Spreekwoorden met `voor ie`

Zoek

20 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `voor ie`

  1. als de dood zijn voor iets (=heel erg bang zijn voor iets)
  2. de kastanjes voor iemand uit het vuur halen (=voor iemand anders het gevaarlijke werk of een lastig klusje doen)
  3. de ogen voor iets sluiten (=oogluikend toelaten)
  4. de vlag voor iemand strijken (=voor iemand onderdoen, zijn meerdere erkennen)
  5. een (goede) neus voor iets hebben (=precies aanvoelen hoe iets moet of gaat)
  6. een antenne hebben voor iets (=iets goed aanvoelen)
  7. een goed woord voor iemand doen (=iemand bij een ander aanbevelen)
  8. een lans breken voor iemand (=het voor iemand opnemen, voor iemand de best doen diegene ergens mee te helpen iets te verkrijgen)
  9. een open oog voor iets hebben (=voor iets open staan)
  10. een zwak voor iets of iemand hebben (=iets/iemand leuk of aardig vinden)
  11. goed en bloed voor iets offeren (=ergens alles voor over hebben (goed=bezittingen, bloed=het leven))
  12. je neus voor iets ophalen (=iets minderwaardig achten)
  13. je ogen voor iets sluiten (=doen alsof iets er niet is)
  14. voor ieder gat een spijker hebben (=voor elk probleem een oplossing weten)
  15. voor iemand door het vuur gaan/vliegen (=voor iemand alles overhebben, zich opofferen)
  16. voor iemand in het krijt treden (=iemand helpen en verdedigen)
  17. voor iemand kruipen (=van iemand schrik hebben , slaafs alles doen wat hij vraagt)
  18. voor iemand of iets zijn petje afnemen (=ergens respect voor hebben)
  19. voor iets moeten bloeden (=de gevolgen moeten dragen)
  20. zo klaar als een klontje voor iemand zijn (=het helemaal begrijpen)

33 betekenissen bevatten `voor ie`

  1. aan de veren kent men de vogel (=aan het uiterlijk (verzorging/kleding) kun je zien met wat voor iemand je te maken hebt)
  2. het lood al in de bil hebben (=al gestraft zijn voor iets. (geschoten zijn met een loden kogel))
  3. voor Sinterklaas spelen (=alle wensen vervullen, alles voor iedereen betalen)
  4. waar geen aardappelen gepoot worden, zullen er ook geen groeien (=als je niet een goed begin voor iets legt, zal er ook niets van worden)
  5. uit het oog, uit het hart (=de aandacht voor iemand verliezen, als die persoon niet meer in de nabijheid is)
  6. een deksel op de kop hebben (=de verantwoordelijkheid voor iets nemen)
  7. een blok aan het been (=een last zijn voor iemand anders.)
  8. voor elk wat wils (=er zit voor iedereen wel wat bij)
  9. met knikkende knieën (=erg zenuwachtig zijn voor iets)
  10. er is geen zalf aan te strijken (=ergens niets aan kunnen doen of geen enkel zinvol advies mogelijk voor iemand)
  11. iemand op handen dragen (=grote bewondering hebben voor iemand)
  12. als de dood zijn voor iets (=heel erg bang zijn voor iets)
  13. een lans breken voor iemand (=het voor iemand opnemen, voor iemand de best doen diegene ergens mee te helpen iets te verkrijgen)
  14. iemand ergens voor warm maken (=iemands interesse voor iets opwekken)
  15. iets prediken/verkondigen (=iets luid, voor iedereen, verkondigen)
  16. door dik en dun (=in goede en slechte tijden / alles overhebben voor iemand)
  17. aan een dood paard trekken. (=je inspannen voor iets, dat tot mislukken gedoemd is)
  18. op een blind paard wedden. (=je inzetten voor iets wat gedoemd is te mislukken)
  19. allemans vriend is iedermans nar (=je kan niet voor iedereen goed doen)
  20. met de pet naar iets gooien (=niet echt moeite voor iets doen, zonder inzicht schatten)
  21. iets in het vet hebben (=nog iets voor iemand tegoed hebben)
  22. zich de kaas niet van het brood laten eten (=opkomen voor iets)
  23. een oogje op iemand hebben (=tedere, mogelijk verliefde, gevoelens voor iemand koesteren)
  24. op ieder potje past wel een dekseltje (=voor iedereen bestaat er een geschikte levenspartner)
  25. geen pot zo scheef of er past een deksel op (=voor iedereen is wel een levenspartner te vinden)
  26. voor iemand door het vuur gaan/vliegen (=voor iemand alles overhebben, zich opofferen)
  27. de kastanjes voor iemand uit het vuur halen (=voor iemand anders het gevaarlijke werk of een lastig klusje doen)
  28. de vlag voor iemand strijken (=voor iemand onderdoen, zijn meerdere erkennen)
  29. een open oog voor iets hebben (=voor iets open staan)
  30. wat heb ik nou aan mijn fiets hangen? (=wat gebeurt er nu voor iets raars?)
  31. wat voor vlees men in de kuip heeft (=wat voor iemand (of iets) het is)
  32. weten wat voor vlees men in de kuip heeft (=weten met wat voor iemand men te doen heeft)
  33. de schouders eronder zetten (=zich voor iets inspannen)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen