300 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Gee`
- een volle buik peinst op Geen lege. (=iemand die genoeg te eten heeft is niet bezig is met de zorgen van een ander)
- een zondagse steek houdt Geen week (=de zondag is geen werkdag maar de dag des Heeren)
- een zondagssteek houdt Geen week (=er rust geen zegen op het werk wat iemand op zondag doet)
- één zwaluw maakt nog Geen zomer (=één positieve gebeurtenis betekent niet dat alle problemen opgelost zijn.)
- eet Geen paaseieren op goede vrijdag (=alles op zijn tijd, het feest niet te vroeg vieren)
- elk schot is Geen eendvogel (=niet iedere poging of alles wat je doet is succesvol)
- er dienen Geen twee masten op een schip (=er kan er maar één het bevel voeren)
- er Geen bal van weten (=niets ervan weten)
- er Geen been in zien (=geen bezwaar onderkennen. Er niet voor terugschrikken)
- er Geen brood in zien (=niet denken dat iets kan werken)
- er Geen doekjes om winden (=de waarheid onverbloemd vertellen)
- er Geen drol van begrijpen (=ergens niets van begrijpen)
- er Geen fluit van begrijpen (=iets niet begrijpen)
- er Geen gat in zien (=er geen oplossing meer voor zien)
- er Geen gras over laten groeien (=onmiddellijk profiteren, uitvoeren)
- er Geen heil in zien (=er geen voordeel in zien)
- er Geen hoge pet van op hebben (=geen hoge verwachting hebben van iets)
- er Geen hoogte van kunnen krijgen (=iets maar niet kunnen begrijpen)
- er Geen hout van snappen (=er niets van begrijpen)
- er Geen houvast aan hebben (=er weinig mee kunnen doen)
- er Geen kaas van hebben gegeten (=er geen verstand van hebben)
- er Geen kijk op hebben (=de oplossing niet zien)
- er Geen kind aan hebben (=er geen last mee hebben)
- er Geen laars van weten (=er niets van afweten)
- er Geen oog voor hebben (=er niet op letten)
- er Geen pap van gegeten hebben (=er weinig over weten)
- er Geen peil op kunnen trekken (=er niet van op aan kunnen)
- er Geen spaan van geloven (=niets ervan geloven)
- er Geen spaan van heel laten (=iets compleet vernielen)
- er Geen speld tussen kunnen krijgen (=iets klopt precies, geen gelegenheid krijgen in een gesprek ertussen te komen)
- er Geen tekeningetje bij moeten maken (=het is overduidelijk)
- er Geen tittel of jota van afweten (=er helemaal geen kennis van hebben)
- er Geen touw aan vast kunnen knopen (=door de onduidelijkheid niet kunnen begrijpen wat er wordt bedoeld)
- er Geen woorden aan vuilmaken (=er niets eens over spreken)
- er is Geen chocola van te maken (=het is niet te begrijpen)
- er is Geen doen aan (=hij is niet te overtuigen, niets kan helpen)
- er is Geen doorkomen aan (=je geraakt er niet door)
- er is Geen huis met hem te houden (=hij is niet tevreden te stellen, je kan er geen land mee bezeilen)
- er is Geen ijs of het kost mensenvleis (=als er ijs op de sloten en vijvers ligt, verdrinken er altijd mensen)
- er is Geen kruid tegen gewassen (=er is niets aan te doen)
- er is Geen land met hem te bezeilen (=je kan met hem niets aanvangen, omdat hij niet wil meewerken)
- er is Geen rooi mee te schieten (=je kan er niets mee aanvangen)
- er is Geen vuiltje aan de lucht (=er is niets aan de hand)
- er is Geen zalf aan te strijken (=ergens niets aan kunnen doen of geen enkel zinvol advies mogelijk voor iemand)
- er klopt Geen hout van (=het is geheel onjuist)
- er was Geen hond/kat/kip (=er was niemand)
- er zal Geen haan naar kraaien (=dat zal niemand te weten komen)
- er zijn Geen rozen zonder doornen (=bij elk geluk is er ook verdriet)
- er zit Geen schot in de zaak (=het gaat niet vooruit)
- er zouden Geen achterklappers zijn waren er Geen aanhoorders (=er wordt alleen geroddeld als er ook naar geluisterd wordt)
235 betekenissen bevatten `Gee`
- er geen tittel of jota van afweten (=er helemaal Geen kennis van hebben)
- zolang er leven is, is er hoop (=er is altijd hoop, dus Geef nooit op!)
- het is als met de koeien van de Farao. (=er is Geen goed aan te doen (De koeien van de Farao bleven mager))
- doorgestoken kaart (=er is heel duidelijk iets mis! Hier is getracht om iemand te laten geloven dat er bij toeval iets gebeurt, terwijl het in feite van tevoren gearranGeerd is)
- tussen wal en schip vallen (=er niet bij passen of geneGeerd worden.)
- in het duister tasten (=er niets over weten, Geen aanknopingspunten vinden)
- er koksgast van blijven (=er niets van krijgen , er Geen vooruitgang mee maken)
- een zondagssteek houdt geen week (=er rust Geen zegen op het werk wat iemand op zondag doet)
- daarmee is de kous af. (=er wordt Geen aandacht meer aan gegeven)
- iets links laten liggen (=ergens Geen aandacht aan geven)
- genade vinden (=ergens Geen straf voor krijgen of iets niet toegerekend worden)
- van iets zoveel verstand hebben als een koe van saffraan eten (=ergens Geen verstand van hebben)
- met de muts naar iets gooien (=ergens Geen zorg aan besteden / er een slag naar slaan, ernaar raden)
- er is geen zalf aan te strijken (=ergens niets aan kunnen doen of Geen enkel zinvol advies mogelijk voor iemand)
- van Teeuwes nog Meeuwes weten (=ergens van helemaal Geen verstand hebben)
- waar de boom gevallen is, blijft hij liggen (=gedane zaken nemen Geen keer)
- geef, zodat je gevende blijft (=Geef niet meer dan dat je kunt missen.)
- de reis is nog niet ten einde als men kerk en toren herkent (=Geef niet op voor het doel geheel is bereikt)
- de geest is gewillig maar het vlees is zwak. (=Geef niet toe aan verboden verleidingen)
- achter de schermen blijven (=Geen bekendheid ergens mee willen krijgen terwijl diegene het wel bedacht heeft)
- je de wet niet voor laten schrijven (=Geen bevelen accepteren van een ander)
- er geen been in zien (=Geen bezwaar onderkennen. Er niet voor terugschrikken)
- aan elkaar hangen als droog zand (=Geen enkele samenhang vertonen)
- geen been hebben om op te staan (=Geen enkele verantwoording kunnen geven)
- beurs op de knip / Hand op de knip (=Geen geld (meer) uitgeven)
- op zwart zaad zitten (=Geen geld hebben)
- kruis noch munt hebben (=Geen geld hebben)
- rut zijn (=Geen geld meer hebben)
- geen katje om zonder handschoenen aan te pakken (=Geen gemakkelijk persoon)
- geen kou aan de lucht (=Geen gevaar)
- in het verdomboekje staan (=Geen goed meer kunnen doen)
- geen hart in het lijf hebben (=Geen greintje medelijden kennen)
- er geen hoge pet van op hebben (=Geen hoge verwachting hebben van iets)
- Joost mag het weten (=Geen idee hebben (Joost = de duivel))
- dweilen met de kraan open (=Geen kans op succes hebben, omdat men de symptomen bestrijdt zonder de oorzaak aan te pakken)
- aan handen en voeten gebonden zijn (=Geen kant op kunnen)
- met de rug tegen de muur staan (=Geen kant op kunnen, hooguit een laatste uitweg)
- te groot voor een servet en te klein voor een tafellaken (=Geen kind meer, maar nog te jong voor volwassen zaken)
- uit de kleine kinderen zijn (=Geen kleine kinderen meer hoeven opvoeden)
- een hart van steen hebben (=Geen medelijden met anderen hebben)
- stad en land aflopen. (=Geen moeite sparen om iets te bereiken)
- kind noch kraai hebben (=Geen nazaten of andere familieleden hebben, alleen rekening moeten houden met zichzelf)
- iets aan je laars lappen (=Geen notitie nemen van regels, wet of voorschriften)
- je kruit droog houden (=Geen onnodige acties ondernemen of energie verspillen.)
- het huisje bij het schuurtje houden/laten (=Geen onnodige uitgaven doen)
- schaakmat zijn (=Geen oplossing meer weten)
- met de handen in het haar zitten (=Geen oplossing meer weten)
- bij de pakken neerzitten (=Geen oplossing meer zoeken, niet meer verder doen)
- in de piepzak zitten (=Geen oplossing weten, Bang zijn voor de gevolgen)
- geen poot aan de grond kunnen krijgen (=Geen schijn van kans blijken te hebben)
28 dialectgezegden bevatten `Gee`
- geld mok nie gelèkkëg, Gee geld heilegans nie (=een beetje geld kan Geen kwaad) (Munsterbilzen - Minsters)
- goo taan maoke vannen iëzël nog Gee piëd (=omdat je veel geld hebt word je nog Geen beter mens) (Munsterbilzen - Minsters)
- hae hètter Gee goed oog èn (=de oogarts ziet het niet meer zitten) (Munsterbilzen - Minsters)
- hae hoch nog Gee sjrempke (=hij mankeerde niets) (Munsterbilzen - Minsters)
- Hoe Gee ut? (=Hoe gaat het?) (Maas en waals)
- ich gaef ter Gee knepke mei vieër (=dat is niets meer waard) (Munsterbilzen - Minsters)
- ich hüb Gee klaoge (=alles loopt gesmeerd) (Munsterbilzen - Minsters)
- ich kin Gee frans, mér frans kint mich waol (=fransspreken kan ik niet) (Munsterbilzen - Minsters)
- klaogër hëbbe Geen naud,mér stoeffërs Gee braud (=klagers en bluffers zijn soms averechts) (Munsterbilzen - Minsters)
- klaogers gene naud, stoefers Gee braud (=klagers hebben Geen nood en bluffers Geen brood) (Munsterbilzen - Minsters)
- klaogërs gene naud, stoefers Gee braud (=klagers hebben het vaak niet zo slecht als ze laten blijken, opscheppers niet zo goed als ze zich voordoen) (Munsterbilzen - Minsters)
- Klaogers hèmme genen noed, stóffers Gee broed. (=Klagers hebben Geen nood, pochers Geen brood.) (Genker)
- mèt de haan èn de sjaut, kraajgste Gee braud (=van niets doen zal je niet rijk worden) (Munsterbilzen - Minsters)
- mètte haan èn zëne sjaut, kraajgste Gee braut (=wie niet werkt, heeft Geen eten) (Munsterbilzen - Minsters)
- nog Gee bittëke verlaege zin (=alles durven zonder schroom) (Munsterbilzen - Minsters)
- omdattet Gee waer wor vërnen hond dër te jaoge, stuurdeter zen kat (=oor weersomstandigheden kwam hij niet opdagen) (Bilzers)
- on dich is Gee vèt te krijge (=eet wat beter!) (Munsterbilzen - Minsters)
- Taesse twelf en één és Gee goed volk opte been (='s nachts is niets te zoeken op straat) (Bilzers)
- ter Gee graos lotte iëver wasse (=er als de kippen bij zijn) (Munsterbilzen - Minsters)
- tërdievël ès vër Gee bittëke bang (=hij durft nu ook eens alles !) (Munsterbilzen - Minsters)
- tès ammël Gee hoërsnaajer (=het is allemaal niet zo simpel) (Munsterbilzen - Minsters)
- tit Gee braud (=doe maar rustig aan) (Bilzers)
- van nën ieëzël konste Gee koerspieëd maokë (=een dommerik wordt nooit geniaal) (Munsterbilzen - Minsters)
- versteeste Gee vlaoms (=hoor je niet goed) (Munsterbilzen - Minsters)
- vür e stëkske wos konste Gee heil vèrke èn haus haole (=ik wil niet hertrouwen!) (Munsterbilzen - Minsters)
- zau ë waer ès Gee waer ! (=zulk weer is helemaal Geen weer !) (Munsterbilzen - Minsters)
- Ziede Gee d' r enne van de moelsmit (=Ben jij de zoon van de tandarts) (Groesbeeks)
- zot zin doe geé zeer (=zot zijn doet Geen pijn) (Sint-Niklaas)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen