Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `jaar`

  1. elke dag een draadje is een hemdsmouw in een jaar (=als je iedere dag een beetje doet komt het karwei uiteindelijk klaar)
  2. jaar en dag (=al heel lange tijd)
  3. morgen als kaatje verjaart (=nooit , dat stel ik liever uit)
  4. sinds jaar en dag (=al lange tijd)
  5. uit het jaar nul (=volkomen ouderwets, achterhaald, uit de mode)

6 betekenissen bevatten `jaar`

  1. Abraham gezien hebben (=50 jaar of ouder zijn)
  2. hoc anno (=in dit jaar)
  3. het gras in de knieën hebben (=lijden aan voorjaarsmoeheid)
  4. de klop is er op (=ze is 28 jaar)
  5. sine anno (=zonder opgave van jaar)
  6. sine loco et anno (=zonder opgave van plaats en jaartal)

Het dialectenwoordenboek kent 22 spreekwoorden met `jaar`

  1. Tilburgs: vant aaw int nuu speule (=de jaarwisseling vieren)
  2. Vlijtingens: de lompste buur heet de dikste jaarpellen (=geluk hebben)
  3. Westerkwartiers: doar moe 'k wel 'n joar veur kromlegg'n (=daar moet ik wel een jaarvoor werken)
  4. Sint-Niklaas: verlee joar (=verleden jaar)
  5. Olens: tênêstê joawar (=Volgend jaar)
  6. Sint-Niklaas: bingst tjoar (=binnen het jaar)
  7. Aarschots: Tege te neuste jaor (=Tegen volgend jaar)
  8. Tilburgs: zis zis, zisse (=ze is zes jaar, zei ze)
  9. Twents: ik ben kimberley en ik ben 15 jaar (=ik ben kimberley en ik ben15 jaar)
  10. Tilburgs: bliksem in unne kaolen bôom, gift hil ut jaor strôom. (=als het vroeg in het jaar onweert, zullen we een nat jaar krijgen.)
  11. Spakenburgs: dongders ârruge waarheid mingsen (=de blauwe worden dit jaar kampioen)
  12. Spakenburgs: onzin (=de blauwen worden dit jaar geen kampioen)
  13. Oudenbosch: bende vantjaor al dikkopkus wiesse vange ? (=heb je dit jaar al kikkervisjes gevangen ?)
  14. Denderleeuws: as asverleje jour (=dan vorig jaar)
  15. Aalsters: Tot noste joor (=Tot volgend jaar)
  16. Twents: ik ben kimberley en ik ben 15 jaar (=ik ben kimberkey en ik ben 15 jaar)
  17. Waregems: 'k rije mee tram zeevn (=ik ben zeventig jaar oud)
  18. Sint-Katelijne-Waver: Aad jaar Nief jaar twiê koeken is eu paar kwèns aa ne gelukkige nievejaar (=Oud jaar,nieuwe jaar twee koeken is een paar 'k wens je een gelukkig nieuwjaar)
  19. Heusdens: De boer ha 17 jung en os Merei heitte Tul os en,ooch nog Seefa en osse Jef heitte Fuin en osse Louis heitte Juul , da war fur het nie gemekklijk te maken (=de boer had 17 kinderen , allemaal jaar op jaar , 3 dochters heette Maria en werden , Tul , Mereë en Seefa genoemd, Onze Jozef heette Feun , onze Louis heete Jef en onze Henrie heette Juul, toch niet gemakkelijk he)
  20. Schijndels: binne un joar nie hih gevonde (=binnen een jaar niet heeft gevonden)
  21. Heusdens: chzen geflest en chmot twiede studejoar ble`ve zitte (=ik ben gebuisd en moet het tweede jaar overdoen.)
  22. Klemskerks: Je zie-gie zeekr van 't goe joar? Hiermee wijst men iemand terecht die onrealistische dingen verwacht van een ander. Zie ook 'Jij zijt zeker van alhier niet?' (=Jij zijt zeker van 't goed jaar?)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen