Spreekwoorden met `vie`

Zoek

16 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `vie`

  1. de boer op de bok liet de teugels vieren, het paard kende zelf de weg wel. (=je moet niet doen alsof je de beste bent, iemand anders weet ook wel wat)
  2. de teugels laten vieren (=een minder streng beleid voeren)
  3. de vierschaar spannen. (=een rechtzitting houden. (vierschaar = middeleeuws gerechtelijk bestuur))
  4. een oortje in vieren zouden bijten (=erg gierig zijn)
  5. geen klaviertje over slaan (=alle bijzonderheden in acht nemen)
  6. het touw wat vieren (=het iets minder streng aanpakken)
  7. hoogtij vieren (=overvloedig aanwezig zijn)
  8. iemand het vierkante gat wijzen (=iemand de deur wijzen, wegsturen)
  9. iemand onder vier ogen spreken (=praten met iemand zonder dat anderen erbij zijn)
  10. onder vier ogen (=waarbij slechts twee personen aanwezig zijn)
  11. paarden vallen ook al hebben zij vier benen. (=iedereen maakt fouten)
  12. schampavie spelen (=zich heimelijk uit de voeten maken)
  13. te vies om met een tang aan te pakken (=heel vies en smerig)
  14. tussen de vier muren (=in een kamer opgesloten)
  15. vieze varkens worden niet vet (=wie overal vies van is, zal niet veel te eten krijgen)
  16. zo zeker als tweemaal twee vier is (=absoluut zeker)

21 betekenissen bevatten `vie`

  1. eet geen paaseieren op goede vrijdag (=alles op zijn tijd, het feest niet te vroeg vieren)
  2. de vierschaar spannen. (=een rechtzitting houden. (vierschaar = middeleeuws gerechtelijk bestuur))
  3. er is geen zalf aan te strijken (=ergens niets aan kunnen doen of geen enkel zinvol advies mogelijk voor iemand)
  4. de bocht achter/onder de arm houden (=extra voorzichtig zijn, iets nog niet garanderen. (een bocht houden in het touw dat je laat vieren))
  5. wat baten kaars of bril, als de uil niet zien en wil. (=gezegd als een koppig iemand advies of hulp negeert)
  6. te vies om met een tang aan te pakken (=heel vies en smerig)
  7. het was uien (=het ging bijzonder slecht, het viel bijzonder tegen)
  8. fiat justitia (=het recht moet zegevieren)
  9. fiat justitia et pereat mundus (=het recht moet zegevieren ook al vergaat de wereld)
  10. het is niet altijd kermis. (=je kunt niet altijd feestvieren.)
  11. geef een ezel haver en hij loopt naar de distels. (=mensen zijn soms koppig en willen geen hulp of advies)
  12. wijze raad Is halve daad. (=met verstandig advies ben je al halverwege om succesvol te zijn)
  13. iets in de wind slaan (=naar een advies niet naar luisteren)
  14. over zijn nek gaan (=overgeven, braken, iets vies vinden)
  15. bij de styx zweren (=styx is rivier in onderwereld)
  16. de bloemetjes buiten zetten (=uitbundig vieren)
  17. uit de bol gaan (=uitbundig vieren)
  18. met een sisser aflopen (=uiteindelijk viel het mee)
  19. allemans raad is allemans zot. (=volg niet blindelings het advies van iedereen)
  20. vieze varkens worden niet vet (=wie overal vies van is, zal niet veel te eten krijgen)
  21. de bovenhand krijgen (=winnen, zegevieren)

4 dialectgezegden bevatten `vie`

  1. (antwoord) ‘t eur es vie de zotte, de waaize weite uilen taaid (=Hoe laat is het) (Brussels)
  2. doë bèste nog nie mèt vië (r) dig (=dat zal nog hard werken zijn!) (Munsterbilzen - Minsters)
  3. jis zoî vie lik ne kattestroent (=hij is viesgezind) (Kortemarks)
  4. sa sè la vie (=je moet het leven nemen zoals het zich aandient) (Munsterbilzen - Minsters)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen