Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `bies`

  1. iemand naar de barbiesjes wensen (=iemand verwensen)
  2. naar de bar(re)biesjes gaan (=totaal verloren gaan zonder dat er iets van overblijft (bijv. een schip dat vergaat))

Het dialectenwoordenboek kent 17 spreekwoorden met `bies`

  1. Opglabbeeks: bieskespeidje (=paadje achter bieskens)
  2. Moes: een pittig vrouwtje (=een biestje van trekken)
  3. Gronings: biestoan (=bijstaan)
  4. Twents: op 'n biester wèèn (=heel druk zijn)
  5. Westerkwartiers: da's niet biester mooi (=dat is niet erg mooi)
  6. Westerkwartiers: die is niet biester groot (=die is niet erg groot)
  7. Riemsts: De bis e bies (=Een beest zijn)
  8. Tilburgs: ik kom uit de biest (=ik ben een boer)
  9. Hals: fiesten gelijk bieste (=feesten als de beesten)
  10. Lovendegems: een stijte bieste (=iemand met een stoute tong*)
  11. Westerkwartiers: zij is 't spoor biester (=zij is de weg kwijt)
  12. Brussels: Do kreijgek de biesjkes von (=Daar kan ik niet tegen)
  13. tervurens: aaj es te biest vauj duud te doon (=hij is dom)
  14. Westerkwartiers: hij is 't spoor heulemoal biester (=hij is helemaal in de war)
  15. Zottegems: ei eet de schunste bieste van mijnen stal (=het beste gekozen)
  16. Lokers: wolde gulder ulder wulde biesten ne kier binnen oun (=moeit u met uw eigen zaken)
  17. Sallands: As 't kop van de rompe is eske'jn, is 't biest dood. (=Als de kop van het lichaam is geschieden, is het dier dood.)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen