Spreekwoorden met `moeste`

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `moeste`

  1. al moesten de kraaien het uitbrengen (=ooit wordt de zaak bekend)
  2. alles komt uit al moesten de kraaien het uitbrengen (=de waarheid komt altijd uit)

50 dialectgezegden bevatten `moeste`

  1. allewaajl moeste bekans zën ooge op zëne règ stoën hëbbe (=tegenwoordig moet je goed uit je doppen zien) (Munsterbilzen - Minsters)
  2. allewaajl moestë wol ogë mèt stêt hëbbë (=tegenwoordig moet je heel goed uit je doppen kijken !) (Munsterbilzen - Minsters)
  3. aoën den aaterkant van piëd en de viërkant van vrolaaj moeste vërzichtëg zin (=opgepast als je aan de achterkant van paarden of de voorkant van meisjes zit) (Munsterbilzen - Minsters)
  4. as et krievelt moeste krabbe (=als je goesting hebt, moet je zorgen dat het vanzelf overgaat) (Munsterbilzen - Minsters)
  5. assem wils daudsjiete, moeste mekan ne meiter boëve zene kop mikke; doë zit zen pretense (=hij heeft een heel dikke nek (een Hasselaar!) ) (Munsterbilzen - Minsters)
  6. assët ieëk, moeste dabbe (=als het jeukt, moet je krabben) (Munsterbilzen - Minsters)
  7. asset iëk moeste krabbe (=als het jeukt moet je sporten) (Munsterbilzen - Minsters)
  8. asset krievelt, moeste kretse (=als 't jeukt, moet je krabben) (Munsterbilzen - Minsters)
  9. assët krievelt, moeste kretse (=als je jeuk hebt, moet je krabben) (Munsterbilzen - Minsters)
  10. ast iëk moeste krabbe (=het staat geschreven en gedrukt, dat je krabben moetal het jukt) (Bilzers)
  11. aste beiste hëbs, moeste de stront terbij pakke (=elk voordeel heeft zijn nadeel) (Munsterbilzen - Minsters)
  12. aste bès gevalle, moeste mér trèg opstoën (=als je tegenslag hebt, moet je maar terugvechten) (Munsterbilzen - Minsters)
  13. aste bezoeëpe bés, moeste ielëk honsgezeek gojn zeeke (=als je veel gedronken hebt, moet je om de haverklap gaan plassen) (Munsterbilzen - Minsters)
  14. aste e kaaf wils zien, moeste nau èn de spiegel kieke (=dommerik, die je bent!) (Bilzers)
  15. aste èn e glaoze haus woens, moeste zelf nie mèt steen goeje (=gooi nooit je eigen ruiten in) (Munsterbilzen - Minsters)
  16. aste ént bootsje zits, moeste métroeje (=je doet er beter aan door mee te werken) (Bilzers)
  17. aste gees vèsse moeste iës wiëte ofter wol vès zit (=je moet de klok niet willen luiden als je niet weet waar de klepel hangt) (Munsterbilzen - Minsters)
  18. aste graot¨s hoëning wils pikke, moeste de stieke van de bienen ter mér bijpikke (=alle goed heeft ook zijn slechte kanten elke voordeel heb zijn nadeel(Cruyff)) (Munsterbilzen - Minsters)
  19. Aste hinne gees haate, moeste hunne stront terbij pakke (=Bij de lusten moet je ook de lasten nemen) (Bilzers)
  20. aste hinne wils hate moeste hunne stront terbij pakke (=bij de lusten moet je ook de lasten nemen) (Munsterbilzen - Minsters)
  21. aste hinne wilts hage, moeste de stront terbij pakke (=wie initiatief neemt, moet er de gevolgen van ook kunnen dragen) (Munsterbilzen - Minsters)
  22. aste ieëk hëbs, moeste krabbe (kretsë) (=als er iets stoort, moet je reageren) (Munsterbilzen - Minsters)
  23. aste iëk hëbs moeste krabbe (=de krab had duidelijk veel jeuk) (Munsterbilzen - Minsters)
  24. astë knaajn hëbs, moeste de kiëtële tërbij pakke (=elk voordeel heb zijn nadeel (Johan Cruyff)) (Munsterbilzen - Minsters)
  25. aste koeëletraajn verbij wor, moeste vër ganse tüp kiëlkes gon raope wo van de traajn worre gevalle (=onze kolenvoorraad werd aangevuld door het rapen van stukjes kolen die van de trein donderden) (Munsterbilzen - Minsters)
  26. aste krievël hëbs, moeste dabbe (=als je goesting hebt in iets, moet je toeslaan) (Munsterbilzen - Minsters)
  27. Aste nen iëzel wils leire daase moeste de zjuste meziek opzétte (=Probeer nooit het onmogelijke) (Bilzers)
  28. aste nie wilts heire, moeste mèr viele (=als je niet wil horen, moet je het maar voelen) (Munsterbilzen - Minsters)
  29. astë niks baeter kons autvènne, moeste zën klep haage (=blijf geen valse excuses zoeken) (Munsterbilzen - Minsters)
  30. Aste onder de pinnekesdroëd dürkrups, moeste oplette vür de stroom en de pinnekes (=het gras aan de overkant is altijd groener) (Bilzers)
  31. Aste sloëpend rijk wils wiëne, moeste iës zien én sloëp te geraoke (=rijk worden is niet gemakkelijk) (Bilzers)
  32. Aste sloëpend rijk wils wiëne, moeste zen ooge goed oëpe haate (='t is niet gemakkelijk slapend rijk te worden) (Bilzers)
  33. aste sop te heet és moeste bloeëze (=een beetje geduld hebben) (Bilzers)
  34. aste tot zëne nak èn de sjit zits, moeste zëne kop nie loëte hange (=als je dik in de miserie zit, moet je moed betonen) (Munsterbilzen - Minsters)
  35. aste van graute zaoke wils dreme, moeste zërge daste heil goed wakker bès (=dromen zijn bedrog) (Munsterbilzen - Minsters)
  36. aste vils moeste mèr trëg opston (=met vallen en opstaan) (Munsterbilzen - Minsters)
  37. astë wils dat ët miëlëke blif draeë, moeste zërge dattër genoeg wènd ès (=als je wil dat je goed kan leven, moet je zorgen voor inkomsten) (Munsterbilzen - Minsters)
  38. aster nie viël te doen wos, sjikden oos aars os noë t veld vür dikke steen te raope van den akker en daaj moeste v¨r ènnet kaarspoër umkippe (=als terapie moesten we van onze ouder ook dikke keien rapen van de akkers en daarmee de karsporen vopvullen) (Munsterbilzen - Minsters)
  39. biël zelf, dan moeste zene hond nie kommendiëre (=hou je bevelen voor jezelf) (Bilzers)
  40. Boeste dabs, moeste pikke (=Waar je werkt, moet je eten) (Bilzers)
  41. daaj moeste minstes ne meiter boëve hërre kop raoke vër ze daud te sjiete (=dat is een ingebeelde truut) (Bilzers)
  42. dat hèbste; zau moeste aonkoëme; zau moeste vaore (=dat komt ervan) (Bilzers)
  43. de höbs graut gelijk, mèr zwijge moeste (=al heb je gelijk, toch moet je luisteren...) (Munsterbilzen - Minsters)
  44. de koëlentrain oppët spoër van Zwatberg noeë Bulzen (via Eek en Spörk) reesde koële mètte vleet en vae as joeng gaste moeste daaj goën bijeenraope (=als de kolentrein van Zwartberg naar bilzen, over eik en Spurk, voorbij wasgekomen, moesten we van onze ouders kolen rapen, want die vielen er genoeg van de open wagons) (Munsterbilzen - Minsters)
  45. de kons zau mèr nie gek wiëne aste wilts, do¨*e moeste aoënlèg vër hëbbe (=gek word je zo maar niet vanzelf, daar word je mee geboren) (Munsterbilzen - Minsters)
  46. den hiemël ès hauch, mèr vër trèn te geraoke moeste dich toch boekkë (=je moet altijd nederig blijven) (Munsterbilzen - Minsters)
  47. dinke moeste ieëverloeëte aon ze pieëd, dat hèt ter de kop vër (=daar ben jij te dom voor!) (Munsterbilzen - Minsters)
  48. dinke moeste iëverlotte on ze piëd, dae hètter de kop vër (=denken moet je aan anderen overlaten die dat kunnen) (Bilzers)
  49. dinke moeste iëverlotte on ze piëd, dae hètter de kop vër (=denken moet je overlaten aan mensen die dat kunnen) (Munsterbilzen - Minsters)
  50. doë moeste gee graos lette iëver wasse (=die kans mag je niet laten varen) (Bilzers)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen