Spreekwoorden met `ll`

Zoek


305 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ll`

  1. een lulletje rozenwater (=een weinig dynamisch persoon)
  2. een mens is alleen onmisbaar bij zijn begrafenis (=niemand is onmisbaar.)
  3. een onzevader bidden in alle kapelletjes (=in alle cafés langsgaan)
  4. een proefballonnetje oplaten (=door het doen van een uitspraak de mening van anderen peilen)
  5. een put maken om een andere te vullen (=met de ene lening de vorige afbetalen)
  6. een rollende steen vergaart geen mos. (=voortdurende verandering werpen vaak geen vruchten af)
  7. een Salomonsoordeel vellen (=met een heel vraagstuk een zeer wijze en goede beslissing nemen)
  8. een schollekop (vissenkop) hebben (=een boeventronie hebben)
  9. een steek laten vallen (=een fout maken.)
  10. een stille in den lande zijn (=iemand die erg stil en ingetogen is of iemand die zich bijna nooit ergens mee bemoeit)
  11. een Tantaluskwelling zijn (=iets erg graag willen maar het (net) niet kunnen verkrijgen)
  12. een volle buik peinst op geen lege. (=iemand die genoeg te eten heeft is niet bezig is met de zorgen van een ander)
  13. een zware bevalling. (=iets waar je hard voor moet werken)
  14. eerste viool willen spelen (=de meest prominente taak willen vervullen, bijvoorbeeld als leider of woordvoerder van de groep)
  15. elke medaille heeft een keerzijde (=iets van twee kanten bekijken, aan iedere zaak zitten twee kanten, vaak een positieve en minder positieve kant)
  16. ellebogenwerk (=succes boeken door op slinkse wijze van anderen misbruik te maken)
  17. er een balletje over opgooien (=er voorzichtig over beginnen te praten om erachter te komen wat anderen ervan vinden)
  18. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  19. er ei of kuiken van willen hebben. (=alles willen weten)
  20. er gaat een belletje rinkelen (=ik begin het te begrijpen)
  21. er haring of kuit van willen hebben (=precies willen weten hoe het in elkaar steekt)
  22. er is nog nooit een kok gevonden die koken kan voor alle monden (=je kunt het niet iedereen naar de zin maken)
  23. er over vallen (=zich een probleem aantrekken)
  24. er paal en perk aan stellen (=orde op zaken stellen)
  25. er zijn pink wel voor willen geven (=iets heel graag willen hebben)
  26. erbij staan of men geen tien kan tellen (=er onnozel bijstaan)
  27. gezelligheid kent geen tijd (=als het gezellig is, is het niet erg als het wat later wordt)
  28. gierigheid is de wortel van alle kwaad (=door gierigheid ontstaan er veel problemen en is er veel ellende in de wereld)
  29. haring of kuit ergens van willen hebben (=hij wil iets zeker weten of uitgezocht zien)
  30. het achter de ellebogen hebben (=achterbaks; zonder zijn zelfzuchtige bedoelingen te laten zien)
  31. het fijne ervan willen weten (=willen weten wat er precies aan de hand is)
  32. het is alle dagen visdag maar geen vangdag (=als de buit of vangst tegen valt)
  33. het is goed sollen met een dood paard. (=iemand die geen verzet biedt, is een makkelijk slachtoffer)
  34. het is hollen of stilstaan (=van het ene uiterste in het andere belanden)
  35. het is maar hoe de kaarten vallen (=het hangt van het lot af)
  36. het is muis als moer, een staart hebben ze allemaal. (=beide opties zijn vervelend)
  37. het is niet iedereen gegeven ajuin met droge ogen te schillen (=niet iedereen doet het onaangename met de glimlach)
  38. het is volle bak (=het is helemaal uitverkocht; er zijn heel veel mensen)
  39. het krullen van de staart is het fatsoen van de hond. (=iedereen heeft wel een positieve eigenschap)
  40. het kwartje is gevallen (=hij heeft het begrepen)
  41. het laatste woord willen hebben (=de baas willen zijn)
  42. het loopt op rolletjes (=alles gaat als vanzelf)
  43. het naadje van de kous willen weten (=alle details willen weten)
  44. het niet meer kunnen navertellen (=er aan sterven)
  45. het onderste uit de kan willen (=het uiterste willen)
  46. het rijk alleen hebben (=doen en laten wat je wil)
  47. het tafellaken doorsnijden (=alle bindingen met iemand verbreken)
  48. het vat der Danaïden vullen (=nooit klaar komen met het werk)
  49. het waren allebeiden vuilaards. (=de een verwijt de ander iets waaraan hij zich)
  50. het zijn niet allen jagers die op de hoorn blazen. (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)

491 betekenissen bevatten `ll`

  1. het hoogste woord hebben (=baas zijn (of willen zijn))
  2. breek me de bek niet open (=begin daar maar niet over, want daar kan ik heel veel negatieve dingen over vertellen)
  3. heeft de duivel het paard gegeten, dan neemt hij de toom ook nog. (=ben je eenmaal in de macht van slechte mensen, dan wordt het alleen maar erger)
  4. heeft de duivel `t paard gegeten, dan neemt hij de toom ook nog. (=ben je eenmaal in handen van slechte mensen gevallen, dan verlies je alles.)
  5. er voor gaan (=besluiten aan een onzekere onderneming te beginnen en zich er volledig voor in te zetten)
  6. geen slapende honden wakker maken (=beter niet over een bepaald onderwerp beginnen / aan mensen die ergens niets van weten en het er wellicht niet mee eens zijn, niets erover vertellen)
  7. goed uit de verf komen (=beter tot uiting komen of succesvoller zijn dan verwacht.)
  8. van de sokken gaan/raken/vallen (=bewusteloos vallen)
  9. op je poot spelen (=boos uitvallen)
  10. ze waren fout (=collaborateurs en fascisten gedurende de Tweede Wereldoorlog)
  11. steen en been klagen (=constant en hevig klagen. (klagen bij alles wat heilig is, bv. botten (=been) in een graf (=steen)))
  12. daar kan de schoorsteen niet van roken (=dat brengt niets op / men kan niet alleen van vriendelijke woorden leven)
  13. dat is Beulemans Frans (=dat is slecht Frans spreken. In België zeggen de Vlamingen dat over Waals. Walloniërs op hun beurt vinden Vlaams weer slecht Nederlands)
  14. dat is het geheim van de smid. (=dat specifieke kennis die alleen vakmensen kennen)
  15. volgens Bartjens (=de allereenvoudigste rekenstof (als referentie aan onderwijzer Willem Bartjens die een bekend rekenboekje schreef))
  16. de boter alleen op zijn koek willen hebben (=de anderen niets gunnen - zelf alles willen hebben)
  17. het laatste woord willen hebben (=de baas willen zijn)
  18. aan de touwtjes trekken (=de baas zijn, alles regelen, het voor het zeggen hebben)
  19. pap in de benen hebben (=de benen willen niet meer vooruit)
  20. de puntjes op de i zetten (=de details erbij zetten - orde op zaken stellen)
  21. paal en perk stellen (=de grens leggen / een einde stellen aan)
  22. bomen ontmoeten elkaar niet, mensen wel (=de kans dat je iemand toevallig tegenkomt is groot)
  23. de jongste schepen wijst het vonnis (=de kinderen willen het het best weten)
  24. eerste viool willen spelen (=de meest prominente taak willen vervullen, bijvoorbeeld als leider of woordvoerder van de groep)
  25. de mens wikt, maar God beschikt (=de mensen maken allerlei plannen, maar het is niet aan hen of dat ook gebeurt)
  26. als een spin in het web (=de persoon of organisatie waar alles om draait)
  27. de wrijfpaal zijn (=de schuld krijgen (van alles))
  28. de tijd kent geen genade (=de tijd gaat sneller voorbij dan je denkt)
  29. met de helm (op) geboren zijn (=de toekomst kunnen voorspellen / bijzonder voorzichtig zijn)
  30. de kaart leggen (=de toekomst voorspellen)
  31. je planeet lezen (=de toekomst voorspellen)
  32. er geen doekjes om winden (=de waarheid onverbloemd vertellen)
  33. lector benevolente (=de welwillende lezer)
  34. het gras voor de voeten wegmaaien (=de woorden uit de mond nemen - alle kansen ontnemen)
  35. kreupel wil altijd voordansen (=de zwaksten willen het hoge woord hebben)
  36. dat varkentje zullen we even wassen (=deze opdracht zullen we even uitvoeren)
  37. tussen die twee was er geen chemie (=die twee mensen hadden te veel karakterverschillen om goed te kunnen samenwerken)
  38. je kan niet door een muur lopen, behalve als er een deur in zit (=dingen kunnen alleen gedaan worden als er een reële kans toe is)
  39. wie schrijft, die blijft. (=documenteer alles goed voor je eigen bestwil)
  40. haast je langzaam (=doe het zo snel mogelijk, maar niet sneller (uit het Latijn: Festina lente))
  41. te haaien en te draaien lopen (=doelloos ronddwalen)
  42. door de bomen het bos niet meer zien (=door alle details het overzicht verliezen)
  43. gierigheid is de wortel van alle kwaad (=door gierigheid ontstaan er veel problemen en is er veel ellende in de wereld)
  44. door vragen wordt men wijs (=door het stellen van vragen kun je veel te weten komen en veel kennis opdoen)
  45. alleen een piepend wiel krijgt olie (=door zich opvallend te gedragen bekomt men aandacht)
  46. alles wat los en vast is (=echt alles)
  47. jut en jul (=een apart of raar stelletje)
  48. boeren en varkens worden knorrend vet (=een boer die klaagt heeft daar wellicht geen reden toe)
  49. een doos van Pandora zijn (=een bron van problemen, ellende, ziekte en misère zijn)
  50. een te grote broek aantrekken (=een doel stellen waarvoor je niet de benodigde middelen hebt)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen