Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

3 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `keert`

  1. de wal keert het schip (=door beperkingen enigerlei niet verder kunnen)
  2. er mankeert iets in zijn bovenkamer (=hij is niet goed bij zijn verstand)
  3. wie de pastoor niet eert, wie zijn absolutie riskeert (=om je ambitie te bereiken, moet je extra aardig zijn voor de hoge heren)

6 betekenissen bevatten `keert`

  1. In de nood eet de duivel vliegen. (=Als je in nood verkeert, stel je je tevreden met dingen die je anders zou weigeren.)
  2. Een gegeven paard mag men niet in de bek kijken. (=Als men een geschenk krijgt, dan moet men niet zoeken of er hier of daar wat aan mankeert.)
  3. ieder huisje heeft zijn kruisje (=er mankeert overal wel iets)
  4. het dunnetjes overdoen (=het nog een keertje op dezelfde manier herdoen)
  5. gedane zaken hebben geen keer (=wat voorbij is, keert niet meer weer)
  6. wie met honden omgaat, krijgt vlooien (=wie in slecht gezelschap verkeert, neemt slechte gewoonten over)

Het dialectenwoordenboek kent 4 spreekwoorden met `keert`

  1. Deinzes: Gekluut zij' toch. (=Hoe je 't ook draait of keert, er komen negatieve gevolgen.)
  2. Sint-Niklaas: zèn moag keert (=zijn maag is aan het opweroen)
  3. Sint-Niklaas: zèn moag keert, ei lot een boerken, ei lot ne mutten (=hij krijgt een oprisping krijgen bij het eten)
  4. Bilzers: Lik zen eege hiëfke sjaun te glore, dan zal t onkraud van de geboere dich nie bekore (=Als iedereen voor zijn eigen deur keert, is de ganse straat schoon)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen