Spreekwoorden met `ov`

Zoek


195 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ov`

  1. denken moet je aan een paard overlaten, die hebben een groter hoofd. (=je moet niet te veel denken)
  2. een baas boven baas zijn (=er is altijd wel iemand die het beter kan of het beter denkt te kunnen)
  3. een dak boven zijn hoofd hebben (=woonruimte hebben, onderdak hebben)
  4. een kool stoven (=een poets bakken)
  5. een lucifer in drieën kunnen kloven (=erg zuinig zijn)
  6. een ondergeschoven kindje zijn (=iets of iemand is miskend. Zie bedstede voor de letterlijke betekenis)
  7. een ongelovige Thomas zijn (=nooit iets geloven)
  8. een Pyrrhusoverwinning behalen (=winnen wat zoveel heeft gekost dat je de volgende ronde niet meer aan kan)
  9. een vriendelijk gezicht brengt overal licht (=een vrolijk persoon weet vaak meer te bereiken dan een nors persoon)
  10. er dik bovenop liggen (=overduidelijk zijn)
  11. er een balletje over opgooien (=er voorzichtig over beginnen te praten om erachter te komen wat anderen ervan vinden)
  12. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  13. er een plasje overheen doen (=ergens een kleine wijziging in aan (laten) brengen, dat wel duidelijk laat zien dat de afzender iemand van belang is)
  14. er geen gras over laten groeien (=onmiddellijk profiteren, uitvoeren)
  15. er geen spaan van geloven (=niets ervan geloven)
  16. er je eigen plasje overheen doen (=iets een beetje veranderen zodat helemaal naar je zin is. In werksituaties kan dit soms uit de hand lopen, als er veel belanghebbers zijn die allemaal hun eigen plasje over een document willen doen. Het kan dan resulteren in een onleesbare tekst.)
  17. er loopt hem een luis over de lever (=hij windt zich al over het minste op)
  18. er mankeert iets in zijn bovenkamer (=hij is niet goed bij zijn verstand)
  19. er met de grove bijl in hakken (=het brutaal aanpakken)
  20. er niet over uit kunnen (=er niet over kunnen zwijgen, er zwaar door getroffen zijn)
  21. er over oordelen als een blinde over de kleuren (=erover oordelen zonder kennis van zaken)
  22. er over vallen (=zich een probleem aantrekken)
  23. eraan moeten geloven (=of iemand wil of niet, het moet toch gebeuren)
  24. ergens over inzitten (=zich zorgen over maken over iets)
  25. fiolen van toorn over iemand uitstorten (=aan iemand duidelijk laten blijken dat je kwaad op diegene bent)
  26. geen klaviertje over slaan (=alle bijzonderheden in acht nemen)
  27. geen man over boord zijn (=iets is niet zo erg, het had veel erger gekund)
  28. geld over de balk gooien (of smijten) (=geld verspillen, zonder nadenken uitgeven)
  29. getrouwd zijn over de puthaak (=onwettig samenwonen)
  30. gouden bergen beloven (=heel veel (onmogelijks) beloven)
  31. hals over kop (=ondoordacht snel)
  32. hand over hand toenemen (=iets wordt steeds erger)
  33. het beste paard van stal wordt overgeslagen (=grappige uitspraak wanneer iemand overgeslagen wordt)
  34. het dunnetjes overdoen (=het nog een keertje op dezelfde manier herdoen)
  35. het hebben over blauwe aardappelen en blauwe sokken (=zonder het aanvankelijk beseft te hebben over verschillende zaken spreken)
  36. het hoofd boven water houden (=financieel rondkomen, juist genoeg geld hebben om te kunnen leven)
  37. het hoofd breken over iets (=trachten een antwoord te vinden op een moeilijke vraag)
  38. het is maar een strovuurtje (=het ziet er erg uit, maar het is snel voorbij)
  39. het is niet overal zomer waar de zon schijnt. (=schijn bedriegt)
  40. het leven gaat niet altijd over rozen (=het is niet altijd zo mooi, iedereen heeft wel eens tegenvallers)
  41. het ligt er duimdik bovenop (=het is overduidelijk)
  42. het over een andere boeg gooien (=het anders aanpakken)
  43. het scheelt hem in zijn bovenverdieping (=hij is niet goed wijs)
  44. het vel over de oren halen/trekken (=geld afpersen)
  45. het vet wil boven drijven. (=rijke mensen willen domineren)
  46. hol over bol (=ondoordacht snel)
  47. hou en trouw (beloven) (=elkaar overal (zullen) helpen)
  48. iemand de hand boven het hoofd houden (=iemand in bescherming nemen)
  49. iemand de huid over de oren halen (=iemand afzetten, bedriegen)
  50. iemand een kool stoven (=iemand op een onprettige manier ertussen nemen)

318 betekenissen bevatten `ov`

  1. het beste paard van stal vergeten. (=een belangrijk persoon over het hoofd zien)
  2. een slimme vogel (=een handig persoon met overal een oplossing voor)
  3. een scheve schaats rijden (=een misstap begaan. Een morele regel overtreden)
  4. een heet hangijzer (=een moeilijk onderwerp waar veel discussie over bestaat)
  5. het ene woord brengt het andere voort. (=een negatieve opmerking kan leiden tot negatieve woorden over en weer)
  6. nood doet zelfs oude vrouwen rennen (=een onverwachte situatie kan verrassende kwaliteiten naar boven brengen (vergelijkbaar met `angst geeft vleugels`))
  7. een oud paard hoort graag het klappen van de zweep. (=een oud persoon hoort graag verhalen over het oude vakmanschap)
  8. op oud ijs vriest het licht (=een oude kwaal komt gemakkelijk weer boven)
  9. brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
  10. tegen het zere been schoppen (=een pijnlijke opmerking maken over iets wat gevoelig ligt)
  11. een onbekookt plan (hebben) (=een plan hebben waar niet goed over is nagedacht)
  12. iemand op zijn vestje spuwen (=een standje geven en ongenoegen over iemand uiten)
  13. met de billen bloot (=eerlijk en open zijn over fouten of tekortkomingen.)
  14. ruggespraak houden (=eerst ergens over moeten overleggen)
  15. een vogel in de auto rijden (=elk geval kan overal mee leven)
  16. hou en trouw (beloven) (=elkaar overal (zullen) helpen)
  17. goede sier maken (=er (overdreven) goed van leven / goed overkomen bij anderen)
  18. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  19. om de vinger winden (=er gemakkelijk baas over worden)
  20. geen dag zonder zorgen (=er is altijd wel iets om je zorgen over te maken.)
  21. doorgestoken kaart (=er is heel duidelijk iets mis! Hier is getracht om iemand te laten geloven dat er bij toeval iets gebeurt, terwijl het in feite van tevoren gearrangeerd is)
  22. ieder huisje heeft zijn kruisje (=er mankeert overal wel iets)
  23. iemand het zwijgen opleggen (=er met niemand over mogen praten en niemand iets mogen vertellen)
  24. er niet over uit kunnen (=er niet over kunnen zwijgen, er zwaar door getroffen zijn)
  25. er geen woorden aan vuilmaken (=er niets eens over spreken)
  26. er niet van kunnen meespreken (=er niets over weten)
  27. in het duister tasten (=er niets over weten, geen aanknopingspunten vinden)
  28. er zijn mond niet aan vuil maken (=er niets over willen zeggen)
  29. er het zwijgen toe doen (=er niets over zeggen)
  30. kunnen maken en breken (=er veel macht over hebben)
  31. de broek lappen en het garen toegeven (=er veel verlies aan overhouden)
  32. er een balletje over opgooien (=er voorzichtig over beginnen te praten om erachter te komen wat anderen ervan vinden)
  33. er geen pap van gegeten hebben (=er weinig over weten)
  34. geen rook zonder vuur (=er wordt niet over gepraat of er is wel iets van waar)
  35. de schouders ophalen (=er zich niets van aantrekken - er niets over willen weten)
  36. iets wikken en wegen (=erg lang over iets nadenken en alle voors- en tegens afwegen)
  37. de pan uit vliegen (=erg snel stijgen (inz. gezegd over prijzen))
  38. er prat op gaan (=erg trots over iets zijn en er over opscheppen)
  39. goed en bloed voor iets offeren (=ergens alles voor over hebben (goed=bezittingen, bloed=het leven))
  40. de nacht brengt raad. (=ergens een nachtje over slapen leidt tot betere beslissingen of oplossingen)
  41. iets in de vingers hebben (=ergens ervaring en deskundigheid over hebben opgebouwd, waardoor men met grote kwaliteit en zonder fouten te maken, zich hiermee bezig kan houden)
  42. de draak met iets steken (=ergens niets van geloven en er grapjes over maken)
  43. als sneeuw voor de zon verdwijnen (=ergens niets van over blijven)
  44. je op glad ijs wagen/begeven (=ergens over gaan praten waar die weinig van af weet)
  45. de klok hebben horen luiden maar niet weten waar de klepel hangt (=ergens over gehoord hebben, zonder er echt iets van af te weten)
  46. iemand op zijn zeer trappen (=ergens over praten wat door iemand als erg onplezierig ervaren wordt)
  47. iets in de doofpot stoppen (=ergens totaal niet meer over praten, verzwijgen)
  48. iets hoog opnemen (=ergens zeer gekrenkt over zijn)
  49. er over oordelen als een blinde over de kleuren (=erover oordelen zonder kennis van zaken)
  50. wie dan leeft, wie dan zorgt (=geen zorgen maken over de toekomst)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen