7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `niet met`
- iets niet met droge ogen kunnen aanzien (=letterlijk: gaan huilen/tranen bij het zien gebeuren van iets)
- iets niet met zijn geweten overeen kunnen brengen (=iets niet kunnen doen omdat men het niet goed vindt)
- je kan wel dansen al is het niet met de bruid (=je kan ook wel tevreden zijn met iets minder dan het beste)
- je kunt niet met twee voeten in één sok (=twee onverenigbare zaken kunnen niet worden gecombineerd)
- je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid (=je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen)
- niet met iemand door één deur kunnen (=niet met iemand kunnen samenwerken (door verschillen in persoonlijkheid.))
- wie in een glazen huis woont moet niet met stenen gooien (=wie schuldig is, moet zich niet laten opmerken)
8 betekenissen bevatten `niet met`
- van uitstel komt afstel (=als je iets niet meteen doet, loop je het risico dat het nooit meer gebeurt)
- niet kunnen rijmen (=dingen die niet met elkaar kloppen of het samen niet kunnen begrijpen)
- er van langs krijgen (=erge straf krijgen, al dan niet met een pak slaag)
- iets met de mantel der liefde bedekken (=iets niet met anderen bespreken maar stilzwijgen en accepteren)
- met geen pen te beschrijven zijn (=iets niet met woorden kunnen zeggen)
- als ik ze niet hoef te hoeden laat ik de ganzen ganzen zijn (=ik bemoei me niet met andermans zaken als het niet hoeft)
- niet met iemand door één deur kunnen (=niet met iemand kunnen samenwerken (door verschillen in persoonlijkheid.))
- zachte heelmeesters maken stinkende wonden (=sommige problemen kunnen niet met zachtheid opgelost worden)
50 dialectgezegden bevatten `niet met`
- 't vaalt niet met olle voss'n te vang'n (=ouderen met veel ervaring vang je niet snel) (Westerkwartiers)
- ' t es wat te zegge asje mét aoj wiêver motj gaon egge; ze verrékke det ze trékke, ze houwe en ze slaon en asje saovus toês kotj, hejje nog niks gedaon (=een wat oudere vrouw laat niet met zich sollen) (Weerts)
- ' t ging bij ' em ' t ene oor ien en ' t aaner oor uut (=hij luisterde niet met aandacht) (Westerkwartiers)
- a és tegen zè gedacht getraudj (=hij is niet met volle toestemming getrouwd) (Meers)
- a nie lotten doen (=niet met zich laten sollen) (Meers)
- aalk zijn kouse (=men moet zich niet met andermans zaken bemoeien) (Lokers)
- As' t je niet jokt moej niet krabben. (=Je moet je niet met andermans zaken bemoeien) (Drents)
- binne we lyke oud? of 'hewwe wij samen op skoal seten'? (=zijn we even oud? (tegen kinderen die niet met twee woorden spreken) ) (Leewarders)
- da's ze ok niet met de oost'nwiend aan komm' waai'n (=daar hebben ze stevig voor moeten ploeteren) (Westerkwartiers)
- daaj ès nie mèt een tang aoën te riere (=die is zo vuil (dat ik ze niet met een tang durf aan te raken)) (Munsterbilzen - Minsters)
- daddistureen mee jun gat indur aand (=zij kan niet met geld omgaan) (Oudenbosch)
- dat ging soender erg (=dat was niet met opzet) (Volendams)
- dat kump zau van wijd voert (=dat is niet met volle overtuiging) (Munsterbilzen - Minsters)
- dat kümp zau van wijd voert (='t is niet met volle goesting) (Bilzers)
- dat wichtje ken je niet zunner handschoen'n aanpakk'n (=dat meisje laat niet met zich sollen) (Westerkwartiers)
- de bès sjaun genoeg ! (=wees zo niet met je uiterlijk bezig) (Munsterbilzen - Minsters)
- de cent'n glied'n heur deur de vingers (=zij kan niet met geld omgaan) (Westerkwartiers)
- de kumps pas kieke (=je bent nog klein en kan niet met de ouderen meedoen) (Munsterbilzen - Minsters)
- De moes dich kènder nauts onderwènne (=Moei je niet met kinderkwesties) (Bilzers)
- dè paast nie meej Paose (=dat hoort niet met Pasen) (Tilburgs)
- die haet häök oppe tenj (=zij laat niet met zich sollen) (Heitsers)
- Die smeert de Brei uit over het Tapijt (=Die kan niet met geld omgaan) (Westfries)
- die van de klei vrije nie mee die van ut zaant (en aandersom ok nie) (=boeren uit de polder mengen niet met zandboeren) (Oudenbosch)
- doar moe je de droak niet met steek'n (=dat moet je wel serieus nemen) (Westerkwartiers)
- eeder mót mét ziene koeëze hoêze (=als iemand niet met zijn vrouw kan opschieten) (Weerts)
- Gij goa mee mijn gin elluf ure luien (=Ik laat niet met me sollen, ik laat me niet voor de gek houden) (Roosendaals)
- haach zën eege vër de gek (=niet met mij, kerel !) (Munsterbilzen - Minsters)
- haat zën eege vër de gek (=niet met den deze, hoor !) (Munsterbilzen - Minsters)
- Hij is het niet met oe iens (=Hij is het niet met je eens) (Hoogeveens)
- ich hëb al leed genoeg mèt mën eege (=ik bemoei me niet met anderen) (Munsterbilzen - Minsters)
- Ie kunt wal ies geliek hebben (=Ik ben het niet met je eens) (Drents)
- iemand (iets) achternoarlopen (=iemand niet met rust laten, moeite doen voor iets) (Sint-Niklaas)
- Ik kan niet mit hum akkederen (=Ik kan niet met hem opschieten) (Hoogeveens)
- ik ken 't host niet met dreuge oog'n zien (=ik heb er grote moeite mee om dit te moeten zien) (Westerkwartiers)
- ik wil niet ien zien vel zitt'n (=ik wil niet met hem ruilen) (Westerkwartiers)
- lipsaas: 't Es lipsaas (=Ze spreken niet met elkaar) (Lebbeeks)
- maan kluute, Pieroo! (weert mier gebruikt buite 't stad - an de Muije of op de Brugse Puurte, ' t Van Beeversplain, ba 't gemien volk ) / mein uure Pieroo / kbein nie takoort mee eu (=ik ben het niet met u eens) (Gents)
- ook nen aajl ès auts ë aajlskeikë gëwès (=verstand komt niet met de jaren) (Munsterbilzen - Minsters)
- Op zien èège zien (=Eenzelvig zijn, niet met anderen bemoeien) (Genneps)
- piek a piek zien (=niet met elkaar kunnen opschieten) (Veurns)
- spulde göllie nie meej höllie (=spelen jullie niet met hen) (Tilburgs)
- stommen ambacht (=niet met mekaar spreken, kleine ruzie) (Meers)
- strafel zau nie mette laokes (=zit zo niet met je tenen in de lakens te wroeten) (Munsterbilzen - Minsters)
- teute geraar (=niet met u) (Antwerps)
- tis beeld mao gièèn klank (=ze spreken niet met elkaar) (Kortemarks)
- tis doa beeld moa gièèn klank (=ze spreken niet met elkaar) (Lichtervelds)
- van de lange berg (=niet met veel inzet of plezier) (Bilzers)
- wae mét viër spiëlt, zal dër vïër vergon (=mensen die hun vingers branden, kunnen gewoon niet met vuur omgaan) (Bilzers)
- ze kan nie te peirde rien (=ze kan niet met het paard rijden) (Tielts)
- zit nie in oew neus te pulleken (=zit niet met je vinger in de neus) (Maas en waals)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen