100 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `aal`
- het middel is erger dan de kwaal (=de oplossing veroorzaakt nog meer schade)
- het staal wordt in de wind gehard. (=moeilijkheden en tegenslagen kunnen je sterker maken)
- het tiend betaald hebben (=erg afgevallen zijn)
- iemand iets betaald zetten (=wraak nemen of straffen)
- iemand van twaalf ambachten en dertien ongelukken zijn (=steeds verschillende baantjes hebben maar in geen enkel baantje succesvol zijn)
- iemand voor paal zetten (=iemand belachelijk maken of vernederen.)
- ik ga horizontaal (=ik ga slapen)
- in de waagschaal stellen (=groot risico nemen)
- je kan geen kaalkop bij het haar vatten (=bij de arme valt niets te rapen)
- je leven in de waagschaal stellen (=actie ondernemen waarbij het eigen leven in gevaar kwam)
- je woorden op een goudschaaltje wegen (=uiterst weloverwogen spreken)
- komen met de paal als het brood in de oven is (=te laat komen)
- men zou hem een aalmoes geven (=hij ziet er armoedig uit)
- met de hersens van een garnaal (=erg dom)
- met het verstand van een garnaal (=erg weinig verstand, erg dom)
- mosterd na de maaltijd (=een oplossing die te laat komt)
- naar de heilige graal streven (=iets willen bereiken wat niet te bereiken is)
- op een goudschaaltje leggen/wegen (=heel voorzichtig afwegen)
- op grote schaal (=in het groot , zeer veel voorkomend)
- op verhaal komen (=uitrusten en op krachten komen)
- paal en perk stellen (=de grens leggen / een einde stellen aan)
- schraalhans is hier keukenmeester (=weinig te eten hebben)
- sijmen betaalt (=diegene die het minste verdient draagt de kosten)
- taal noch teken van iemand vernemen (=niets van iemand horen/zien)
- te vangen als een aal bij zijn staart (=moeilijk te vatten)
- tegen de paal lopen (=er slecht vanaf komen)
- twaalf ambachten, dertien ongelukken (=wie telkens van beroep verandert, slaagt uiteindelijk nergens in)
- van de naald tot de draad (=tot in het kleinste detail)
- van naald tot draad (=tot in het kleinste detail)
- van twaalf ambachten en dertien ongelukken zijn (=telkens ander werk doen maar er bij geen van allen iets terecht brengen)
- voor elke naald een draad hebben (=voor elk probleem een oplossing weten)
- voor paal/schut staan (=een blunder begaan voor de ogen van anderen (en schamen))
- wat je van ver haalt is lekker. (=je waardeert dingen extra als je er veel werk voor moet doen)
- wat men afdingt is het eerst betaald (=als men het goedkoop krijgt, is het vlugger betaald)
- weten waar Abraham de mosterd haalt (=weten hoe iets in zijn werk gaat; dingen goed snappen)
- weten waar de aal kruipt (=de ware bedoelingen van iemand doorzien)
- wie de pot breekt betaalt de scherven (=de veroorzaker van schade moet de situatie zelf rechtzetten.)
- wie eerst komt eerst maalt (=wie eerst komt krijgt het beste)
- wie het eerst komt, het eerst maalt (=het wordt toegekend aan degene(n) die het eerst komt)
- ze niet allemaal (alle vijf) op een rijtje hebben (=niet bij zijn volle verstand zijn. (alle vijf = de zintuigen))
- zo brutaal als de beul zijn (=erg brutaal zijn)
- zo gaan er geen twaalf in een dozijn (=het is iets buitengewoons)
- zo gaan er twaalf in het dozijn (=dat heeft weinig waarde)
- zo glad als een aal (=geslepen, uitgekookt, iemand die zich overal uitpraat)
- zo koud als een kaalgeschoren schaap (=heel erg koud)
- zo mager als een stokvis, sprot, garnaal (=mager persoon)
- zo mager zijn als een garnaal (=zeer mager zijn)
- zo stoned zijn als een garnaal (ook makreel) (=onder invloed zijn van hasj)
- zo zeker als tweemaal twee vier is (=absoluut zeker)
- zoet gedronken, zuur betaald. (=drankmisbruik kan veel schade aanrichten)
161 betekenissen bevatten `aal`
- goede waar prijst zichzelf (=goed materiaal moet niet aangeprezen worden)
- moederziel alleen (zijn) (=helemaal alleen (zijn))
- op een strowis komen aandrijven (=helemaal berooid en arm ergens komen)
- zo zat als een deur (=helemaal bezopen zijn)
- van de kook zijn (=helemaal in de war zijn)
- er zonder kleerscheuren afkomen (=helemaal niets mankeren na een ongeluk)
- zwijgen als het graf (=helemaal niets zeggen en/of totaal niets over iets vertellen)
- zwijgen in alle talen (=helemaal niets zeggen, niets van zich laten horen)
- kruit noch lood hebben (=helemaal ongewapend zijn)
- uit het veld geslagen zijn (=helemaal van streek zijn)
- averechts uitpakken (=helemaal verkeerd aflopen. Tegengesteld uitpakken)
- tot op de draad versleten (=helemaal versleten)
- op en top (=helemaal, tot in de puntjes)
- de keel kost veel (=herhaalde dronkenschap leidt tot armoede)
- de rijpste pruimen zijn geschud (=het belangrijkste werk is gedaan of grootste deel van de oogst is binnengehaald)
- er met de grove bijl in hakken (=het brutaal aanpakken)
- het loopt in`t honderd (=het gaat helemaal mis)
- zo klaar als een klontje voor iemand zijn (=het helemaal begrijpen)
- het laat mij Siberisch koud (=het interesseert me totaal niet)
- het is dief en diefjesmaat (=het is allemaal even erg)
- het is één pot nat (=het is allemaal hetzelfde)
- het is volle bak (=het is helemaal uitverkocht; er zijn heel veel mensen)
- er zit een luchtje aan (=het is niet juist, het klopt niet helemaal)
- de koek is op (=het maximaal haalbare is bereikt, meer zit er niet in)
- op is de koek, en weg zijn de dubbeltjes (=het maximaal haalbare is bereikt, meer zit er niet in)
- de omgekeerde wereld (=het tegenovergestelde van wat normaal en logisch is)
- er lak aan hebben (=het zich helemaal niet aantrekken)
- er zit een schroefje bij hem los (=hij is niet helemaal goed wijs)
- het scheelt hem onder de muts. (=hij is niet helemaal goed wijs)
- elk vogeltje zingt zoals het gebekt is (=ieder laat zich uit op een wijze die door zijn eigen aard en opvattingen bepaald worden)
- met iemand afrekenen (=iemand betalen; iemand iets betaald zetten)
- iemand op het verkeerde been zetten (=iemand ergens een verkeerde indruk van geven, waardoor hij of zij iets gaat denken wat helemaal niet klopt)
- in zijn zak hebben (=iemand goed kennen, iets helemaal begrijpen, iets voor elkaar hebben)
- iemand wel achter het behang kunnen plakken (=iemand heel vervelend vinden, waardoor je het liefst even helemaal niets meer met hem of haar te maken zou willen hebben)
- iemand laten barsten (=iemand helemaal niet helpen, aan zijn lot overlaten)
- een sigaar uit eigen doos presenteren (=iemand iets aanbieden dat in feite door de ontvanger zelf is betaald)
- iemand de brokken in de mond tellen (=iemand iets helemaal niet gunnen)
- iemand de pas afsnijden (=iemand verhinderen een bepaalde actie uit te voeren)
- de kleren maken de man (=iemands kleding bepaalt het aanzien dat hij krijgt)
- iemand van haver tot gort kennen (=iemands persoonlijkheid helemaal kennen)
- bijna is nog niet half en een koe is nog geen kalf (=iets bijna hebben is hetzelfde als iets helemaal niet hebben)
- een dood kind met een lam handje (=iets dat totaal waardeloos is)
- tegen de maan blaffen (=iets doen wat totaal niet helpt / nodeloze bedreigingen uiten)
- er je eigen plasje overheen doen (=iets een beetje veranderen zodat helemaal naar je zin is. In werksituaties kan dit soms uit de hand lopen, als er veel belanghebbers zijn die allemaal hun eigen plasje over een document willen doen. Het kan dan resulteren in een onleesbare tekst.)
- als een tang op een varken slaan (=iets heeft totaal niets met een besproken onderwerp te maken)
- tot moes slaan (=iets helemaal kapot slaan)
- in geen velden of wegen te zien zijn (=iets is helemaal nergens te vinden)
- een gevoelige snaar raken (=iets ligt erg gevoelig bij iemand, belangstelling hebben voor een bepaald onderwerp en iemand die dan aandacht heeft ervoor)
- iets met een korreltje zout nemen (=iets niet helemaal voor waarheid aannemen)
- iets soldaat maken (=iets openmaken en helemaal opeten)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen