208 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `no`
- moet je nog peultjes (=wat zeg je daarvan!)
- mossel noch vis (=noch het een noch het ander - goed noch slecht)
- naar Canossa gaan (=zich aan een ander onderwerpen)
- niemand genoemd, niemand gelasterd. (=het vermijden van het noemen van namen voorkomt onnodige ruzie)
- niet alle winden schudden noten af. (=succes is niet altijd gegarandeerd)
- nog geen koude aardappel waard zijn (=weinig waard zijn)
- nog nat(/ niet droog) achter de oren zijn (=nog uiterst onervaren zijn, zodat men er niet over mee kan praten)
- nog niet jarig zijn (=iets ongunstigs te verwachten hebben)
- nog niet op eigen benen kunnen staan (=nog niet zichzelf volledig zelfstandig kunnen redden)
- nog te bezien staan (=nog af te wachten zijn)
- nomen nescio (=de niet genoemde persoon) (Latijn)
- nood breekt wet (=bij moeilijke omstandigheden is er meer geoorloofd)
- nood doet zelfs oude vrouwen rennen (=een onverwachte situatie kan verrassende kwaliteiten naar boven brengen (vergelijkbaar met `angst geeft vleugels`))
- nood leert bidden (=in nood leert men anderen om hulp vragen)
- nood zoekt list. (=in benarde situaties worden ongebruikelijke oplossingen gevonden)
- nooit troef verzaken (=overal bij zijn, altijd meedoen)
- nota bene (=noteer wel) (Latijn)
- ongenode gasten zet men achter de deur (=wie niet welkom is, laat men niet binnen of laat men zo lang mogelijk wachten)
- ook de ceders van Libanon worden afgehouwen (=ook heilige dingen vergaan)
- op een kratje zitten als dat nodig is (=bereid zijn om je aan te passen aan minder luxe)
- piano aan gaan (=heel rustig en langzaam gaan)
- rust noch duur hebben (=erg onrustig zijn)
- salvis titulis et honoribus (=zonder vermelding van eretitels) (Latijn)
- salvo honore (=met behoud van zijn eer) (Latijn)
- salvo honore et titulo (=met behoud van zijn eer en zijn titel) (Latijn)
- sap noch kracht hebben (=totaal geen waarde hebben)
- schoon genoeg hebben van (=meer dan genoeg hebben van, een hekel hebben aan)
- sine anno (=zonder opgave van jaar) (Latijn)
- sine loco et anno (=zonder opgave van plaats en jaartal) (Latijn)
- slot noch zin (=geen touw aan vast te knopen)
- slot nog zin hebben (=het is onlogisch)
- snoeien doet bloeien. (=tijdelijke opofferingen zijn nodig om op de lange termijn te kunnen gedijen en bloeien)
- snotterige veulens worden de gladste paarden. (=kwajongens die nergens voor lijken te deugen, worden vaak flinke mannen)
- stel niet uit tot morgen wat je vandaag nog kunt doen. (=wacht niet, morgen kan te laat zijn)
- taal noch teken van iemand vernemen (=niets van iemand horen/zien)
- van de nood een deugd maken (=zich naar de omstandigheden schikken)
- van god noch zijn gebod weten (=slechte dingen durven doen)
- van pomp noch pompstang weten (=erg dom zijn, weinig weten)
- van Teeuwes nog Meeuwes weten (=ergens van helemaal geen verstand hebben)
- van tijd noch uur weten (=hoegenaamd niet weten hoe laat het is - altijd te laat komen)
- van toeten noch blazen weten (=van iets geen verstand hebben)
- veel noten op zijn zang hebben (=veel eisen en wensen waaraan voldaan moet worden)
- vis noch vlees (=het is niet bruikbaar, omdat het niet duidelijk is)
- vlees noch vis (=het is niet bruikbaar, omdat het niet duidelijk is)
- vrienden in nood, honderd in een lood (=wanneer er zich problemen voordoen, laten vrienden je vaak in de steek)
- vroeger, toen kraaiden de hanen nog. Tegenwoordig gapen ze alleen nog maar, zei de dove (=veranderingen in een situatie zijn vaak niet feitelijk, maar een subjectieve beleving)
- vrouwenhanden en paardentanden staan nooit stil. (=een vrouw is altijd wel wat aan het doen)
- wat hansje niet leert zal hans nooit weten (=je moet het eerst leren om het later te kunnen)
- wat heb ik nou aan mijn fiets hangen? (=wat gebeurt er nu voor iets raars?)
- weten van kikken noch mikken (=nergens van weten)
264 betekenissen bevatten `no`
- in het niet zinken (=in vergelijking met iets anders nog weinig waarde hebben)
- het heertje zijn (=in zijn nopjes zijn)
- via de achterdeur (=indirect, onopgemerkt, stiekem)
- jij raapt nog geen stro van de aarde (=je hebt nog niets verwezenlijkt)
- je bent nooit te oud om te leren (=je kan altijd nog bijleren)
- een goed pad krom loopt niet om. (=je kunt beter geen onnodige veranderingen aanbrengen)
- wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje (=je kunt nooit boven de stand komen waarin je geboren bent. Arm geboren, zal wel arm blijven)
- de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
- je kan het dak op (=jouw wens wordt niet gehonoreerd)
- achter de schermen kijken (=kijken waar men normaal niet kan of mag kijken)
- op de vuist gaan (=knokken)
- een knuppel in het honderd gooien (=kritiek geven zonder namen te noemen)
- lang genoeg in de kreupelstraat gewoond hebben (=lang genoeg in de problemen gezeten hebben)
- denkt aleer gij doende zijt en doende denkt dan nog. (Guido Gezelle) (=maak een plan alvorens ergens aan te beginnen, en stel tijdens de activiteit het plan bij indien nodig)
- geen zorgen voor de dag van morgen (=maak je nu nog niet druk over mogelijke toekomstige problemen)
- er in zwemmen (=meer dan genoeg hebben)
- schoon genoeg hebben van (=meer dan genoeg hebben van, een hekel hebben aan)
- voor het opscheppen hebben (=meer dan genoeg hebben, zonder er iets voor te moeten doen)
- je in de kaart laten kijken (=meestal onopzettelijk een ander inzicht geven in je bedoelingen)
- niet bij brood alleen leven (=men heeft meer nodig dan alleen eten om te kunnen leven)
- neem je hoed niet af voordat je gegroet wordt (=men moet een ander nooit in de rede vallen)
- goed beslagen (=met de nodige kennis en ervaring)
- mutatis mutandis (=met de nodige wijzigingen)
- onder een staand zeiltje is het goed roeien (=met een klein vast inkomen, verdient men al gauw genoeg voor de kost)
- een lelijke noot met iemand te kraken hebben (=met iemand nog iets af te rekenen hebben)
- een veer (moeten) laten (=met minder genoegen moeten nemen)
- eieren voor je geld kiezen (=met minder genoegen nemen dan men eerder wilde)
- niet in tel zijn (=niet belangrijk genoeg zijn of genegeerd worden door anderen)
- tekortkomen (=niet genoeg (kunnen) doen)
- tekortdoen (=niet goed verzorgen, niet genoeg geven)
- uit je doen zijn (=niet in je normale toestand zijn)
- geen handbreed wijken (=niet opzij gaan, nooit bang is)
- van de regen in de drup (=niet veel opschieten, van moeilijke omstandigheden in nog moeilijkere omstandigheden terecht komen)
- met kunst- en vliegwerk (=niet volgens de normale gang van zaken)
- morgen komt er weer een dag (=niet zo haastig, morgen kan het ook nog)
- mossel noch vis (=noch het een noch het ander - goed noch slecht)
- nog te bezien staan (=nog af te wachten zijn)
- een appeltje met iemand te schillen hebben (=nog een vervelend onderwerp met iemand te bepraten hebben)
- de zaak nog eens aankijken (=nog even afwachten)
- heet van de naald (=nog heel nieuw (van een product))
- iets te verhakstukken hebben (=nog iets met iemand te bespreken hebben, nog iets te doen hebben)
- iets in het vet hebben (=nog iets voor iemand tegoed hebben)
- een veer van zijn mond kunnen blazen (=nog niet totaal uitgeput zijn)
- nog niet op eigen benen kunnen staan (=nog niet zichzelf volledig zelfstandig kunnen redden)
- uit de pot van Egypte eten (=nog thuis eten bij de ouders die voor je zorgen)
- geen ja en geen neen zeggen (=nog twijfelen aan het antwoord)
- nog nat(/ niet droog) achter de oren zijn (=nog uiterst onervaren zijn, zodat men er niet over mee kan praten)
- voor de boeg hebben (=nog voor zich hebben, te wachten staan)
- iets voor de boeg hebben (=nog werk te doen hebben. / nog iets mee moeten maken)
- als de kalveren op het ijs dansen (=nooit)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen