haperen

werkw.
Uitspraak:  ['hapərə(n)]
Vervoegingen:  haperde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gehaperd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

even niet goed werken
Voorbeelden:  `De geluidsinstallatie haperde even, maar doet het nu weer.`,
`een haperend gesprek`
Synoniem:  blijven steken

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
blijven steken hakkelen mankeren stagneren stamelen stokken stotteren vastlopen

4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [gelijkvloeiend] (ik haperde, heb gehaperd), ontbreken, falen, stuiten; (zeew.) het roer hapert (stuit); [figuurlijk] waar hapert h...
  2. Uit `De lagere vaktalen: De spinners-en weverstaal` 1914 als de twesten niet goed van een scheiden en alzoo sommige draden tegen de tanden van den effenaar stuiken.
  3. 1) Belemmering 2) Blijven steken 3) Blijven vast zitten 4) Dralen 5) Falen 6) Gebroken praten 7) Greineren 8) Haken 9) Hakkelen 10) Herhaaldelijk of blijven steken 11) Ho...
  4. blijven steken Jaar van herkomst: 1351-1400 (MNW )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
haperen (blijven steken, in gebreke blijven)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `haperen`.