Spreekwoorden met `achte`

Zoek


107 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `achte`

  1. achter de coulissen kijken (=de echte toestand zien (ontdekken))
  2. achter de gordijntjes smullen (=in stilte opeten)
  3. achter de kiezen hebben (=opgegeten hebben)
  4. achter de knopen hebben (=opgegeten hebben)
  5. achter de puttings overboord vallen (=reddeloos verloren zijn)
  6. achter de rug om gaan (=iets stiekem doen)
  7. achter de rug zijn (=voorbij zijn)
  8. achter de schermen (=daar waar men het niet ziet)
  9. achter de schermen blijven (=geen bekendheid ergens mee willen krijgen terwijl diegene het wel bedacht heeft)
  10. achter de schermen kijken (=kijken waar men normaal niet kan of mag kijken)
  11. achter de tralies (=opgesloten)
  12. achter de veren zitten (=opjagen)
  13. achter de vodden zitten (=opjagen)
  14. achter de wolken schijnt de zon (=alle nare dingen zijn tijdelijk en daarna wordt het beter)
  15. achter het net vissen (=een kans missen)
  16. achter iemand zoeken (=iemand kwaad proberen te doen)
  17. achter iets zitten (=er de oorzaak van zijn)
  18. achter slot en grendel (=opgesloten)
  19. achterin de fuik zit de paling (=je moet geduld hebben)
  20. achterna kakelen de kippen (=achteraf is het makkelijk kritiek geven)
  21. achterom is kermis (=gezegd als voorlangs niet de voorkeur heeft)
  22. achteruit gaan als een hollend paard (=snel terrein verliezen)
  23. achteruit zeilen (=slechter worden)
  24. al is de leugen nog zo snel de waarheid achterhaalt haar wel (=leugens komen altijd uit)
  25. als de dagen lengen, gaan de nachten strengen (=het koudste deel van de winter valt na de kortste dag)
  26. daar is wel wachten maar geen vasten naar (=dat zal niet gauw gebeuren)
  27. dat schaap zal een zachte dood nemen. (=het wordt vergeten)
  28. de bocht achter/onder de arm houden (=extra voorzichtig zijn, iets nog niet garanderen. (een bocht houden in het touw dat je laat vieren))
  29. de bui afwachten (=rustig afwachten wat voor onheil er komt)
  30. de kip met gouden eieren slachten (=een iets met veel rendement wegdoen)
  31. de klok achteruit zetten (=terug naar oude toestanden gaan)
  32. de ossen achter de ploeg spannen (=de zaak verkeerd aanpakken)
  33. de schepen achter zich verbranden (=een beslissing nemen en niet meer terug kunnen)
  34. de voorsten doen wat de achtersten niet mogen (=wie eerst komt is in het voordeel)
  35. de wens is de vader van de gedachte (=je gelooft iets, omdat je wil dat het zo is)
  36. door de achterdeur weer binnenkomen (=onverwacht terugkomen op een afgeronde situatie)
  37. door het verleden achtervolgd worden (=problemen of fouten van vroeger blijven invloed hebben.)
  38. eb en vloed wachten op niemand (=de tijd gaat gewoon door)
  39. een achterdeurtje (=een manier om iets te ontduiken)
  40. een achterdeurtje openhouden (=een redmiddel in nood houden)
  41. een paard met een zachte mond moet men met zachte toom besturen. (=zachtaardige mensen moet men niet streng behandelen)
  42. een stok achter de deur (=een dreigement om iets gedaan te krijgen)
  43. een vraagteken plaatsen achter (=in twijfel trekken)
  44. er een punt achter zetten (=er voorgoed mee stoppen)
  45. er schuilt iets achter (=er is meer aan de hand dan op het eerste gezicht lijkt.)
  46. er zouden geen achterklappers zijn waren er geen aanhoorders (=er wordt alleen geroddeld als er ook naar geluisterd wordt)
  47. erbij staan voor Jan met de korte achternaam (=geen zinvolle activiteit hebben)
  48. flink wat achter de knopen hebben (=veel gegeten en gedronken hebben)
  49. gedachten zijn tolvrij (=iedereen mag vrij denken wat diegene wil)
  50. geen heil verwachten (=niets positiefs zien)

96 betekenissen bevatten `achte`

  1. als de ganzen (=achter elkaar op een rijtje)
  2. achterna kakelen de kippen (=achteraf is het makkelijk kritiek geven)
  3. van achteren kijkt men de koe in zijn gat (=achteraf is het makkelijk kritiek geven)
  4. het op de klompen aanvoelen (=achterafgepraat - Dat had men kunnen weten)
  5. het achter de ellebogen hebben (=achterbaks; zonder zijn zelfzuchtige bedoelingen te laten zien)
  6. als je geschoren wordt, moet je stilzitten (=als er scherpe kritiek op je is (je wordt geschoren), kun je beter rustig wachten tot het voorbij is, in plaats van erop in te gaan)
  7. wie kaatst kan/moet de bal verwachten (=als je een ander plaagt, kun je verwachten dat die jou terug gaat plagen)
  8. ongevraagd, ongeweigerd (=als je iets doet waarvoor geen toestemming is gevraagd kan het achteraf niet meer geweigerd worden omdat het al gebeurd is)
  9. daar steekt meer in dan een enkele panharing (=daar zit meer achter)
  10. die vlieger gaat niet op (=die gedachte gaat niet lukken)
  11. zoete broodjes bakken (=dingen zeggen om een goede indruk achter te laten bij mensen met invloed)
  12. recht praten wat krom is (=door een ingewikkelde, onjuiste redenering een onzuivere situatie, daad of besluit trachten van een rechtvaardiging te voorzien)
  13. je achter de oren krabben (=door een onverwachte, zorgelijke ontwikkeling tot nadenken gestemd zijn)
  14. de kat uit de boom kijken (=een afwachtende houding aannemen)
  15. als een donderslag bij heldere hemel (=een onverwachte gebeurtenis, die een grote schok teweeg brengt)
  16. nood doet zelfs oude vrouwen rennen (=een onverwachte situatie kan verrassende kwaliteiten naar boven brengen (vergelijkbaar met `angst geeft vleugels`))
  17. veel gewrijf en geschrijf (=eindeloze gedachtewisselingen)
  18. hem van jetje/katoen geven (=er vaart achter zetten)
  19. er muziek in zitten (=er veel van kunnen verwachten en/of plezier van beleven)
  20. er een balletje over opgooien (=er voorzichtig over beginnen te praten om erachter te komen wat anderen ervan vinden)
  21. ergens een potje te vuur hebben staan (=ergens noch wat zeer ongunstigs te verwachten hebben)
  22. altijd de oude knecht blijven (=geen vorderingen maken (ook geen achteruitgang))
  23. het uitzingen (=het einde ervan afwachten, het volhouden)
  24. als je alles van tevoren wist, dan kwam je met een dubbeltje de wereld rond (=het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als `Als ik dat van tevoren geweten had.`))
  25. als je alles van tevoren weet, ga je liggen voor je valt (=het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als `Als ik dat van tevoren geweten had.`))
  26. het is een pleister op een zere wonde (=het is bedoeld om het leed wat te verzachten)
  27. het is op een oor na gevild (=het is bijna klaar. Het is bijna achter de rug)
  28. je weet nooit hoe een koe een haas vangt (=het kan altijd nog op onverwachte wijze tot een oplossing komen)
  29. de bijl aan de wortel leggen (=het kwaad in de oorsprong trachten uit te roeien)
  30. je laatste troef uitspelen (=het laatste wat iemand achter de hand had naar buiten brengen)
  31. balsem in de wonde gieten (=het leed verzachten)
  32. iemand doodverven met iets (=iemand bestemd voor een post achten, iemand als de dader van iets afschilderen (doodverf is grondverf)[1])
  33. iemand met de nek aankijken (=iemand minachten of negeren.)
  34. iemand achter de bank schuiven (=iemand minachtend behandelen)
  35. iemand het nakijken geven (=iemand verslaan of achterlaten.)
  36. een spiering uitwerpen om een kabeljauw te vangen (=iets kleins aan een ander geven met de gedachte zelf iets groots terug te krijgen)
  37. je neus voor iets ophalen (=iets minderwaardig achten)
  38. een potje te vuur hebben staan (=iets onaangenaams te verwachten hebben)
  39. nog niet jarig zijn (=iets ongunstigs te verwachten hebben)
  40. naar iets vissen (=iets trachten te achterhalen)
  41. de scherpe kantjes er van afhalen. (=iets verzachten of minder extreem maken)
  42. troeven achter de hand houden (=iets voordeligs achterhouden, informatie achterhouden)
  43. ik ben geen uithangbord (=ik heb meer te doen, ik blijf niet wachten/zo staan)
  44. de rijzende/opgaande zon aanbidden (=in de gunst trachten te komen van iemand die succesvol is)
  45. aan het vinkentouw zitten (=in spanning iets afwachten en graag door willen)
  46. op je tandvlees lopen (=in totale uitputting voortdoen, zijn laatste krachten gebruiken)
  47. in het achterschip geraken (=in zaken achteruit gaan)
  48. het is een slechte muis die maar een hol heeft (=je doet er best aan een alternatieve oplossing achter de hand te hebben)
  49. de aanval is de beste verdediging (=je kunt in een strijd of ruzie beter zelf actie ondernemen dan afwachten)
  50. tegemoet zien (=kunnen verwachten)

7 dialectgezegden bevatten `achte`

  1. âchte (r) lijke dakhaos (=idioot) (Utrechts)
  2. âchte (r) lijke vaak ook nog et het woord imbeciel er expliciet achter. / gestoarde/ mafketel/ halleve zool (=imbeciel) (Utrechts)
  3. je sloeg in ne knoop, je sloeg in een achte (=hij zakte in elkaar) (Kortemarks)
  4. je volt in ne strek, zn battrie is of, je slaot in een achte (=hij is doodmoe) (Kortemarks)
  5. jis in een achte gesleegn (=hij is onwel geworden) (Lichtervelds)
  6. jis in een achte gesleegn (=hij is onwel geworden) (Kortemarks)
  7. kgoa jin een achte sloan (=ik zal je een rammeling geven) (Lichtervelds)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen