Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `regel`

  1. de regels met voeten treden (=overtreden, voorschriften niet opvolgen / onbehouwen te werk gaan)
  2. de uitzondering bevestigt de regel (=overal zijn er uitzonderingen)
  3. tot in de puntjes regelen (=alles nauwkeurig regelen)
  4. tussen de regels door lezen (=de diepere betekenis van een tekst begrijpen)
  5. volgens de regels der kunst (=zoals het hoort)

29 betekenissen bevatten `regel`

  1. in kannen en kruiken zijn (=alles is geregeld)
  2. tot in de puntjes regelen (=alles nauwkeurig regelen)
  3. ons kent ons (=betrekkelijk afgesloten clubje mensen dat onderling de zaken regelt)
  4. Men poot de aardappelen wanneer men wil, ze komen toch niet in april (=Boerenregel. Aardappelen komen pas in mei uit)
  5. De aardappelen komen niet voor de eikenblaren (=Boerenregel. De aardappelplant begint te groeien als de eik in het blad komt)
  6. aan de touwtjes trekken (=de baas zijn, alles regelen, het voor het zeggen hebben)
  7. de eigen boontjes doppen (=de eigen zaken regelen zonder hulp van anderen)
  8. een scheve schaats rijden (=een misstap begaan. Een morele regel overtreden)
  9. brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
  10. een wet van Meden en Perzen zijn (=een regel waarvan nooit mag worden afgeweken)
  11. iets op een procrustesbed leggen (=een regeling zo toepassen dat hij er voordeel van heeft)
  12. doekje voor het bloeden (=een schrale troost, of een ontoereikende, slechts symbolische maatregel)
  13. Poolse landdag (=een wilde, ongeregelde bijeenkomst)
  14. de soep wordt nooit zo heet gegeten, als zij wordt opgediend (=er worden meestal minder zware maatregelen toegepast dan was aangekondigd)
  15. iets aan je laars lappen (=geen notitie nemen van regels, wet of voorschriften)
  16. het komt voor de bakker (=het komt in orde; het wordt geregeld)
  17. je bedje is gespreid (=je komt in een situatie terecht waarin alles al voor je geregeld is)
  18. nieuwe heren nieuwe wetten (=nieuwe bazen vaardigen ook nieuwe regels uit)
  19. andere heren andere wetten (=nieuwe bazen willen nieuwe regels)
  20. in het wild lopen (=ongeregeld verlopen)
  21. met een kanon op een mug schieten (=ophef maken om niks / overdreven zware maatregelen nemen)
  22. Eerst komt het eten dan de moraal. (=Overleven is belangrijker dan het volgen van regels.)
  23. als het kalf verdronken is, dempt men de put (=pas als het te laat is, neemt men maatregelen)
  24. de gestadige jager wint (=regelmatig doorzetten geeft het beste resultaat)
  25. uit de band springen (=uitbundig plezier maken, zonder rekening te houden met de regels van orde en fatsoen)
  26. een Poolse landdag (=wilde, ongeregelde vergadering)
  27. onder en boven de wet zijn (=zich niet aan de regels hoeven te houden)
  28. roomser dan de paus zijn (=zich overdreven precies aan de regels houden)
  29. te hooi en te gras (=zonder enige regelmaat of plan)

Het dialectenwoordenboek kent 31 spreekwoorden met `regel`

  1. Westerkwartiers: nogal gauw es (=met grote regelmaat)
  2. kortemarks: olle vuuf voetn (=met de regelmaat van een klok)
  3. Westerkwartiers: nogal gauw es (=regelmatig)
  4. Antwerps: 'k hem m'n regelemengten (=Ik ben ongesteld)
  5. Westerkwartiers: zij trekt an 'e touwkes (=zij regelt de boel)
  6. Sint-Niklaas: iets arranzjeren (=iets regelen)
  7. Dordts: Je kijkt regelrecht de Noord in (=Vrouw, rok aan, de benen gespreid)
  8. Nunspeets: A-j 's avens vissen willen, mu-j 's mannens de netten dreugen (=Tijdig je regelingen treffen)
  9. Westerkwartiers: dat komt om 'e hoaverklap veur (=dat gebeurt regelmatig)
  10. Mestreechs: tösse de regels door leze (=tussen de regels door lezen)
  11. Ostêns: da spil en, da brol en (=de regels hebben)
  12. Westerkwartiers: nije heer'n, nije wett'n (=nieuwe heren, nieuwe regels)
  13. Westfries: aldermetteres uitverdan (=regelmatig er op uit (uitje))
  14. Gents: tsuur an zein zoetche ein (=regelmatig ziek zijn)
  15. Mestreechs: get prebere te ritselle (=iets proberen te regelen)
  16. Zottegems: de wett'n spell'n (=de regels uitleggen (kwaad))
  17. Munsterbilzen - Minsters: iëver de roje gon (=buiten de regels gaan)
  18. Munsterbilzen - Minsters: ich höb nog n eeke mettich te pëlle (=we moeten onderling nog wat regelen)
  19. Westerkwartiers: dat gijt niet volg'ns jacobus (=dat gaat niet volgens de regels)
  20. Amsterdams: Bankzaken regelen (=Slapen op het bankstel)
  21. Westerkwartiers: ze kocht noagal gauw es nije schoen'n (=zij kocht regelmatig nieuwe schoenen)
  22. Munsterbilzen - Minsters: de roj vlag hink aut (=ze heeft haar regels)
  23. Munsterbilzen - Minsters: dat zin zen eege biznës (=dat moet je zelf maar regelen)
  24. Westerkwartiers: moest dij wel 'n beedje gedroag'n (=je moet je wel aan de regels houden)
  25. Bilzers: de Franse zin iëver de grêns\r\nde roj vod hink aut\r\nde russese vlag hink aut (=zij heeft haar regels)
  26. Sinttruins: et regelt aa vrouli (=het regent dat het giet)
  27. Westerkwartiers: ien 'e regel niet (=normaal gesproken niet)
  28. Westerkwartiers: nije meester, nije regels (=nieuwe meester, nieuwe leermethodes)
  29. Westfries: as je rekene op roze, draait 't in de regel uit op peerdebloeme (=Hou rekening met eventuele tegenvallers..)
  30. Munsterbilzen - Minsters: et hoofnauws wor al aofgeloope (=de nieuwslezer las tussen de regels)
  31. Sint-Niklaas: zeéd ur regels ; de roo vlag stikt uit ; de Russen zin dor (=menstrueren)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen