Spreekwoorden met `er hebben`

Zoek

12 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `er hebben`

  1. de wind eronder hebben (=de ondergeschikten hebben angst)
  2. een aap op de schouder hebben (=een probleem hebben waar je niet vanaf komt.)
  3. een blinde passagier hebben. (=in verwachting zijn)
  4. een kater hebben (=zich beroerd en vervelend voelen (meestal na te veel alcohol))
  5. een keel als schuurpapier hebben (=een erg droge keel (keelpijn) hebben)
  6. er de wind onder hebben (=de schrik erin hebben zitten bij ondergeschikten)
  7. het niet meer hebben (=totaal in verwarring geraken - van de kook zijn)
  8. iets op je lever hebben (=dat je nog iets wilt uiten, dat er iets is dat je heel erg dwars zit en dat gezegd moet worden)
  9. in het vizier hebben (=in het oog hebben, binnen het gezichtsveld zijn)
  10. voor ieder gat een spijker hebben (=voor elk probleem een oplossing weten)
  11. water in je kelder hebben (staan) (=een te korte broek aanhebben)
  12. winter hebben (=arm zijn)

26 betekenissen bevatten `er hebben`

  1. een streep door de rekening halen (=de schuld van iemand kwijtschelden en het er niet meer over hebben)
  2. het land hebben aan iets/iemand (=een hartgrondige afkeer hebben)
  3. het hart op de goede plaats hebben (=een oprecht en menslievend karakter hebben)
  4. kunnen maken en breken (=er veel macht over hebben)
  5. goed en bloed voor iets offeren (=ergens alles voor over hebben (goed=bezittingen, bloed=het leven))
  6. iets in de vingers hebben (=ergens ervaring en deskundigheid over hebben opgebouwd, waardoor men met grote kwaliteit en zonder fouten te maken, zich hiermee bezig kan houden)
  7. rut zijn (=geen geld meer hebben)
  8. als een muis in de val zitten (=geen uitweg meer hebben)
  9. eten uit de korf zonder zorg (=geen zorgen meer hebben over zijn levensonderhoud)
  10. een aardje naar zijn vaartje (=het karakter van zijn vader hebben)
  11. een zoon van zijn vader zijn (=het karakter van zijn vader hebben)
  12. iets zwart op wit hebben (=het op papier hebben staan)
  13. de vis wordt duur betaald (=het vergt veel opoffering ( je moet er wat voor over hebben) om te krijgen wat je wilt)
  14. de beren zien dansen (=honger hebben)
  15. op een houtje bijten (=honger hebben)
  16. in zijn vuistje lachen (=in jezelf ergens plezier hebben / Op ietwat stiekeme wijze ergens voordeel van hebben)
  17. krom jezelf als je door de wereld wilt komen (=je moet er wat voor over hebben om iets te bereiken)
  18. met lege handen achterblijven (=niets meer hebben)
  19. een ridder te voet zijn. (=niets meer hebben)
  20. zo arm als Job (=niets meer hebben)
  21. op straat staan/zitten (=ontslagen zijn - geen onderdak meer hebben)
  22. liever te dik in de kist dan een feestje gemist (=plezier hebben is belangrijker dan lang leven)
  23. over het paard getild zijn (=te veel eigendunk hebben of een naar karakter hebben, doordat je zoveel geprezen of verwend bent)
  24. uit het goede hout gesneden zijn (=van goede afkomst zijn / een goed karakter hebben)
  25. wie mooi wil zijn, moet pijn lijden (=voor schoonheid moet je wat over hebben)
  26. wie honing wil eten moet lijden dat de bijen hem steken (=wie iets wil bereiken moet daar iets voor over hebben)

Eén dialectgezegde bevat `er hebben`

  1. Oevele moeje der een (=hoeveel moet je er hebben) (Maldegems)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen