Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


4 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `geloof`

  1. een geloof dat bergen kan verzetten (=een sterk geloof)
  2. geloof nooit iemand die in de ene hand water en de andere hand vuur draagt (=Wees niet lichtgelovig, niet iedereen is het vertrouwen waard)
  3. ik geloof er in als een jood in Jezus Christus (=ik geloof er maar weinig in)
  4. met een goed geloof en een kurken ziel drijft men de zee over (=met vertrouwen en optimisme kan men alles aan)

10 betekenissen bevatten `geloof`

  1. twee geloven op een kussen daar slaapt de duivel tussen (=als twee personen van een verschillend geloof trouwen, gaat het zelden goed)
  2. daar geeft de lommerd geen geld op (=daar heb ik niets aan - dat geloof ik niet)
  3. morgen brengen (=dat geloof je toch zelf niet! dat doe ik beslist niet!)
  4. de laatste der Mohikanen zijn (=de laatste zijn die nog ergens in gelooft)
  5. het achtste wereldwonder (=een ongelooflijk prachtig iets)
  6. een geloof dat bergen kan verzetten (=een sterk geloof)
  7. ik geloof er in als een jood in Jezus Christus (=ik geloof er maar weinig in)
  8. de wens is de vader van de gedachte (=je gelooft iets, omdat je wil dat het zo is)
  9. Het ringetje van de deur kussen (=Onderdanig / beleefd zijn voorbij geloofwaardigheid)
  10. De ganzen geloven niet dat de kuikens hooi eten. (=Zelfs bij domme mensen vinden ongerijmdheden geen geloof.)

Het dialectenwoordenboek kent 57 spreekwoorden met `geloof`

  1. Oudenbosch: Sienterklaos en zwaove (=geloofsleven te Oudenbosch)
  2. Brugs: t'i nie geloofluk (=niet te geloven)
  3. Munsterbilzen - Minsters: en aste dat nie geleefs maok ich tich get aanester wijs (=de kerstman geloofde nog in sinterklaas)
  4. Oudenbosch: geloofde gij da ? (=dat kan niet waar zijn)
  5. Bilzers: dae éstemét voert ! (=die gelooft dat ook nog)
  6. Boorsems: Es te miech neet geluifs, dan maak iech diech get anges wies. (=als je me niet geloofd, dan maak ik je wat anders wijs.)
  7. Munsterbilzen - Minsters: dae ester mèt voert ! (=hij gelooft dat ook nog !)
  8. Mestreechs: gelouf, geluive, iech geluif (=geloof, geloven, ik geloof)
  9. Leids: Juh zuster met die dikke duim (=Als je iemand niet gelooft)
  10. Oudenbosch: maok da oew moeder wijs (=dat geloof ik niet)
  11. Tilburgs: òch gaowèg ,dè gelêûft gin meens! (=ach nee toch, dat gelooft niemand!)
  12. Munsterbilzen - Minsters: hang dat on de kat hërre stat (=dat gelooft toch niemand)
  13. Sallands: gleu'k ... (=geloof ik ...)
  14. Sint-Laureins: ge ziet da van ierre (=dat geloof ik niet)
  15. Oudenbosch: ut zal mijne tijd wel dure (=ik geloof het wel)
  16. Sint-Niklaas: mijn oor ja! (=ik geloof niet dat het waar is)
  17. Mestreechs: wee dat geluif is gèk of simpel (=Wie dat gelooft is niet goed bij zijn hoofd)
  18. Bilzers: de kons mich zégge woste wils, mér... (=geloof het of geloof het miet, maar...)
  19. Deinzes: 't schilt! (=dat geloof ik niet)
  20. Hansbeeks: Da ziede van hiere (=Dat geloof ik niet)
  21. Gronings: magst mie leuven of nait (=geloof het of niet)
  22. Nijlens: Tzal wel zaan da (=Dat geloof ik niet)
  23. Bilzers: vas en ziëker éstat gene zievere (=geloof me, die is niet te vertrouwen)
  24. Hals: Aske da geluuft en a bedde afstojd, dein slopt op de planchei (=ik geloof het niet)
  25. Munsterbilzen - Minsters: as piepele hoj aete ! (=geloof je dat ?)
  26. Bilzers: das zever en pekskes (=dat geloof ik niet)
  27. Munsterbilzen - Minsters: t geloof ès noeë de K. (='t is ermee gedaan)
  28. Westfries: je líege dènk? (=dat geloof ik niet.)
  29. Gils: tzalwel (=daar geloof ik niks van)
  30. Helenaveens: Die is niks (=Hij/zij heeft geen geloof)
  31. Liwwadders: wat seist my nou? (=daar geloof ik helemaal niets van)
  32. Munsterbilzen - Minsters: tgeloof ès noë de botte (=ik geloof er niet meer in)
  33. Munsterbilzen - Minsters: tgloof ès noë de botte ! (=ik geloof er niet meer in !)
  34. Munsterbilzen - Minsters: as ich ter mene vinger nie kan ènstaeke (=ik geloof je niet)
  35. Bosch: Maor as gij ut zeet, dan geleuf ik oe gère wor (=Als jij het zegt, geloof ik je graag)
  36. Munsterbilzen - Minsters: aste da nie geleefs, maok ich tich get aanester wijs (=geloof me vrij !)
  37. Amsterdams: Ja, ik ben Blinde Maupie (=Ik geloof er niets van)
  38. Leissels: ik geleuf er gin zak van (=ik geloof er niks van)
  39. tervurens: ik paas er et maane van (=ik geloof hem niet)
  40. Sint-Niklaas: mok ta de kiekens wijs (=dat geloof ik niet)
  41. Sint-Katelijne-Waver: Kgeluuf er giên dèm van (=Ik geloof er niets van)
  42. Munsterbilzen - Minsters: trèk es ojn mene vinger ! (=ik geloof je niet !)
  43. Hedels: As ge 't zééjt, geleuf'k oe gèère (=Als jij het zegt, geloof ik het graag)
  44. Bilzers: ich meinde dat eekele onne boom hoenge (=ik geloof dat hier eikels rondlopen)
  45. Drents: Ie kunt wal ies geliek hebben (=Ik geloof er geen woord van)
  46. Munsterbilzen - Minsters: tès al stil ont front ! (=de kinderen slapen al, geloof ik)
  47. Lokers: 'k geluuef d'r geen kluueten van (=ik geloof er niets van)
  48. Sint-Niklaas: lot gè me gezond (=dat zal wel, dat geloof ik niet)
  49. Westfries: 't moet nôdig zo weze (=het zal wel, ik geloof 'r niks van, ja ja...)
  50. Zomergems: 't Ink mij da... of 'k peise da (=Ik denk dat... / ik geloof dat...)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen