Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

10 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `stoel`

  1. als paddenstoelen uit de grond schieten (=snel en in grote massa tevoorschijn komen)
  2. de poten onder iemands stoel wegzagen (=iemands positie verzwakken)
  3. je mening niet onder stoelen of banken steken (=je mening niet verbergen, openlijk voor je standpunten uit durven komen, bij voorbeeld van afkeuring van iets)
  4. op de schopstoel zitten (=elk ogenblik ontslagen kunnen worden)
  5. op de wipstoel zitten (=elk ogenblik ontslagen kunnen worden)
  6. tussen twee stoelen in de as vallen (=er bekaaid vanaf komen)
  7. Tussen twee stoelen in de as zitten (=Niks uitvoeren / besluiteloos zijn)
  8. verrijzen als paddenstoelen na een regenachtige dag (=plots tevoorschijn komen)
  9. voor stoelen en banken praten (=maar weinigen die naar iemands verhaal luisteren)
  10. zich een stoel in de hemel verdienen (=zich door een goed werk onderscheiden)

3 betekenissen bevatten `stoel`

  1. opgestaan is plaats vergaan (=als je even wegloopt kan iemand anders op je stoel gaan zitten)
  2. Wortelen doet `t gat bortelen. (=Het eten van wortelen bevordert de stoelgang.)
  3. Wat was hij op zijn paardje. (=Wat werd hij driftig of wat zat hij op zijn praatstoel)

Het dialectenwoordenboek kent 13 spreekwoorden met `stoel`

  1. Sint-Niklaas: steeg van afgoan (=moeilijke stoelgang)
  2. Zottegems: t' stoelken (=bagagedrager ( fiets ))
  3. Waregems: stoeld oi (=ga zitten)
  4. Westerkwartiers: preek'n veur stoel'n en baank'n (=voor een (bijna) lege kerk preken)
  5. Waregems: ten iptelle (vb. nog 2 stoeln ten iptelle) (=op 't laatste nog bij te zetten/plaatsen)
  6. Westerkwartiers: hij stekt 'et niet onner stoel'n of baank'n (=hij komt er openlijk voor uit)
  7. Munsterbilzen - Minsters: hae zoet oppet tipke van zene stoel (=hij was zenuwachtig)
  8. Eindhovens: Wa èteh we vanoavon? èrpel of sloai? HEU stoel OP VIER! (=Wat eten wij vanavond? Aardappelen of sla? Hallo, zet je stoel op vier poten!)
  9. Waregems: t'n iptelle (vb. 2 stoelen/dozen...) (=bovenop het voorziene getal/gewicht/aantal)
  10. Sint-Niklaas: gift dien boer ne stoel (=als iemand een boer laat ....(zegt men dikwijls))
  11. Lichtervelds: ge zoed de stoel vanoender ze gat moetn trekkn (=hij blijft altijd lang zitten voor hij vertrekt)
  12. Dunges: Gift diejen boer un stoel (=uitspraak nadat iemand een boer heeft gelaten)
  13. Kortemarks: ge zoet de stoel van oendre ze gat moetn trekkn (=hij blijft maar zitten)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen