Zoek spreekwoorden met het woord:


0 1 Volgende



7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `aft`


1) de aftocht blazen. (=vertrekken als de situatie bedreigend of te moeilijk wordt.)
2) de handen van iemand aftrekken (=iemand niet langer steunen)
3) de klok luiden maar niet schaften (=wel beloven maar niet doen)
4) eten wat de kok/pot schaft (=eten wat er is (goed of slecht))
5) het kwaad straft zichzelf (=wie kwaad doet, kwaad ontmoet)
6) wie een kuil/put graaft voor een ander valt er zelf in (=wie een ander iets wil misdoen, kan er zelf het slachtoffer van worden)
7) zijn handen van iemand aftrekken (=iemand niet langer steunen)

4 betekenissen bevatten `aft`


1) lik op stuk krijgen/geven. (=afgestraft worden/afstraffen)
2) grote vissen scheuren het net (=hooggeplaatste personen worden niet zo gemakkelijk gestraft)
3) barbertje moet hangen (=ongeacht of iemand schuldig is moet die gestraft worden)
4) de mijn is verkeerd gesprongen (=ongeveer als: wie een put graaft voor een ander, valt er zelf in)

Het dialectenwoordenboek kent 53 spreekwoorden met `aft`


1) Twents: 'n Kleen neuske ko'j gaauw snuutn (=Gering in aanzien, snel aftroeven)
2) Munsterbilzen - Minsters: (da deeste nie !) op ielek pètsje passe dèkselke (=vraag eens aan die lesbienne wat de pot schaft)
3) Merenaars: a zal zè sjiejel ni aftrekken (=hij zal niet teveel doen)
4) Liedekerks: Aaft a toot (=Hou je mond)
5) Overijse: aaft aven bebber (=hou u mond)
6) tervurens: aaft aven doemp, smool too, bakkes too, aaft aa bakkes, aaft aaven bebber (=zwijg!)
7) sallands: Ai-j bange leaft, goah-j bange dood (=Durf te leven)
8) Ninoofs: d' affronten zanj afgeschaft vanas de skandoeëlen opgekommen zejn (=hij (zij) kent geen gêne)
9) Tilburgs: daor hek niks meej te schafte (=daar heb ik niets mee te maken)
10) Gronings: dat kin naait! (=het is helaas onmogelijk op de manier die u nu handhaaft.)
11) Sallands: dat zal oe beste reise nie weehn! (=dat zal niet onbestraft blijven!)
12) Sint-Niklaas: deur zèn eige luizen gebete wurren (=door zijn eigen fouten gestraft worden)
13) Oudenbosch: die gaon aart (=die vinden erg veel aftrek)
14) Westerkwartiers: doar heb 'k niks met te schaft'n (=daar heb ik niets mee te maken)
15) Marine jargon (veelal Maleis): eerst voorschaften, nu ketelaar (=meisje in verwachting)
16) Heels: emes snötte (=iemand aftroeven)
17) Munsterbilzen - Minsters: èn zen maole lotte zitte (=zich geld laten aftruggelen)
18) Herentals: Haaft a tanne jom! (=Hou uw mond!)
19) leefdaals: haaft aven teutter (=mond houden)
20) Mestreechs: iech höb miech in de boch goeijd (=ik heb mij zelf iets aan geschaft/gekocht)
21) Melseels: iemand ne kloët aftrekken (=iemand bedriegen, oplichten)
22) Antwerps: iemand ne kloet aftrekken (=iemand een loer draaien)
23) Walshoutems: iemand ne kloewt aftrekke (=Met iemand een grap uithalen)
24) Sint-Niklaas: iemand ne kloot aftrekken (=iemand benadelen)
25) Leeds: iemand ne kluet aftrekken (=iemand bedriegen)
26) ronsisch: Iemand ne kluut aftreeken (=Iemand een poets bakken)
27) Hulsters (NL): iemand un klôôt aftrekken (=iemand opzettelijk beduvelen)
28) Hamonter: iemet ne kloet aftrekke (=iemand in het zak zetten)
29) Zottegems: ienen ne kluut aftrek'n (=iemand bedriegen)
30) Brakels: ij ès uk nog nie tènden mee leev'n (=hij zal dit niet ongestraft doen)
31) Westlands: je vreet wat de pot schaft (=je eet wat er is klaargemaakt)
32) Liedekerks: kgon a slaun dag a gerek auslept (=ik ga je eens goed aftuigen)
33) Lebbeeks: kloeët: Ne kloeët aftrekken (=Een loer draaien)
34) Zottegems: ne klut aftrekken (=iemand foppen)
35) Overmeers: nen bidon nafte (=een bus benzine)
36) Booms: nen boek mé een stoaf koffersool (=een boek met een harde kaft)
37) lovendegems: nen kluut aftrekken (=iemand nadeel berokkenen)
38) Munsterbilzen - Minsters: noë mene lèste prei kos ich et aofbolle en den dop op gon (=na mijn laatste loon mocht ik het aftrappen en werd werkloos)
39) Munsterbilzen - Minsters: oppet strafbènske zitte (=gestraft zijn)
40) Brugs: otje totje veugelkotje, ottetotje of (=aftelrijmpje)
41) kemzekes: smeiring geven, aftoepen (=rammeling geven)
42) Zeeuws: t schofouwuusje (=schaftkeet)
43) Gents: t’es Tsiezeke Boeboe die eu straft (=het is een straf van God)
44) Lokers: Talieke talakke, mij voader zijn klakke, mij moeder heur'n oed die pas mij zue goed (=aftelrijmpje bij kinderspel)
45) Munsterbilzen - Minsters: vant verkeirde soët zin (=een lesbienne vragen wat de pot schaft)
46) Boksmeers: Vréte wa dun pot schaft! (=Eten wat er is!)
47) Lommels: wa schaft de pot? (=wat eten we vandaag?)
48) Munsterbilzen - Minsters: wae de dieër vër iemes ze gezich taugoejt, moet oplètte datter nie mèt zeneege haan ter tësse kump (=wie een kuil graaft voor een ander, moet opletten dat hij er niet zelf in valt)
49) Westerkwartiers: wel niet luuster'n wil moet voel'n (=wie niet luisteren wil wordt gestraft)
50) Oudenbosch: wij zijn aont aftelle (=het is bijna zo ver)

0 1 Volgende



Bron
De spreekwoorden en gezegden zijn voor het grootste deel afgeleid van Wikiquote: Nederlandstalige spreekwoorden, Nederlandstalige gezegden en Wikipedia: Lijst van Nederlandse spreekwoorden. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Tips en mededelingen
Mededeling: Nieuwe spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden zijn altijd zeer welkom. U kunt ze e-mailen naar info@dirkslot.com

Woordenboek

dag pragmatisch adequaat

Spreekwoorden

kat klok heilig boter

Vertalen



Encyclopedie


Recente zoekopdrachten

Tussen haakjes staat het aantal gevonden spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden
aft (7)
alles (5)
schuiven (7)
schip o (1)
stote (7)
duur (8)
hond in de pot vinden (1)
met een sisser (1)
iemand achter de broek/veren/vodden zitten (1)
iemand voor het hoofd stoten (1)
Uwv (1)
kot (2)
ouderdom (3)
de kurk (3)
Dat is ver van mijn bed (1)
© Woorden.org MMXI | Over woorden.org | Gebruikersvoorwaarden | Woord begint met...