115 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `IC`
- het lICht doen zien (=publiceren)
- het lICht in de ogen niet gunnen (=niets gunnen, er niets van kunnen verdragen)
- het lICht zien (=1: begrijpen wat men daarvoor nog niet begreep 2: geboren worden, ontstaan)
- het met zICh zelf niet eens zijn (=niet kunnen beslissen)
- het oog ziet altijd van zICh af (=de eigen fouten ziet men niet, maar andermans fouten altijd wel)
- hij geeft niet om wiens huis in brand staat, als hij zICh maar aan de gloed kan warmen (=overal voordeel uit halen, ongeacht gevolgen voor anderen)
- hou je gezICht (=zwijg!)
- ieder is zIChzelf het naast (=iedereen kiest in het slechtste geval voor zichzelf)
- ieder voor zICh en God voor ons allen (=niemand helpt elkaar)
- iemand de beurs lIChten (=van iemand geld stelen/afhandig maken)
- iemand de voet lIChten (=iemand op gemene manier de baan afnemen)
- iemand het lICht in de ogen niet gunnen (=iemand absoluut niet kunnen verdragen)
- iemand pootje lIChten (=iemand doen struikelen)
- iemand tegen zICh in het harnas jagen (=iemand door eigen toedoen boos maken)
- iemand uit bed lIChten (=iemand `s nachts laten opstaan)
- iemand uit het zadel lIChten (=iemand zijn positie doen verliezen, iemand ontslaan)
- iemands doopceel lIChten (=zeer uitgebreid vertellen/uitzoeken wie iemand is en wat die in het verleden allemaal gedaan heeft)
- iemands lICht betimmeren (=in de weg staan - het licht benemen)
- iets aan het lICht brengen (=iets bekend maken wat verborgen is)
- iets over zICh hebben (=een bepaalde indruk geven)
- iets voor het voetlICht brengen (=iets onder de aandacht brengen)
- in het lICht geven (=uitgeven - publiceren)
- in het zICht van de haven schipbreuk lijden (=op het laatste nippertje nog verliezen)
- je anker kappen/lIChten (=er met spoed vandoor gaan)
- je gezICht verliezen (=zijn eer verliezen)
- je handen dIChtknijpen (=erg veel geluk hebben)
- je lICht ergens op laten schijnen (=iets duidelijk maken)
- je lICht niet onder de korenmaat zetten (=meespreken, je mening geven en laten merken dat je er iets van weet)
- je volle gewICht in de strijd werpen (=zich er volledig voor inzetten)
- ketters wonen het dIChtst bij de paus (=de beste vrienden van een machtig man zijn vaak zijn grootste vijanden)
- kort en goed valt lICht en zoet. (=pak dingen snel op en doe het goed)
- lachen is het beste medICijn (=lachen is goed voor je gezondheid.)
- menen ligt dICht bij Kortrijk (maar verre van Waregem) (=iets menen is niet genoeg; je moet er zeker van zijn.)
- nu komt er lICht in de duisternis (=nu komt er een oplossing)
- onder zICh hebben (=baas zijn over)
- op oud ijs vriest het lICht (=een oude kwaal komt gemakkelijk weer boven)
- platvis eet je met de ramen open en rondvis met de ramen dICht (=m.a.w. platvis is een zomervis en rondvis is in de winter op z`n best)
- poppetje gezien kastje dICht (=we laten het even zien, maar daarna is het voorbij)
- ratione offICii (=ambtshalve) (Latijn)
- salva ratifICatione (=behoudens bekrachtiging) (Latijn)
- titanenarbeid verrIChten (=erg zwaar werk doen)
- uit het zadel lIChten (=zijn rang of stand of betrekking doen verliezen)
- uit het zICht, uit het hart (=wanneer iets niet meer zichtbaar is, wordt het vaak vergeten.)
- uit iemands aangezICht gesneden zijn (=sterk op iemand lijken)
- van zICh afbijten/afslaan (=zich fel verdedigen)
- vele handen maken lICht werk (=als een karwei samen wordt opgepakt is het snel en gemakkelijk gedaan)
- veni vidi vICi (=kwam-zag-overwon) (Latijn)
- voor de drang der omstandigheden zwIChten (=zich naar de omstandigheden schikken)
- voor het voetlICht (=in de aandacht)
- voorzIChtigheid is de moeder der wijsheid (=doe het voorzichtig, dan komt er geen schade)
356 betekenissen bevatten `IC`
- scherven brengen geluk. (=dit zeg je om iemand zICh minder schuldig te laten voelen)
- voorzichtigheid is de moeder der wijsheid (=doe het voorzIChtig, dan komt er geen schade)
- door de bomen het bos niet meer zien (=door alle details het overzICht verliezen)
- voorkomen is beter dan genezen (=door voorzIChtig te zijn kun je problemen en ongelukken voorkomen)
- voorzichtigheid is de moeder van de porseleinkast (=door voorzIChtig te zijn, gaan tere zaken langer mee)
- de ochtendstond/morgenstond heeft goud in de mond (=door vroeg te beginnen kan men meer werk verrIChten)
- alleen een piepend wiel krijgt olie (=door zICh opvallend te gedragen bekomt men aandacht)
- iets/iemand in de gaten hebben/krijgen (=doorkrijgen hoe dingen in elkaar steken of zICht houden op de situatie)
- zoet gedronken, zuur betaald. (=drankmisbruik kan veel schade aanrIChten)
- boeren en varkens worden knorrend vet (=een boer die klaagt heeft daar wellICht geen reden toe)
- een Uriasbrief (=een brief waarin een verschrikkelijk berICht staat)
- een hoofd als een boei krijgen (=een erg rode kleur krijgen in het gezICht, erg blozen)
- op je Pegasus stijgen (=een gedICht schrijven)
- een wolf in de schaapskooi. (=een gevaarlijk iemand die zICh als onschuldig voordoet)
- een wolf in schaapskleren (=een gevaarlijk iemand die zICh als onschuldig voordoet)
- het juiste midden vinden (=een goed evenwICht vinden tussen twee tegengestelde aanpakken. Bijvoorbeeld, als het er om gaat hoeveel bevoegdheden de politie moet hebben om de rechtsstaat te handhaven)
- je in het hol van de leeuw wagen (=een groot risICo nemen , rechtstreeks bij de vijand te rade gaan)
- alles op één kaart zetten (=een groot risICo nemen door op slechts één kans te gokken)
- een bok schieten (=een grote fout begaan of zICh lelijk vergissen)
- als de vos de passie preekt boer pas op je ganzen (=een huIChelaar is niet te vertrouwen)
- een gezicht van ouwe lappen (=een huilerig of lelijk gezICht)
- de bom is gebarsten (=een langdurige spanning of conflICt is tot een uitbarsting gekomen)
- de mens zal bij brood alleen niet leven. (=een mens heeft niet alleen lIChamelijke maar ook geestelijke behoeftes.)
- één uur van onbedachtzaamheid, kan maken dat men jaren schreit (=één moment van onvoorzIChtigheid kan verschrikkelijke gevolgen hebben)
- een twistappel vormen (=een onderwerp van ruzie/conflICt/onenigheid zijn)
- de bui zien hangen (=een ongunstige situatie aanvoelen voordat deze zICh daadwerkelijk voordoet)
- een vette gans bedruipt zichzelf (=een rijk iemand kan zIChzelf redden)
- een sprong in het diepe wagen (=een risICo nemen en iets nieuws proberen.)
- een hazenslaapje (=een slaap, die zo lICht is, dat men bij `t minste geluid wakker wordt)
- niet over een nacht ijs gaan (=eerst nadenken voor men iets doet - geen risICo`s nemen)
- er is altijd wel ergens een vogel die zingt (=er is altijd wel een lIChtpuntje als je maar goed je oren en ogen open zet)
- er schuilt een addertje onder het gras (=er is een verborgen risICo in het spel)
- er schuilt iets achter (=er is meer aan de hand dan op het eerste gezICht lijkt.)
- er niet mee getrouwd zijn (=er niet aan vastzitten, er niet toe verplICht zijn)
- er een balletje over opgooien (=er voorzIChtig over beginnen te praten om erachter te komen wat anderen ervan vinden)
- geen boodschap aan iets hebben (=er zICh niets van aantrekken)
- de schouders ophalen (=er zICh niets van aantrekken - er niets over willen weten)
- daar zitten nogal wat haken en ogen aan (=er zijn meer problemen dan je op het eerste gezICht zou denken)
- een brave Hendrik zijn (=erg braaf zijn of zICh zo voordoen)
- uit de hengstebron gedronken hebben (=erg veel gedIChten schrijven)
- bang zijn zich aan koud water te branden (=erg voorzIChtig zijn)
- iets in de vingers hebben (=ergens ervaring en deskundigheid over hebben opgebouwd, waardoor men met grote kwaliteit en zonder fouten te maken, zICh hiermee bezig kan houden)
- een vreemdeling in Jeruzalem zijn (=ergens niet bekend zijn met de gang van zaken of zICh ergens niet thuis voelen)
- dat raakt mijn koude kleren niet (=ergens niets mee te maken hebben en zICh niet voor interesseren)
- er zijn tenten opslaan (=ergens verblijven, zICh ergens vestigen)
- een oude vogel is niet licht te vangen. (=ervaren mensen laten zICh niet makkelijk foppen.)
- iets aan banden leggen (=ervoor zorgen dat iets zICh niet verder kan uitbreiden)
- aan de ene voet een schoen, de ander blootvoets (=evenwICht is voornaamst)
- de bocht achter/onder de arm houden (=extra voorzIChtig zijn, iets nog niet garanderen. (een bocht houden in het touw dat je laat vieren))
- kind noch kraai hebben (=geen nazaten of andere familieleden hebben, alleen rekening moeten houden met zIChzelf)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen