen)
- de boer op gaan (=de (niet-fysieke) markt opgaan om iets te verkopen / verdwalen / de stad verlaten)
- iemand iets aansmeren (=iemand iets (weinig waardevols) verkopen)
- iets bij de roes kopen (=iets kopen in de staat zoals het is)
- op de pof komen (=iets kopen zonder direct te betalen)
- een kat in de zak kopen (=iets kopen zonder het gezien te hebben - bedrogen worden)
- de vlag dekt de lading niet (=iets onder een goede naam verkopen zonder dat het ook die kwaliteit heeft)
- iets aan de man brengen (=iets verkopen)
- iets bij de roes verkopen (=iets verkopen in de staat zoals het is)
- iets van de hand doen (=iets weggeven of verkopen)
- iets tegen de penning zestien verkopen (=iets zeer duur verkopen)
- je maag wel aan de kapstok kunnen hangen. (=in moeilijke financiële omstandigheden verkeren waardoor men weinig eten kan kopen.)
- een mens moet werken voor de brok en voor de rok. (=je moet werken om te kunnen eten en kleding te kunnen kopen.)
- uit zijn nek praten (kletsen) (=onzin verkopen)
- je slag slaan (=op het goede moment de kansen benutten, bijv. dingen kopen)
- goed voordoen doet verkopen. (=presentatie is belangrijk als je iets wil verkopen)
- aan de man brengen/helpen (=verkopen)
- met een zilveren hengel vissen (=vis kopen in plaats van vangen. Ook: doel bereiken met bedrog)
- iets voor een appel en een ei verkopen (=voor een erg lage prijs verkopen)
- op de kop tikken (=voor een goede prijs iets kopen)
- voor een prikje kopen (=voor een zeer lage prijs kopen)
- geen bokkensprongen kunnen maken (=weinig geld hebben om extra dingen te kunnen kopen)
- als warme broodjes over de toonbank gaan (=zeer goed verkopen)
- op de lat kopen (=zonder te betalen iets kopen en daarmee schulden maken)
45 dialectgezegden bevatten `kopen`
- 't ân de lat laote schrieve (=Op de pof kopen) (Genneps)
- 't is ne sjoefeljeir (=iemand die niets anders doet dan iets kopen en het terug verkopen) (Sint-Niklaas)
- Da keije naarugus meer kriege (=Dat kan je nergens kopen) (Flakkees)
- de broene op stâl zette (=niets meer kopen) (Weerts)
- de cent'n groei'n mij niet op 'e rug (=ik kan niet alles zo maar kopen) (Westerkwartiers)
- een kat in ene zak gelle (=een kat in een zak kopen) (Vlijtingens)
- een kiendje kopen (=een kind krijgen, bevallen) (Waalwijks)
- een kin indoen (=een kindje kopen) (Harelbeeks)
- een kind kopen (=een kind krijgen) (Lovendegems)
- ët toppunt van koeraasj : met zën lèste sente nog ne nauwe porteful kope (=het toppunt van optimisme : met je laatste geld een nieuwe portefeuille kopen) (Munsterbilzen - Minsters)
- Goeste es keup (=Goesting doet kopen) (Aalters)
- goestijë is kiuëp (=kopen wat je graag ziet) (Kaprijks)
- goesting is koup (=zin doet kopen) (Weerts)
- hém gieëlegaus in ’t nuut steken (=voor iemand nieuwe kleren kopen) (Meers)
- iet oep de poef koejpe (=iets op afbetaling kopen) (Turnhouts)
- iets an de lat loate schrieve (=op de pof kopen) (Genneps)
- in de roes (=iets ongezien kopen) (Bargoens)
- Je kunt het/dat (wel) op je buik schrijven/ Ik kan het /dat wel op mijn buik schrijven / (=Je kunt het vergeten / vergeet het maar / ergens naast grijpen. (bijv als je iets wilt kopen en dat net voor je neus weg is ) / pech hebben) (Utrechts)
- kiekë kos nog altijd niks (=kies en keur maar lang genoeg, voordat je overgaat tot kopen) (Munsterbilzen - Minsters)
- kopen (een kind kopen) (=bevallen) (West-Vlaams)
- mee bierschelekes kunde nie betaln (=geen geld hebben om iets te kopen) (Knesselaars)
- müt de uige kuipe (=winkelen zonder te kopen) (Opglabbeeks)
- nao Koetjee (Goutier) gaon (=Speelgoed kopen) (Heldens)
- nief: We zéll' n a volledeg in ' t nief steken (=We zullen je volledig nieuwe kleren kopen) (Lebbeeks)
- Oep de poef koeëpe (=Op krediet kopen) (Onze-Lieve-Vrouw-Waver)
- oog'n oop'm of de beurs oop'm (=let goed op wanneer je iets gaat kopen) (Westerkwartiers)
- op 'e lat koop'n (=nu kopen en later betalen) (Westerkwartiers)
- Op de latte kopen (=Op de pof kopen) (Zwols)
- op de plak kopen (=op krediet kopen) (Lovendegems)
- op de plak kuëpen (=op de pof kopen) (Wichels)
- op de plak kuupen (=op krediet kopen) (Gents)
- op de poef kiëpen (=op krediet kopen) (Melseels)
- op de poef koape! (=Op afbetaling kopen) (Tongers)
- op de poef kopen (poefen, ' t is ne poefer) (=niet contant betalen) (Sint-Niklaas)
- Op de pof leven / op de lat / ze kopen alles op de lat. ( vroeger werd je rekening met krijt op een lat geschreven met je naam erbij (bij de winkeliers) (=Alles kopen op afbetaling / schulden maken voor je dagelijks bestaan) (Utrechts)
- op de pof, op de lat iets kopen (=op afbetaling kopen, iets kopen maar later betalen) (Utrechts)
- op de reutel kôope (=op afbetaling kopen) (Tilburgs)
- op den plak kuupe (=iets op krediet kopen) (Gents)
- schrief tut me op (=op rekening kopen) (Zeeuws)
- Siesen de pennink jeunen (=kopen bij Francis) (Veurns)
- soëves bier mèt de maach, smërges watter aut de graach (='s avond geld met hopen, 's morgens geen om brood te kopen) (Munsterbilzen - Minsters)
- vrolluj en liêvendj mojje neet beej de lâmp koupe (=bij trouwen en het kopen van linnengoed, moet je goed uitkijken) (Weerts)
- Vuil geluup en wènig verkuup. (=Op de Voddekesmet bekijken de mensen veel, maar kopen ze weinig.) (Hals)
- wat op ' e kop tikk' n (=iets redelijk kunnen kopen) (Westerkwartiers)
- ze koop'n 't op 'e pof (=ze kopen het op afbetaling) (Westerkwartiers)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen