296 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `rt`
- leugens hebben korte benen (=met liegen kom je niet ver)
- long en lever verteren (=alles opmaken)
- maart heeft een krul in zijn staart. (=in maart kan het wisselvallig zijn)
- maart heeft knepen in zijn staart (=weerspreuk)
- maart roert zijn staart (=in maart kan het nog stormachtig weer zijn)
- mal moertje mal kindje (=als de moeder te veel toegeeft zal het kind niet deugen)
- menen ligt dicht bij Kortrijk (maar verre van Waregem) (=iets menen is niet genoeg; je moet er zeker van zijn.)
- mensen vertellen veel op een zomerse dag. (=verhalen kloppen niet altijd)
- met alle soorten van genoegen (=heel graag)
- met de hand op het hart (=eerlijk en gemeend)
- met de nachtschuit vertrekken (=er erg stilletjes vandoor gaan)
- met de noorderzon vertrekken (=onaangekondigd vertrekken en niets meer van zich laten horen)
- met de vossenstaart geselen (=zacht straffen)
- met een zwarte kool aangetekend staan (=ongunstig bekend staan)
- met hart en ziel (=met plezier en passie)
- met horten en stoten (=langzaamaan, met veel onderbrekingen)
- met stille trom vertrekken (=vertrekken zonder iemand het te laten weten)
- met tak en wortel uitroeien (=geheel uitroeien)
- met wortel en tak uitroeien (=iets volledig bestrijden om er geen last meer van te hebben)
- mettertijd komt Hannes in het wammes (=met veel geduld lukt het wel)
- morgen als kaatje verjaart (=nooit , dat stel ik liever uit)
- nakaarten heeft geen zin (=men moet niet doorgaan met zeuren over iets dat al geweest is)
- nood leert bidden (=in nood leert men anderen om hulp vragen)
- oefening baart kunst (=door veel te oefenen verbeteren de prestaties)
- om het hart slaan (=schrik bezorgen)
- op de kaart zetten (=gemaakt tot iets waar rekening mee gehouden wordt.)
- op dezelfde voet voortzetten (=op dezelfde manier)
- op een papieren zoldertje lopen (=grote risico`s nemen)
- op het hart binden (=met de grootste nadruk zeggen)
- op het hart drukken (=met de grootste nadruk zeggen)
- op je elfendertigst (=uiterst langzaam)
- op z`n dooie akkertje (=op zijn gemak, heel rustig, heel langzaam)
- op zwart zaad zitten (=geen geld hebben)
- open kaart spelen (=eerlijk zijn, niets verbergen)
- per couvert (=onder omslag) (Latijn)
- pijn in de portemonee hebben (=het geld is op)
- quod deus bene vertat (=laat God het ten goede keren) (Latijn)
- rijd voort maar zie om (=doe verder maar blijf opletten)
- rijd voort voerman maar zie om (=doe verder maar blijf wel opletten)
- rosse buurt (=een slechte buurt (buurt met prostitutie))
- soort zoekt soort (=mensen met dezelfde interesses zoeken elkaar op)
- streken onder je staart hebben. (=niet te vertrouwen zijn)
- te vangen als een aal bij zijn staart (=moeilijk te vatten)
- tekortdoen (=niet goed verzorgen, niet genoeg geven)
- tekortkomen (=niet genoeg (kunnen) doen)
- tekortschieten (=iets onvoldoende hebben of kunnen doen)
- ter harte nemen (=het zich aantrekken)
- tussen kop en staart zit de beste vis. (=extremen zijn zelden wenselijk )
- twaalf ambachten, dertien ongelukken (=wie telkens van beroep verandert, slaagt uiteindelijk nergens in)
- uit het oog, uit het hart (=de aandacht voor iemand verliezen, als die persoon niet meer in de nabijheid is)
299 betekenissen bevatten `rt`
- job krijgt op zijn kop (=kaartspel: als klaveren heer wordt afgetroefd)
- gepakt en gezakt (=klaar voor vertrek (met alle koffers ingepakt))
- vooruit met de geit (=komaan, we doen voort.)
- een plaat voor je hoofd hebben (=kortzichtig zijn, niet open staan voor de omgeving)
- met de nachtschuit komen (=laat komen / iets vertellen dat iedereen al weet)
- iemand zwart maken (=lelijke dingen over iemand vertellen)
- iemands naam door de slijk halen (=lelijke dingen over iemand vertellen)
- je rokje omkeren (=lid van een andere (bv politieke) partij worden)
- de lijn trekken (=luieren, niet voort werken)
- daar hangt de schaar uit (=men is daar niet te vertrouwen)
- de natuur gaat boven de leer (=men volgt eerder zijn karakter dan hetgeen men leert)
- een ziekte komt te paard en gaat te voet (=men wordt snel ziek maar genezen duurt lang)
- geld dat stom is, maakt recht wat krom is (=mensen kunnen door financiële bevoordeling ertoe gebracht worden om onrecht toe te laten)
- waar het warm is, is het goed vrijen. (=mensen uit een rijke familie kunnen makkelijker een partner krijgen)
- geen heilige zo klein of hij wil zijn kaarsje hebben. (=mensen vertellen graag wat voor goeds ze hebben gedaan)
- een fluwelen tong hebben (=met gladde woorden mensen kunnen overtuigen)
- met een goed geloof en een kurken ziel drijft men de zee over (=met vertrouwen en optimisme kan men alles aan)
- uien tappen (=moppen vertellen)
- alle havens schutten geen wind (=niet alles levert een voordeel op)
- een slag om de arm houden (=niet direct alles vertellen of voorzichtig zijn om toekomstige problemen voor te zijn)
- streken onder je staart hebben. (=niet te vertrouwen zijn)
- onder de plak zitten (=niets durven tenzij de partner het goed vindt)
- met de noorderzon vertrekken (=onaangekondigd vertrekken en niets meer van zich laten horen)
- op iemands schouders staan (=op andermans werk voortbouwen)
- in het zicht van de haven schipbreuk lijden (=op het laatste nippertje nog verliezen)
- in extremis (=op het nippertje)
- kantje boord (=op het nippertje)
- door de mazen van het net glippen/kruipen (=op het nippertje ontsnappen)
- door het oog van de naald kruipen (=op het nippertje ontsnappen)
- bij het walletje langs (=op het nippertje, zuinig)
- iets boven de tafel fietsen (=open kaart spelen met bedoelingen)
- lekker is maar één vinger lang (=oppervlakkige genoegens geven ook maar een betrekkelijke voldoening. / leuke dingen duren meestal maar erg kort)
- de zeilen hijsen (=opstaan, vertrekken)
- het zijn niet de slechtste vruchten waaraan de wespen knagen (=over goede mensen worden vaak onaardige dingen verteld)
- met iemands woorden naar de markt gaan (=overal rondvertellen wat men elders horen zeggen heeft)
- de regels met voeten treden (=overtreden, voorschriften niet opvolgen / onbehouwen te werk gaan)
- om de kracht van het anker te voelen moet men de storm trotseren (=pas als men iets ernstig meemaakt, weet men op wie men kan vertrouwen)
- de lachende derde (=persoon die buiten een conflict staat, maar profiteert van de uitkomst)
- in het schot vallen (=precies tijdens het startschot vertrekken)
- voor top en takel drijven (=scheepvaart : zonder een zeil te voeren)
- hoe later op de avond/dag hoe schoner volk (=schertsend gezegd bij het laat binnenkomen van vrienden of familie)
- een garnaal heeft ook een hoofd (=schertsend gezegd van een kind dat koppig aan zijn mening vasthoudt)
- met los kruit schieten (=schijnbaar streng straffen met een straf die in feite geen nadeel oplevert)
- als een pijl uit de boog (zijn) (=snel vertrekken)
- wilde beren vertoeven graag bij soortgenoten (=soort zoekt soort)
- huizen op iemand kunnen bouwen (=sterk op iemand kunnen vertrouwen)
- je moet een paard niet doodknuppelen, voordat je thuis bent. (=te veel haast kan wel eens vertraging opleveren)
- de boter en de kaas te dik gesneden hebben (=te veel verteerd hebben)
- onder de pantoffel zitten (=thuis niets te vertellen hebben)
- uit z`n rol vallen (=tijdens het spelen iets zeggen of doen wat niet bij de rol hoort)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen