liggen

werkw.
Uitspraak:  [ˈlɪxə(n)]
Vervoegingen:  lag (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gelegen (volt.deelw.)

1) horizontaal op een vlak rusten
Voorbeelden:  `op bed gaan liggen`,
`Mijn bril ligt op tafel.`
er duimendik bovenop liggen  (volstrekt duidelijk zijn)

2) in genoemde positie of toestand zijn
Voorbeelden:  `Die kostbare ring ligt zo maar voor het grijpen.`,
`op schema liggen`
voor de hand liggen  (vanzelfsprekend zijn)
eruit liggen  (niet meer gewaardeerd worden)
eruit liggen  (niet meer mogen meedoen aan een wedstrijd omdat je verloren hebt)

3) overeenkomen met je interesse of aard
Voorbeeld:  `Dat werk ligt me wel.`
Synoniemen:  passen bij, bevallen

4)
gaan liggen  ((van de wind) minder hard worden)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
begraven zijn lag lagen lig ligt rusten verblijf houden

Spreekwoorden en zegswijzen
• zwaar op de maag liggen (=iets een erg moeilijk probleem vinden)
• voor Pampus liggen (=dronken of bewusteloos zijn)
• samen onder een deken liggen (=een gezamenlijk standpunt innemen)
• overhoop liggen (=ruzie met elkaar hebben)
• op stootgaren liggen (=klaarliggen om in actie te schieten)
Toon alle 19 spreekwoorden die liggen bevatten

Taaladvies
  1. Is het Hij legt lekker in de zon of Hij ligt lekker in de zon? Zie Leggen / liggen
  2. Wordt deze samenstelling aaneen geschreven, of komt er een spatie tussen? Zie verafgelegen huis / veraf gelegen huis
  3. Hoe schrijf je het tweede woord in het kerstliedje `Hoe [leit] dit kindeken hier in de kou`: is het leidt, leit, lijdt of lijt? Zie Hoe leidt / leit / lijdt / lijt dit kindeken


4 definities op Encyclo
  • • [inerg] zich horizontaal in toestand van rust gelegd hebben. • [erga] op een bepaalde plaats bevinden. • [auxl] "~ te": duratief hulpwerkwoord iets doen terwijl m...
  • er zijn in uitgestrekte houding, horizontaal vb: moeten die flessen staan of liggen? hij ligt op sterven [hij sterft]
  • 1) Als een last zijn 2) Bedekt zijn 3) Begraven zijn 4) Bestaan 5) Bezig zijn 6) Een proces hebben 7) Gelegen zijn 8) Gesteld zijn 9) In bed vertoeven 10) In bed zijn 11)...
  • uitgestrekt zijn, zich bevinden Jaar van herkomst: 1100 (Willeram )
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met liggen:
    liggen aan

    Deze woorden eindigen op liggen:
    aanliggenachterliggendwarsliggenkromliggenneerliggenopenliggenoverhoopliggenstilliggenvoorliggen

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    liggen (zich in horizontale houding bevinden; zich bevinden)