2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `steekt`
- daar steekt meer in dan een enkele panharing (=daar zit meer achter)
- een schurftig schaap steekt de hele kudde aan (=een slechte persoon in een groep, maakt de hele groep slecht)
3 betekenissen bevatten `steekt`
- klare wijn schenken (=eerlijk en duidelijk vertellen hoe de situatie in elkaar steekt)
- de schellen vallen hem van de ogen (=plotseling iets begrijpen hoe het in elkaar steekt)
- er haring of kuit van willen hebben (=precies willen weten hoe het in elkaar steekt)
46 dialectgezegden bevatten `steekt`
- Es te in ein koers d'n twieëdje veurbiej stuks bès te d'n twieëdje! (=Wanneer je in een koers de tweede voorbij steekt ben je de tweede!) (Kinroois)
- 't 'n steekt zooë nauwe nie (=zo nauwkeurig hoeft het nu ook niet te zijn) (Waregems)
- 't ang mijn voet'n uit (='t steekt mij tegen) (Zeels)
- 't kom nie ip e tette van ne mierebuk (=het steekt niet zo nauw) (West-Vlaams)
- 't sal mij nen éwen n'ond verlié'n (=het steekt mij erg tegen) (Brakels)
- 't steekt (=Het komt) (West-Vlaams)
- 't steekt nie op een adzuunpelle (=het komt niet zo nauw) (Wesdurps)
- 't steekt nie op een jûûnpelle (=Het komt niet zo nauw) (West Zeeuws Vlaams)
- 't steekt op gien andzjuunpelle (=Het steekt niet zo nauw; Het maakt niet (s) uit) (Gents)
- 't stikt op gin scharding (='t steekt niet zo nauw) (Veurns)
- ‘t een steek nie op een andzjuunpelle (=het steekt niet zo nauw) (Kaprijks)
- ' t steekt d' ooên oit, ' t es ' n leevnde skande (=het is schandalig) (Waregems)
- ' t steekt d' oögn' oit (=niet meer om aan te zien) (Waregems)
- ' t steekt nie nauwe (=het moet niet zo precies zijn) (Waregems)
- ' t steekt nie op een jûûnpelle (=Het komt niet zo nauw) (Zeeuws)
- ' t steekt oes teeg' n / ' t es oes verleeëd / ' t zit oes tot ier (=we hebben er genoeg van) (Waregems)
- bij hem komt alles op 'e weegschoal (=het steekt bij hem heel nauw) (Westerkwartiers)
- dae frit vanalles aut (=hij steekt van alles uit) (Munsterbilzen - Minsters)
- dae vink vanal(-les) aon (=hij steekt van alles uit) (Munsterbilzen - Minsters)
- dat kimp zoe na nie (=dat steekt niet zo nauw) (Bilzers)
- dat komt niet zo krekt heur (=dat steekt niet zo nauw hoor) (Westerkwartiers)
- de hëbs zën slip nog authange (=je hemd steekt nog niet in je broek) (Munsterbilzen - Minsters)
- de skellen binne my fan 'e ogen fallen (=nou begrijp ik hoe dat (zaakje) in elkaar steekt) (Leewarders)
- de zossëm ë knépke gaeve (=wat steekt hij toch allemaal uit) (Munsterbilzen - Minsters)
- doeë kraajg ich erm zin van (=dat steekt me hard tegen) (Munsterbilzen - Minsters)
- Éj, denk t'r an, dalik stikt ie oe! (=Pas op, zo dadelijk steekt ie jou! (insect)) (Helenaveens)
- het steekt nie op nen bos peeen (=het komt niet zo nauw) (Graauws)
- hij wiet woar Abraham de mosterd vothoalt (=hij weet hoe het in elkaar steekt) (Westerkwartiers)
- ie kent er de knopp'n van (=hij weet niet hoe het in mekaar steekt) (Waregems)
- Ie stikt mij de gek an (=Je steekt mij de gek aan) (Hoogeveens)
- ik wil wiet'n hoe de vörk ien 'e steel zit (=ik wil weten hoe het in elkaar steekt) (Westerkwartiers)
- kloeët' n: ' t Angd ie mijn kloeët' n oët (=Het steekt me hier tegen) (Lebbeeks)
- kyk nat t'andre (=wat steekt hij nu weer uit) (Harelbeeks)
- ne jan-moejal (=iemand die zijn neus overal tussen steekt) (Munsterbilzen - Minsters)
- oas 't moar iets es (=het steekt zo nauw niet) (Gents)
- Oas’t zuu nèwe steekt (=Als het zo nauw steekt - Als het zo juist moet zijn) (Gents)
- schiuëne van veërre moar veërre van schiuëne (=het steekt hem niet zo nauw) (Kaprijks)
- schuune van verre, moar verre van schuune (=het steekt niet nauw) (Gents)
- steekt er ne stek aan (=geef het op) (Deinzes)
- tes ol gin oar snien (=het steekt tegen) (Menens)
- tkump zoe na nimei, oer fortuun ès toch al gemok (=het steekt zo nauw niet meer, alles voor jou is toch al in kannen en kruiken) (Munsterbilzen - Minsters)
- tzit fijn inien (=het steekt goed in elkaar) (Brakels)
- Wècht, de vrigmès kèmt dich onner de hoemès out (=Vrouw, je onderkleed steekt onder het bovenkleed uit.) (Genker)
- wor ons Irre zij goedeeten in steekt (=een nietsnut die men tolereert) (Brakels)
- Z’ hee nen hoarink ingeslikt zonder groate; Heuren hutsepot es aangebrand. Heure rok wordt te kort. Z’ hèn heur nen trok gedroaid. Z’ hee’t zitten. Z’ hee poalink g’eeten. Den buik vol leve en de schuut vol troane. Z’ hee heur een buile gelupe. Z’ hee tege nen balk gelupe. Z’ hee poreisoepe g’eete. Z’ hee biljoart gespeeld. Ter es een bloarken uit heuren boek gescheurd. Ze goa winkol hèwe: heuren tuug steekt uit. Ze luupt mee een tonne. Ze zit vol. Ze moe kippe. (=Ze is in (blijde ) verwachting, ze is zwanger) (Gents)
- zaot gezaach mèr nichter gedaach (=achter zatte praat steekt soms veel denkwerk) (Munsterbilzen - Minsters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen