Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

Eén spreekwoord bevat `begrijpen`

  1. er geen drol van begrijpen (=ergens niets van begrijpen)

21 betekenissen bevatten `begrijpen`

  1. het licht zien (=begrijpen wat men daarvoor nog niet begreep, een oplossing komt in zicht)
  2. tussen de regels door lezen (=de diepere betekenis van een tekst begrijpen)
  3. niet kunnen rijmen (=dingen die niet met elkaar kloppen of het samen niet kunnen begrijpen)
  4. er geen touw aan vast kunnen knopen (=door de onduidelijkheid niet kunnen begrijpen wat er wordt bedoeld)
  5. ergens geen hout van snappen (=er niets van begrijpen)
  6. boven de pet gaan (=er niets van begrijpen)
  7. er geen drol van begrijpen (=ergens niets van begrijpen)
  8. zo klaar als een klontje voor iemand zijn (=het helemaal begrijpen)
  9. er is geen chocola van te maken (=het is niet te begrijpen)
  10. er niet bij kunnen (=het niet kunnen begrijpen)
  11. ergens kunnen inkomen (=het wel kunnen begrijpen)
  12. daar is geen woord Frans/Latijn/Chinees bij (=iedereen kan dat begrijpen)
  13. in zijn zak hebben (=iemand goed kennen, iets helemaal begrijpen, iets voor elkaar hebben)
  14. iemand te kort doen (=iemand te weinig geven of begrijpen)
  15. ergens geen hoogte van kunnen krijgen (=iets maar niet kunnen begrijpen)
  16. iets of iemand in de peiling hebben (=iets of iemand begrijpen)
  17. er gaat een belletje rinkelen (=ik begin het te begrijpen)
  18. kunnen behappen (=kunnen begrijpen)
  19. de schellen vallen hem van de ogen (=plotseling iets begrijpen hoe het in elkaar steekt)
  20. bij de pinken zijn (=snel dingen begrijpen, Handig en flink zijn, Vroeg opstaan)
  21. niet van gisteren zijn (=veel weten, veel begrijpen en snel doorhebben)

Het dialectenwoordenboek kent 17 spreekwoorden met `begrijpen`

  1. Opglabbeeks: 't leegt zeen (=begrijpen)
  2. Opglabbeeks: doa kan ich inkuume (=begrijpen)
  3. Veurns: Olles klienkeband voer aamerstèèrt verstoan (=Alles verkeerd begrijpen)
  4. Brugs: j'is duur de comprenuur (=hij is moeilijk te begrijpen)
  5. Zeeuws: noe breek mn klompe (=niet begrijpen)
  6. Lebbeeks: kop: Der gieëne kop au krijgen (=Het niet begrijpen)
  7. Zeeuws: je mo me hoed verstin/behriep mehoed (=begrijpen)
  8. Veurns: klienkeband vor oamerstèèrt verstoan (=verkeerd begrijpen)
  9. Sint-Niklaas: dor èk gene pak op (=iets niet kunnen vatten, begrijpen)
  10. Uiverwings: Ge zaat eune paijter gubbele (=Dat kan ik niet' begrijpen)
  11. Hulsters (NL): iet maor alf en alf beghrijpen, horen etc. (=iets niet te best begrijpen, horen etc.)
  12. Bilzers: nauts te aad vër te leire (=sommigen zullen nooit wat leren omdat ze niets begrijpen)
  13. Oudenbosch: ijis daor nooit aon uit kunne komme (=hij heeft dat nooit kunnen begrijpen)
  14. Liwwadders: ja hallo, daar ken ik niet feul fan begriepe (kenne jou miskien oek un bitsje gewoan doeën?) (=niet te begrijpen (doe toch eens normaal))
  15. Luyksgestels: 'r nie aon ùit kanne (=iets niet kunnen begrijpen)
  16. Westerkwartiers: dat woll'n ze niet ienzien (=dat wilden ze niet begrijpen)
  17. Munsterbilzen - Minsters: waer en vrolaaj konste nie veraandre (=vrouwen zijn er om van te houden, niet om te begrijpen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen