Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `moer`

  1. het moeras insturen (=de verkeerde richting op sturen)
  2. in het moeras zitten (=moeilijkheden hebben)
  3. mal moertje mal kindje (=als de moeder te veel toegeeft zal het kind niet deugen)
  4. uit het moeras helpen (=uit de problemen helpen)
  5. zo komt het kalfje weer bij zijn moer (=zo komt wat verloren was weer in orde)

2 betekenissen bevatten `moer`

  1. er komt een dominee voorbij (=er valt een plotselinge stilte in een rumoerig gezelschap)
  2. er Spaans aan toe gaan (=erg wild en rumoerig aan toe gaan)

Het dialectenwoordenboek kent 22 spreekwoorden met `moer`

  1. Bocholtz: moer (=wortel)
  2. Moerdijks: wezelijk waor (=echt waar)
  3. Ursels: hij es gereeen van Costers e moerhond (=hij is bedrogen)
  4. Westerkwartiers: proat toch dien moerstoal (=spreek toch een beetje normaal)
  5. Harelbeeks: 'T es lyk den deuvle en zyn moere (=Het is een prachtig koppel)
  6. Oudenbosch: tot aon de moerdijk aare ze bij Bels motte trekke (=chauvinisme regionaal)
  7. Munsterbilzen - Minsters: on de moer op kraupe van misiëre (=zijn pijn verbijten)
  8. Westerkwartiers: jan hoagel en zien grootmoeke (=jan rap en zijn moer)
  9. Moerdijks: witte gij da (=weet jij dat)
  10. Munsterbilzen - Minsters: tiëge de moer oplope (=bot vangen)
  11. Haarlems: Dat gaat je geen moer / geen reet aan (=Dat gaat je niks aan)
  12. Harlingers: gaan naar dien ouwe moer (=ga naar je oude moeder)
  13. Munsterbilzen - Minsters: vant keske noë de moer (=van her naar der)
  14. Iepers: ennet de moere en de buk van'tgeld / twoater lopt oal noar de zee (=over iemand die meestal geluk heeft met financiële transacties)
  15. Zaans: Oud, oud, de duvel is oud - en ze moer nag ouwer (=Over oud worden)
  16. Merenaars: kapt moer op (=stap het maar af)
  17. Zottegems: tes nen bum van ne vent moer ij es te kort afgezoagd (=een kleine man)
  18. Moerdijks: as ge 't nie wit, dan mottut behanguh (=iets anders doen als je er niet uitkomt)
  19. Munsterbilzen - Minsters: ich trèkket mich nie aon (=het kan me geen moer schelen als je een losse vijs hebt)
  20. Munsterbilzen - Minsters: dae kan nog gene naogel raech èn de moer kloppe (=die kan nog geen eenvoudige zaak oplossen)
  21. Rotterdams: ik heb de duvel en ze ouwe moer al gehad (=ik heb alles al meegemaakt)
  22. Zeeuws: ie is van n duvel en zn ouwe moer noh nie benauwd (=niet bang uit gevallen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen