Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `wandelen`

  1. de gulden middenweg (houden/bewandelen/verkiezen) (=een tussenstandpunt of tussenoplossing verkiezen)
  2. de koninklijke weg bewandelen (=eerlijk zijn)

3 betekenissen bevatten `wandelen`

  1. een luchtje happen (=even buiten gaan wandelen)
  2. een luchtje scheppen (=even buiten gaan wandelen)
  3. iemand uit kuieren sturen (=iemand wandelen sturen - niet geven wat hij verlangt)

Het dialectenwoordenboek kent 15 spreekwoorden met `wandelen`

  1. Gents: me goan goan wandelen (=we gaan wandelen)
  2. Horster: aan de wapper ziën (=aan het wandelen zijn)
  3. Elspeet: De tippe rond (=Een rondje wandelen)
  4. Zaltbommels: een walleke pikken (=over de wal wandelen)
  5. Zeeuws: zis un wandelend nieuwsblad (=kletskous)
  6. Westerkwartiers: de diek uutgoan (=uitgaan/wandelen)
  7. Westerkwartiers: ik goa eem 'n schofke kuier'n (=ik ga even een poosje wandelen)
  8. IJmuidens: ff kantje pikken (=langs de haven lopen/wandelen)
  9. Munsterbilzen - Minsters: aofgesjieëp wiëne (=wandelen gestuurd worden)
  10. IJmuidens: een kantje pikken (=langs de haven wandelen)
  11. Sint-Niklaas: keffen (=redelijk snel wandelen)
  12. Westerkwartiers: de diek uut goan (=uitgaan/wandelen)
  13. Katwijks: we gaan Tah. (=wandelen met de baby)
  14. Sint-Niklaas: zis gô wandelen mè euren bink (vreir (=ze is gaan wandelen met haar vrijer)
  15. Rijsoords: Kwan ik gaot passies kuiere (zie ook onder Aalsmeer: zopas KJE) (=Kom, ik ga even wandelen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen