Spreekwoorden met `wi`

Zoek


360 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `wi`

  1. niet in de wieg gesmoord (=niet van bij de opkomst vernietigd - al oud)
  2. niet van de wind kunnen leven (=moeten werken om alles te kunnen betalen)
  3. om de vinger winden (=er gemakkelijk baas over worden)
  4. omwille van het smeer likt de kat de kandeleer (=omwille van het loon doet men een werk)
  5. op de eerste april zendt men de gekken waar men wil (=op 1 april worden grappen uitgehaald)
  6. op de wip zitten (=elk ogenblik ontslagen kunnen worden)
  7. op de wipstoel zitten (=elk ogenblik ontslagen kunnen worden)
  8. op een strowis komen aandrijven (=helemaal berooid en arm ergens komen)
  9. op eigen wieken drijven (=zich volledig kunnen redden van het geld dat iemand verdient)
  10. oude wijn in nieuwe zakken (=de zaken zijn anders gepresenteerd, maar niet wezenlijk veranderd)
  11. over smaak valt niet te twisten (=over verschil in smaak moet men geen ruzie maken)
  12. paard in de wieg, kind in de wei (=uitdrukking van ongeloof gebruikt als iemand erg overdrijft. )
  13. parels/paarlen voor de zwijnen werpen (=het goede verspillen aan hen die het niet verdienen/waarderen)
  14. pluimen in de wind waaien (=iets doen zonder na te denken)
  15. rozen (paarlen) voor de zwijnen werpen (=geld of moeite verspillen aan iets nutteloos)
  16. rozen voor de varkens/zwijnen strooien (=iets goed doen voor mensen die dat niet waarderen)
  17. spreeuwen willen wel kersen eten, maar geen bomen planten. (=wel van alles willen profiteren, maar er niets voor willen doen.)
  18. tegen wil en dank (doen/zijn) (=met tegenzin)
  19. tegen windmolens vechten (=tegen irreëele gevaren/zaken vechten)
  20. tel uit je winst (=kijken en doen waar je het meeste voordeel bij hebt, `zie je wel!`)
  21. twee ruggen uit een varken willen snijden (=uit één ding dubbel het voordeel willen halen)
  22. twist verkwist. (=je schiet niets op met ruzie maken)
  23. twisten om des keizers baard (=om kleinigheden ruzie maken)
  24. uit een olievat zal men geen wijn tappen. (=verwacht geen goede dingen van slechte mensen)
  25. uit het zadel wippen. (=ontslaan of uit een functie zetten)
  26. uit wiens hand men eet wiens woord men spreekt (=diegene bij wie we ons geld verdienen geven we meestal gelijk)
  27. uitdrogen als een Harderwijker (=alsmaar vervelender worden)
  28. van de hand slaan/wijzen (=niet aannemen)
  29. van de wieg tot aan het graf (=van de geboorte tot aan de dood)
  30. van eeuwigheid tot amen duren (=iets duurt heel erg lang, er komt maar geen einde aan)
  31. van koper blijf je proper en van ijzer word je niks wijzer (=koper is veel waard, ijzer niet)
  32. veel wit in de ogen hebben (=een slechte aard hebben)
  33. veld winnen (=steeds belangrijker worden)
  34. verkopen terwijl hij erbij staat (=te slim af zijn)
  35. vis moet (wil) zwemmen (=bij een goede maaltijd hoort een goed glas wijn (bier))
  36. voor de drang der omstandigheden zwichten (=zich naar de omstandigheden schikken)
  37. voor de wind gaan (=voorspoed hebben)
  38. voor de wind is het goed zeilen (=onder gunstige omstandigheden is het gemakkelijker succes te hebben)
  39. voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten (=tegen minimale kosten maximaal voordeel verlangen)
  40. voor elk wat wils (=er zit voor iedereen wel wat bij)
  41. voorzichtigheid is de moeder der wijsheid (=doe het voorzichtig, dan komt er geen schade)
  42. vreemde ogen dwingen (=de ogen van een vreemde heeft meer invloed op je dan van een bekende)
  43. waar een wil is is een weg (=als je iets echt wilt, dan zul je ook slagen /de weg vinden naar je doel)
  44. waar meerderman komt moet minderman wijken (=als een machtig persoon iets zegt, moet de minder machtige zwijgen)
  45. wat baten kaars en bril als de uil niet zien en lezen wil (=het is vruchteloos iemand te willen voorlichten als hij dat niet wil)
  46. wat baten kaars of bril, als de uil niet zien en wil. (=gezegd als een koppig iemand advies of hulp negeert)
  47. wat de heren wijzen moeten de gekken prijzen (=aan beslissingen van het hoger gezag moet men zich onderwerpen)
  48. wat helpt fluiten, als het paard niet pissen wil. (=een zinloze oplossing)
  49. wat van apen komt wil luizen (wat van katten komt wil muizen) (=zijn afkomst kan men niet verloochenen)
  50. water bij de wijn doen (=compromissen zien te sluiten)

417 betekenissen bevatten `wi`

  1. iets in zijn schild voeren (=iets van plan zijn, een geheim hebben, stilzwijgend een plan uitvoeren)
  2. het warm water (her)uitvinden (=iets wat reeds lang bekend is, presenteren alsof het een originele innovatie is. (Niet verwarren met `het wiel opnieuw uitvinden`))
  3. iets op je buik kunnen schrijven (=iets wel kunnen vergeten, dat wat je wilde gaat niet door)
  4. als de kat om de hete brij heen draaien (=iets wel willen, maar het niet durven)
  5. bij de neus hebben (=iets wijsmaken)
  6. naar de heilige graal streven (=iets willen bereiken wat niet te bereiken is)
  7. willen vliegen eer men vleugels heeft (=iets willen doen nog voor men het geleerd heeft)
  8. mijn naam is haas (=ik weet nergens van en wil er niks mee te maken hebben!)
  9. moeten is dwang en huilen is kindergezang (=ik wil het wel doen, maar niet als het me verplicht wordt)
  10. geen haar op mijn hoofd die er aan denkt (=ik wil hiermee niet akkoord gaan)
  11. aan een balk, die uit het bos gehaald wordt, moet veel gehakt worden, voor hij in het huis past (=in een religieuze groep, vereniging, etc,: je kunt leden uit een gemeenschap winnen, maar hun moet wel geleerd worden zich aan te passen)
  12. in rook opgaan (=in het niets verdwijnen)
  13. een goeie vis moet drie keer zwemmen (=in het water, in de boter of kookvocht en in de wijn)
  14. in zijn vuistje lachen (=in jezelf ergens plezier hebben / Op ietwat stiekeme wijze ergens voordeel van hebben)
  15. maart heeft een krul in zijn staart. (=in maart kan het wisselvallig zijn)
  16. aan het vinkentouw zitten (=in spanning iets afwachten en graag door willen)
  17. een vraagteken plaatsen achter (=in twijfel trekken)
  18. over iemand een boekje opendoen (=informatie over iemand geven, waarvan diegene niet wil dat het bekend wordt)
  19. een kat komt altijd op z`n pootjes terecht (=ingewikkelde en vervelende dingen kunnen vanzelf weer voor elkaar komen)
  20. de wens is de vader van de gedachte (=je gelooft iets, omdat je wil dat het zo is)
  21. leringen wekken maar voorbeelden trekken (=je kan mensen iets willen leren , maar geef vooral het goede voorbeeld)
  22. er is geen land met hem te bezeilen (=je kan met hem niets aanvangen, omdat hij niet wil meewerken)
  23. je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid (=je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen)
  24. wat de mens zaait zal hij maaien (=je moet er iets voor doen, als je wat wil krijgen)
  25. je kan een paard wel in het water trekken, maar niet dwingen dat het drinkt. (=je moet iemand niet dwingen, zelfs niet tot iets leuks)
  26. de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
  27. ken straten voor stegen (=je moet weten tot wie men zich wendt)
  28. grote pracht, weinig macht. (=je voordoen als een rijk man terwijl je arm bent)
  29. grote pronker, kale jonker. (=je voordoen als een rijk man terwijl je arm bent)
  30. een speld heeft ook een kop. (=kinderen doen het liefst wat ze zelf willen)
  31. het ei wil wijzer zijn dan de kip (=kinderen willen wijzer zijn dan de ouders)
  32. met de witte perdekies naar Velzeke rijden (=krankzinnig worden. In Velzeke bevindt zich een sanatorium; de `witte perdekies` (witte paardjes) verwijzen naar een ziekenwagen, waarmee de geestesgestoorde afgevoerd wordt. Uitdrukking uit het zuiden van Oost-Vlaanderen)
  33. aan zijn trekken komen (=krijgen wat diegene graag wilt en fijn/leuk vindt)
  34. platvis eet je met de ramen open en rondvis met de ramen dicht (=m.a.w. platvis is een zomervis en rondvis is in de winter op z`n best)
  35. hoger willen vliegen dan men kan (=meer willen doen dan men kan)
  36. op je tenen lopen (=meer willen presteren dan je aan kunt)
  37. de vuilste varkens willen altijd het beste stro. (=mensen die het niet verdienen willen evengoed het beste)
  38. geef een ezel haver en hij loopt naar de distels. (=mensen zijn soms koppig en willen geen hulp of advies)
  39. het is goed riemen snijden uit andermans leer (=met andermans eigendom kan men gemakkelijk kwistig omgaan)
  40. gapen als een oester (=met de mond wijd open geeuwen)
  41. mutatis mutandis (=met de nodige wijzigingen)
  42. gapen als een oester die in de warmte komt (=met de wond wijd open geeuwen)
  43. een Salomonsoordeel vellen (=met een heel vraagstuk een zeer wijze en goede beslissing nemen)
  44. zuidwest, regennest. (=met een zuidwesten wind komt vaak regen)
  45. goede raad is goud waard (=met goede aanwijzingen kan je heel veel doen)
  46. eieren voor je geld kiezen (=met minder genoegen nemen dan men eerder wilde)
  47. een rak in de wind (=met veel werk langzaam vooruit komen (een lang recht stuk tegenwind zeilen))
  48. een bliek (spiering) uitgooien om een snoek te vangen (=met zo min mogelijk kosten proberen maximale winst te behalen)
  49. de draad van Ariadne (=middel om klaarheid te scheppen in een ingewikkeld iets)
  50. het verstand komt met de jaren (=naarmate je ouder wordt, word je wijzer en verstandiger)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen