Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

3 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `reis`

  1. De reis is nog niet ten einde als men kerk en toren herkent (=Geef niet op voor het doel geheel is bereikt)
  2. een Keulse reis doen (=heel lang wegblijven)
  3. zelfs de beste breister laat wel eens een steekje vallen (=ook al kan iemand iets heel goed, hij of zij zal ook wel eens een fout maken; dat is vergeeflijk)

3 betekenissen bevatten `reis`

  1. de wijde wereld ingaan/intrekken (=(onbezorgd) op reis vertrekken)
  2. met bed en bult (=met alles wat men bijeen kan pakken op reis gaan)
  3. in behouden haven zijn (=veilig ergens zijn (bv na een reis))

Het dialectenwoordenboek kent 11 spreekwoorden met `reis`

  1. Waregems: ip (speel)vejoizje goan (=op (huwelijks)reis gaan)
  2. Liedekerks: Goje op vwajogge (=Ga je op reis)
  3. Wetters: op congé goan (=op reis gaan)
  4. Zwevegems: Noa woa goa j'ip vie-joyge (=Waar ga je op reis)
  5. Weerts: hae is in Roeëme gewaesj, mer hieët de paus neet gezeen (=een vergeefse reis maken)
  6. Antwerps: dië goa noar nieveroans (=iemand die niet op reis gaat)
  7. West-Vlaams: tis e beskeetn kommisje (=van een kale reis teruggekomen zijn)
  8. Gents: weeg goan me t vispoane op t gat (=gierig zijn op reis)
  9. Bilzers: hae és nog nautte dieër aut gewés (=hij is nooit op reis geweest)
  10. Sallands: dat zal oe beste reise nie weehn! (=dat zal niet onbestraft blijven!)
  11. Antwerps: dië goa noar korniesj da ligt dicht tege de panne (=iemand die niet op reis gaat)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen