71 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `hoofd`
- met het hoofd tegen de muur lopen (=het onmogelijke proberen)
- met zijn hoofd in de wolken (=zo gelukkig, blij zijn dat je niet goed oplet)
- mijn hoofd staat er niet naar (=ik kan me er niet op concentreren)
- muizenissen in het hoofd (=zorgen)
- naar het hoofd gooien/slingeren (=scherpe verwijten maken)
- niet goed bij zijn hoofd zijn (=niet goed wijs zijn, gekke dingen doen)
- niet op je achterhoofd gevallen zijn (=hij is behoorlijk slim; hij heeft iets wel in de gaten)
- niet wel bij het hoofd (=gek)
- ogen in je achterhoofd hebben (=zeer alert en waakzaam zijn.)
- op een volle buik staat een vrolijk hoofd. (=een volle buik brengt een blij en tevreden humeur.)
- over het hoofd groeien (=niet meer onder controle te houden)
- over het hoofd zien (=vergeten, niet opmerken)
- spijt hebben als haren op zijn hoofd (=erg veel spijt hebben)
- twee hoofden onder een kaproen (=ze werken samen, ze denken er hetzelfde over)
- twee hoofden onder een kaproen zijn (=het altijd met elkaar eens zijn)
- vurige kolen op iemands hoofd stapelen (=iemand een groot schuldgevoel geven door hem onverdiende lof of vriendelijkheid te geven.)
- vurige kool op iemands hoofd stapelen (=iets goeds doen voor een vijandig persoon)
- wie boter op zijn hoofd heeft moet niet in de zon lopen (=wie schuldig is houdt zich best gedeisd)
- wie het grootste hoofd heeft, moet de grootste hoed hebben (=iemand die het recht heeft op het grootste deel, moet dat ook krijgen)
- zijn hoed zit altijd op zijn hoofd (=hij groet nooit iemand)
- zoveel hoofden, zoveel zinnen (=iedereen heeft een eigen mening waarbij men moeilijk samen tot een oplossing kan komen)
50 dialectgezegden bevatten `hoofd`
- Des zjust einen taxi mètte deuren oop! (=Hij heeft de oren nogal ver van het hoofd staan!) (Kinroois)
- dich hëbs vieêl zaegmael èn zëne kop (=je hebt een leeg hoofd) (Munsterbilzen - Minsters)
- Die et de wabber (=Die is niet helemaal goed bij zijn hoofd) (Volendams)
- Die haarlemmerdijkies laot je maar uit je groate kop ! (=Je flikt het mij niet hoor, je laat het uit je hoofd !) (Utrechts)
- die het een tik van de meulen gehad (=niet helemaal goed bij zijn hoofd zijn) (Alblasserdams)
- die is niet heel normaal in haar hoofd (=daaj ès nie raech zjus) (Munsterbilzen - Minsters)
- diekköp biete zich neet (=mensen met geld houden elkaar de hand boven het hoofd) (Heitsers)
- dienk an juh nót (=denk aan je hoofd) (Zeeuws)
- dinken moej je oan un perd leaten doewn de hit unne gruttere kop (=denken moet je aan een paard laten doen dat heeft een groter hoofd) (Budels)
- Doa tuute mich de oeëre va (=Iemand die je de oren van het hoofd kletst) (Sjeeter plat)
- doe höbs 'ne kop of wènts-te de hèl geblaoze höbs (=je hebt een hoofd alsof je de hel geblazen hebt) (Aelsers)
- doe tiks neet richtig (=jij bent niet goed bij je hoofd) (Nunûms)
- Drijver op je pruik (=Een klap op je hoofd) (Amsterdams)
- ê 't is nog ne schiuën die't zegt (=hij heeft boter op zijn hoofd) (Kaprijks)
- E eit nen tjester gelek as een betrauf (=Hij heeft een dik hoofd) (Liedekerks)
- E kan achter e moesjken patatten guin (=Hij heeft een dik hoofd) (Teralfens)
- e' radaas teje z'n snep (=Een slag tegen het hoofd) (Hulshouts)
- Eemand een voenk op zaain cabine geive, of een peir op zaan fuur (=Iemand een klap uitdelen naar het hoofd) (Brussels)
- eemes de pis lauw maake (=iemand aan zijn hoofd zeuren) (Susters)
- Eemes läöker in de zökke kwatsje (=Iemand de oren van het hoofd kletsen) (Sittards)
- een keirmesse es een geiseling weird (=een zwaar hoofd na een nachtje uit) (Wetters)
- Een kop as een bolle (=Een rood hoofd) (Giethoorns)
- Een peer oep oewen appel kraaige (=Een slag op het hoofd krijgen) (Antwerps)
- Een peir tege mijnen appel (=Een klap tegen mijn hoofd) (Herentals)
- Een peir tegen uwen appel (=Een klets tegen uw hoofd) (Essens)
- een toppeire geven (=een klap op het hoofd geven) (Ledegems, Kappels)
- effe gerok én zen boëvekaomer (=in zijn hoofd geraakt zijn) (Bilzers)
- ei viel en at twee boebels op zènne kop (=hij viel en had twee builen op zijn hoofd) (Sint-Niklaas)
- Eine bläöker kriege (=Een rood hoofd krijgen) (Venloos)
- eine kop wi-j 'n mooshötje (=iemand met een dik hoofd) (Weerts)
- en garre et ok en ooft (=een garnaal heeft ook een hoofd (als een kind zijn zin doordrijft) ) (Urkers)
- Enne kop as enne tuujhaamer (=Een dik, rood hoofd hebben) (Genneps)
- Gae hetj 'ne kop of dej-je de hel geblaoze hetj (=Iemand met een bezweet hoofd) (Weerts)
- geet e ferme knotse up je ne kop (=je hebt een grote buil op je hoofd) (kortemarks)
- geij ziet gaor nie wies (=niet goed bij zijn hoofd zijn) (Boksmeers)
- gëlèkkëg nauwjoêr, ne kop vol hoêr, ne mond vol taaên en ën goej pint èn zën haaên (=gelukkig nieuwjaar, een hoofd vol haar, een mond vol tanden en een goede pint in je handen) (Munsterbilzen - Minsters)
- get ram van baute kinne (=iets uit het hoofd kennen) (Munsterbilzen - Minsters)
- Get ram van boete kènne (=Iets uit het hoofd kennen) (Sittards)
- Get ram van boete kènne. (=Iets uit het hoofd leren.) (Gelaens (Geleens))
- haar op nummer leggen (=haren kammen op kalend hoofd) (Drents)
- hae hèt ne slaog van den haomel (=hij is zwaar geraakt in zijn hoofd) (Munsterbilzen - Minsters)
- hè wit nie waor zunne kòp stao (=hij is er met zijn hoofd niet bij) (Tilburgs)
- he-j ze all'maole wel op 'n reechie (=ben je wel goed bij je hoofd) (Sallands)
- he'j 't allmoale op 'n ri-jgie (=ben je wel goed bij je hoofd) (Vechtdals)
- he'j 't, of krie'j 't (=ben je wel goed bij je hoofd) (Vechtdals)
- He'j ze allemoale wel op de rie:ge (=ben je wel goed bij je hoofd) (Sallands)
- hee hef ne kop as ne bolle (=hij heeft een rood aangelopen hoofd) (Twents)
- heetie èègelek wèl harses in zene knöst (=heeft hij eigenlijk wel hersens in zijn hoofd) (Tilburgs)
- het èn zën krolle krijge (=het plots in zijn hoofd halen) (Munsterbilzen - Minsters)
- hi' j vrög mi' j d' oorn van de kop (=hij vraagt mij de oren van 't hoofd) (Lutters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen