pronken

werkw.
Uitspraak:  ['prɔŋkə(n)]
Vervoegingen:  pronkte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gepronkt (volt.deelw.)

nadrukkelijk showen om te laten zien wat je kan of wat je hebt
Voorbeeld:  `Ze pronkte met haar nieuwe sieraden.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
geuren paraderen pralen prijken schitteren

Spreekwoorden en zegswijzen
• met andermans veren pronken (=weglopen met de ideeen van een ander, met iets van een ander zelf gaan pronken)
Naar de spreekwoorden

3 definities op Encyclo
  • het laten zien om er indruk mee te maken vb: Fernando pronkt met zijn nieuwe fiets
  • 1) Als een pauw stappen 2) Bluffen 3) Bogen 4) Brageren 5) Floreren 6) Geur maken 7) Geuren 8) Koketteren 9) Opscheppen 10) Paraderen 11) Pochen 12) Prachen 13) Pralen 14...
  • pralen Jaar van herkomst: 1440 (MNW )
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    pronken (zich opgetooid vertonen, pralen)