16 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `het wat`
- als het water zakt, kraakt het ijs (=elke oorzaak heeft gevolgen)
- dat kan al het water van de zee niet afwassen (=daar is niets aan te doen - dat kan je niet wegpraten)
- dat wast al het water van de zee niet af (=iets is niet meer te veranderen/aan te passen)
- de zon in het water kunnen zien schijnen (=kunnen verdragen dat een ander ook iets krijgt)
- de zon niet in het water kunnen zien schijnen (=jaloers zijn, iets niet kunnen verdragen)
- geld in het water gooien (=geld verspillen)
- het water is veel te diep (=hij durft het niet aan)
- het water komt aan/tot de lippen (=in groot gevaar, in hoge nood)
- het water komt op de dijk. (=de tranen komen op)
- het water loopt altijd naar de zee (=zij die al het meest hebben, krijgen ook het meeste)
- het water loopt hem in de mond (=hij heeft er heel veel trek in)
- in het water vallen (=falen (een opzet, een voornemen, een plan), mislukken, niet doorgaan)
- je als een vis in het water voelen (=je helemaal op je plaats voelen)
- je kan een paard wel in het water trekken, maar niet dwingen dat het drinkt. (=je moet iemand niet dwingen, zelfs niet tot iets leuks)
- leven als een vis in het water (=totaal tevreden en onbekommerd leven)
- met het water voor de dokter komen (=zeggen wat je bedoelt)
4 betekenissen bevatten `het wat`
- gezelligheid kent geen tijd (=als het gezellig is, is het niet erg als het wat later wordt)
- een paling (snoek) gevangen hebben (=iemand die per ongeluk in het water is gevallen)
- een snoek vangen. (=in het water vallen)
- een goeie vis moet drie keer zwemmen (=in het water, in de boter of kookvocht en in de wijn)
12 dialectgezegden bevatten `het wat`
- 't is niet altied rozegeur en moaneschien (=er zijn ook wel eens dagen dat het wat minder gaat) (Westerkwartiers)
- 't is wat! en as 't niet aans wordt blift 't wat (='t is wat! en als 't niet anders wordt blijft het wat) (Westerkwartiers)
- de pees afleggen (=het wat kalmer doen) (Lovendegems)
- die het wat op zien kaarfstok!! (=die heeft veel op zijn geweten!) (Westerkwartiers)
- gaef mich vendaog me daogl (=kan het wat minder) (Munsterbilzen - Minsters)
- hij het wat scharrelderij (=hij heeft een beetje verkering) (Westerkwartiers)
- maget wa miejer zèn (=mag het wat meer zijn) (Meers)
- Of 't get minder kint! (=Mag het wat minder?) (Roermonds)
- ouch good, zag de pater, d’r toen kraeg braodworst (=blij zijn met wat je krijgt ook als het wat tegenvalt. pastoor kreeg vaak de eerste proef: een lekker stuk karbonade, terwijl de lageren in rang (paters) het met kwalitatief minder goed vlees moesten doen)) (Heitsers)
- wel wat bewoart het wat (=wie wat bewaart heeft iets) (Westerkwartiers)
- wel wat spoart, het wat (=die wat spaart, die wat heeft) (Westerkwartiers)
- wil 't wat lukk'n? (=gelukken - wil het wat gelukken?) (Westerkwartiers)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen