526 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `NG`
- psalmen ziNGen (=schuren met baksteen en zand)
- rad/rap van toNG zijn (=snel praten / welbespraakt zijn)
- redeneriNG van Jan Kalebas (=dwaze onlogische redenering)
- roep geen hariNG voor hij in het net is (=wees niet te voorbarig)
- rozeNGeur en maneschijn (=totaal geluk)
- schenkiNG met de warme hand (=schenken terwijl men nog leeft (erfenissen))
- scherven breNGen geluk. (=dit zeg je om iemand zich minder schuldig te laten voelen)
- stilstand is achteruitgaNG. (=stil blijven staan leidt tot relatieve achteruitgang ten opzichte van anderen die vooruitgang boeken)
- streNGe heren regeren niet laNG (=wanneer een baas niet een beetje soepel is wordt het voor hem erg moeilijk)
- te vaNGen als een aal bij zijn staart (=moeilijk te vatten)
- te vies om met een taNG aan te pakken (=heel vies en smerig)
- tegen de draad iNGaan (=het er niet er mee eens zijn en er tegen in gaan)
- tegen de verdrukkiNG in groeien (=ondanks zware omstandigheden toch vooruit komen)
- terugverlaNGen naar de vleespotten van Egypte (=naar de goede tijden terugverlangen)
- tijd breNGt raad. (=geduldig zijn leidt tot betere beslissingen of oplossingen)
- tot de bedelstaf/bedelzak breNGen (=alle aardse bezittingen ontnemen)
- tot in leNGte van dagen (=tot het einde der tijden)
- tussen hemel en aarde haNGen (=in een lastige situatie verkeren)
- twaalf ambachten, dertien oNGelukken (=wie telkens van beroep verandert, slaagt uiteindelijk nergens in)
- uilen naar Athene breNGen. (=onzinnig werk (er zijn al wijzen=uilen genoeg in Athene))
- uit de band spriNGen (=uitbundig plezier maken, zonder rekening te houden met de regels van orde en fatsoen)
- uit de heNGstebron gedronken hebben (=erg veel gedichten schrijven)
- uit iemands aaNGezicht gesneden zijn (=sterk op iemand lijken)
- uit zijn vel spriNGen (=zeer kwaad zijn)
- van de dertig penniNGen niet gehad hebben (=niet al te slim zijn)
- van de hak op de tak spriNGen (=steeds weer van onderwerp wisselen en geen duidelijke rode draad in een verhaal hebben)
- van de os op de ezel spriNGen (=steeds van onderwerp veranderen)
- van leugens aaneenhaNGen (=altijd maar liegen)
- van pomp noch pompstaNG weten (=erg dom zijn, weinig weten)
- van twaalf ambachten en dertien oNGelukken zijn (=telkens ander werk doen maar er bij geen van allen iets terecht brengen)
- vaNG vossen met vossen (=je moet een slimme persoon vangen door slim te zijn)
- veel noten op zijn zaNG hebben (=veel eisen en wensen waaraan voldaan moet worden)
- veel varkens maken de spoeliNG dun (=als je met veel bent, moet je ook met veel delen)
- veranderiNG van spijs doet eten (=eens iets anders te doen doet de mens goed)
- veranderiNG van weide doet de koeien goed. (=afwisseling en verandering positieve effecten kunnen hebben)
- viNGer en duim naar iets likken (=iets erg graag lusten)
- viNGers en duimen aflikken (=iets erg graag lusten)
- vissen met de handen vaNGen (=profiteren van het werk van anderen)
- voeliNG hebben (=contact hebben)
- voeliNG houden met (=contact houden met)
- vogeltjes die zo vroeg ziNGen zijn voor de poes (=wie zo vroeg wil genieten komt bedrogen uit)
- voor de draNG der omstandigheden zwichten (=zich naar de omstandigheden schikken)
- voor een dubbeltje op de eerste raNG willen zitten (=tegen minimale kosten maximaal voordeel verlangen)
- voor het ziNGen de kerk uit (=coïtus interruptus)
- vreemde ogen dwiNGen (=de ogen van een vreemde heeft meer invloed op je dan van een bekende)
- waar geen vis is, is hariNG ook vis (=je moet voor alles moeite doen)
- waar het paard aaNGebonden is moet het vreten (=men moet zich naar de omstandigheden schikken)
- wat heb ik nou aan mijn fiets haNGen? (=wat gebeurt er nu voor iets raars?)
- wat het huis verliest, breNGt het weer terug (=als men iets in huis zoek maakt, komt het meestal vanzelf weer tevoorschijn)
- wat men afdiNGt is het eerst betaald (=als men het goedkoop krijgt, is het vlugger betaald)
891 betekenissen bevatten `NG`
- iemand een bril op de neus zetten (=iemand terechtwijzen of dwiNGen gehoorzaam te zijn)
- iemand het land opjagen (=iemand uit zijn humeur breNGen)
- een hoge Piet (=iemand van hogere raNG of stand)
- iemand de mond snoeren (=iemand verbieden iets te zeggen / tot zwijgen breNGen)
- bloot slaat dood (=iemand voor het blok zetten: iemand dwiNGen een keuze te maken)
- iemand uit kuieren sturen (=iemand wandelen sturen - niet geven wat hij verlaNGt)
- iemand uit het zadel werpen (=iemand wegwerken, iemand in verlegenheid breNGen)
- iemand de vrije teugel laten. (=iemand zijn eigen gaNG laten gaan)
- zo de wind waait, waait zijn jasje (=iemand zonder principes, die zonder eigen meniNG anderen naar de mond praat)
- de kleren maken de man (=iemands klediNG bepaalt het aanzien dat hij krijgt)
- iemands oogappel/ooilam zijn (=iemands lieveliNG zijn (vaak kind))
- de steen des aanstoots (=iets dat anderen hindert, in conflict breNGt of verdeeldheid zaait)
- tegen de maan blaffen (=iets doen wat totaal niet helpt / nodeloze bedreigiNGen uiten)
- van eeuwigheid tot amen duren (=iets duurt heel erg laNG, er komt maar geen einde aan)
- er je eigen plasje overheen doen (=iets een beetje veranderen zodat helemaal naar je zin is. In werksituaties kan dit soms uit de hand lopen, als er veel belaNGhebbers zijn die allemaal hun eigen plasje over een document willen doen. Het kan dan resulteren in een onleesbare tekst.)
- een stofje aan een weegschaal zijn (=iets erg onbelaNGrijks zijn)
- iets op zijn beloop laten (=iets gewoon maar verder laten gaan zonder dat je je ermee bemoeit, zonder dat je iNGrijpt)
- goedkoop is duurkoop (=iets goedkoops kan later kosten veroorzaken, bijvoorbeeld door slechte werkiNG, reparaties of onderhoud)
- er de boot mee ingaan (=iets hebben ondernomen, dat tot een totale mislukkiNG heeft geleid)
- de langste adem hebben (=iets het laNGst volhouden)
- een gevoelige snaar raken (=iets ligt erg gevoelig bij iemand, belaNGstelliNG hebben voor een bepaald onderwerp en iemand die dan aandacht heeft ervoor)
- tabak van iets hebben (=iets niet laNGer willen)
- een koopje leveren (=iets onaaNGenaams doen)
- op je dak krijgen (=iets onaaNGenaams krijgen)
- een potje te vuur hebben staan (=iets onaaNGenaams te verwachten hebben)
- uitstel van executie (=iets onaaNGenaams wordt tijdelijk uitgesteld Later gaat dit toch nog gebeuren)
- er niet om malen (=iets onbelaNGrijk vinden)
- geen oortje kunnen schelen. (=iets onbelaNGrijk vinden (oortje = ± een halve cent))
- iets voor het voetlicht brengen (=iets onder de aandacht breNGen)
- nog niet jarig zijn (=iets oNGunstigs te verwachten hebben)
- iets achter de hand hebben (=iets ter beschikkiNG hebben voor wanneer het nodig mocht zijn (bv nood))
- rozen op het pad strooien. (=iets veraaNGenamen.)
- er naar uitkijken als de pastoor naar het geld in het kerkenzakje (=iets vol verwachtiNG tegemoet zien)
- dat is een rijkeluiswens (=iets waar heel erg naar wordt verlaNGd)
- wat in het vat zit, verzuurt niet (=iets wat goed is en goed bewaard wordt, verliest zijn waarde niet / wat beloofd is zal ook worden iNGelost)
- het warm water (her)uitvinden (=iets wat reeds laNG bekend is, presenteren alsof het een originele innovatie is. (Niet verwarren met `het wiel opnieuw uitvinden`))
- mijn maag jeukt (=ik heb hoNGer)
- een onzevader bidden in alle kapelletjes (=in alle cafés laNGsgaan)
- in echec houden (=in bedwaNG houden)
- nood zoekt list. (=in benarde situaties worden oNGebruikelijke oplossiNGen gevonden)
- de kast indraaien. (=in de gevaNGenis komen.)
- tussen de wal en het schip geraken (=in de knel komen, iets raakt per oNGeluk verloren of zoek)
- aan het kortste eind trekken (=in de oNGunstigste positie zijn / verliezen)
- een tien met een griffel en een zoen van de juffrouw (=in de volksmond: De beste beloniNG voor een 19e eeuws schoolkind)
- in het diepe gegooid worden (=in een baan aan het werk moeten zonder iNGewerkt te worden)
- een kat in het donker/nauw maakt rare sprongen (=in een benarde situatie doet men vreemde diNGen)
- aan een balk, die uit het bos gehaald wordt, moet veel gehakt worden, voor hij in het huis past (=in een religieuze groep, verenigiNG, etc,: je kunt leden uit een gemeenschap winnen, maar hun moet wel geleerd worden zich aan te passen)
- aan de bedelstaf raken (=in een situatie terechtkomen waarin je geen geld of bezittiNGen meer hebt)
- met het mes in de buik zitten (=in grote aNGst verkeren)
- in rep en roer (=in grote opschuddiNG)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen