296 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `TT`
- aan de dijk zeTTen (=ontslaan)
- aan de groene tafel ziTTen (=bestuurslid zijn)
- aan de grond ziTTen (=bankroet of totaal uitgeput zijn)
- aan de laTTen hangen (=ermee ophouden - bijna bankroet zijn)
- aan de middelhand ziTTen (=niet eerst of laatst moeten spelen)
- aan de voeten van Gamaliël ziTTen (=aandachtig luisteren naar de les die een wijs persoon meegeeft)
- aan de voorhand zijn/ziTTen (=voorrang hebben)
- aan het laatje ziTTen (=bij de bron zitten / geld hebben)
- aan het roer ziTTen/staan (=de leiding hebben)
- aan het vinkentouw ziTTen (=in spanning iets afwachten en graag door willen)
- achter de puTTings overboord vallen (=reddeloos verloren zijn)
- achter de veren ziTTen (=opjagen)
- achter de vodden ziTTen (=opjagen)
- achter iets ziTTen (=er de oorzaak van zijn)
- alle dingen hebben twee handvaTTen. (=er zijn vaak meerdere manieren zijn om een situatie aan te pakken)
- alle havens schuTTen geen wind (=niet alles levert een voordeel op)
- alle havens schuTTen wind (=als je meedoet deel je mee in de winsten)
- alle zeilen bijzeTTen (=de uiterste best doen om iets toch te bereiken)
- alles op alles zeTTen (=zich tot het uiterste inspannen om iets te bereiken)
- alles op één kaart zeTTen (=een groot risico nemen door op slechts één kans te gokken)
- alles op haren en snaren zeTTen (=alle middelen aanwenden / alles in het werk stellen)
- alles op het spel zeTTen (=alles inzetten en mogelijk alles verliezen)
- als een muis in de val ziTTen (=geen uitweg meer hebben)
- als een pareltje in het goud ziTTen (=zich tussen aangename personen (buren) bevinden)
- als haringen in een ton ziTTen (=zich erg dicht op elkaar bevinden)
- als het schip lek is, gaan de raTTen van boord. (=als het verkeerd loopt, laten valse vrienden je in de steek)
- als Ieren en BriTTen op één land (=twee aartsvijanden in één ruimte)
- als je geschoren wordt, moet je stilziTTen (=als er scherpe kritiek op je is (je wordt geschoren), kun je beter rustig wachten tot het voorbij is, in plaats van erop in te gaan)
- als kaTTen muizen, mauwen ze niet (=wanneer je aan het eten bent, praat je niet zoveel)
- andere heren andere weTTen (=nieuwe bazen willen nieuwe regels)
- aprilletje zoet, heeft nog wel eens een wiTTe hoed (=in het begin (de hoed) van april kan het nog wel eens sneeuwen)
- bergen kunnen verzeTTen (=veel taken kunnen verrichten; heel veel werk aankunnen)
- bij de pakken neerziTTen (=geen oplossing meer zoeken, niet meer verder doen)
- biTTer in de mond maakt het hart gezond (=ook wat minder aangenaam is, kan gezond of goed zijn)
- boTTen blijven platvis (=als je dom bent dan blijf je dat)
- daar ziTTen graten in (=daar klopt iets niet)
- daar ziTTen nogal wat haken en ogen aan (=er zijn meer problemen dan je op het eerste gezicht zou denken)
- dat gaat je niet in de kouwe/koude kleren ziTTen (=dat is heel ingrijpend. Daar ben je niet snel overheen (bijvoorbeeld een traumatische ervaring))
- dat maakt van Jezus nog een keTTer (=dat is zelfs bij de meest integer mens een schanddaad)
- dat zal hem niet glad ziTTen (=iets zal niet meevallen en moeilijk zijn)
- de bakens verzeTTen (=van richting of ingesteldheid veranderen)
- de bloemetjes buiten zeTTen (=uitbundig vieren)
- de bramzeilen bijzeTTen (=alles op alles zetten)
- de dingen op hun kop zeTTen (=de dingen verkeerd of omgekeerd bekijken)
- de hakken in het zand zeTTen (=zich opstellen als felle tegenstander van een voorstel of ontwikkeling, zonder de bereidheid te zoeken naar positieve aspecten of naar compromissen)
- de kam opzeTTen (=zich verweren, zich tonen)
- de kat bij de melk zeTTen (=iemand in verleiding brengen)
- de kat bij het spek zeTTen (=iemand in verleiding brengen)
- de klok achteruit zeTTen (=terug naar oude toestanden gaan)
- de koe bij de horens vaTTen (=met de lastige zaak beginnen)
152 betekenissen bevatten `TT`
- in het gareel spannen (=aan het werk zeTTen)
- met de vork schrijven (=afzeTTen, meer kosten rekenen dan werkelijk gemaakt)
- een glaasje op hebben (=alcohol te hebben genuTTigd)
- tot de bedelstaf/bedelzak brengen (=alle aardse beziTTingen ontnemen)
- alles op het spel zetten (=alles inzeTTen en mogelijk alles verliezen)
- de bramzeilen bijzetten (=alles op alles zeTTen)
- opgestaan is plaats vergaan (=als je even wegloopt kan iemand anders op je stoel gaan ziTTen)
- in de rats zitten (=bang zijn of angst hebben / in de problemen ziTTen)
- er voor gaan (=besluiten aan een onzekere onderneming te beginnen en zich er volledig voor in te zeTTen)
- aan het laatje zitten (=bij de bron ziTTen / geld hebben)
- bij zijn positieven blijven (=blijven opleTTen)
- je kop erbij houden (=blijven opleTTen, aandacht vasthouden)
- steen en been klagen (=constant en hevig klagen. (klagen bij alles wat heilig is, bv. boTTen (=been) in een graf (=steen)))
- daar zit `em de kneep/knoop (=daar ziTTen de moeilijkheden/problemen)
- een bodemloze put (=dat kost ontzeTTend veel geld)
- de kraan dichtdraaien (=de (financiële) hulp sterk verminderen of stopzeTTen)
- de harp aan de wilgen hangen (=de bezigheden stopzeTTen)
- de puntjes op de i zetten (=de details erbij zeTTen - orde op zaken stellen)
- in zijn kraag duiken (=de kraag hoog opzeTTen tegen de koude)
- er de wind onder hebben (=de schrik erin hebben ziTTen bij ondergeschikten)
- in het strijdperk treden (=de strijd aanvaTTen)
- andermans boeken zijn duister te lezen (=de toestand of bedoelingen van een ander zijn moeilijk in te schaTTen)
- wie de pot breekt betaalt de scherven (=de veroorzaker van schade moet de situatie zelf rechtzeTTen.)
- uit hetzelfde vaatje tappen (=dezelfde standpunten of opvaTTingen delen.)
- rijd voort maar zie om (=doe verder maar blijf opleTTen)
- rijd voort voerman maar zie om (=doe verder maar blijf wel opleTTen)
- een beentje lichten (=doen struikelen (leTTerlijk of figuurlijk))
- doorgaan tot het gaatje (=doorzeTTen tot het einde is bereikt)
- een aangeklede aap (=een bespoTTelijk iemand)
- de ene pijl de andere nazenden (=een dwaze of nuTTeloze daad herhalen)
- onder het mes zitten (=een examen hebben, in angstige omstandigheden ziTTen)
- een goede naam is beter dan olie (=een goede naam (reputatie) is beter dan veel geld (olie) beziTTen)
- het gemeste kalf slachten (=een groot feest opzeTTen / het beste en lekkerste eten op tafel zeTTen)
- je sluis openzetten (=een grote mond zeTTen)
- een krop opzetten (=een hoge borst opzeTTen - een fiere houding aannemen)
- de hoofdvogel schieten (=een hoofdprijs winnen, maar vaak ironisch bedoeld. LeTTerlijk: de hoofdvogel is de hoofdprijs bij het vogelschieten)
- de vogel over het touw laten gaan. (=een kans niet benuTTen)
- de lange weg maakt een moede man (=een langdurige ziekte leidt tot uitpuTTing)
- een pleister op een houten been (=een nuTTeloos voorstel)
- met hem kun je gaan vissen (=een preTTig persoon in de omgang)
- de vierschaar spannen. (=een rechtziTTing houden. (vierschaar = middeleeuws gerechtelijk bestuur))
- op het verkeerde paard wedden (=een verkeerde inschaTTing maken)
- goed zijn woord kunnen doen (=een vloTTe prater zijn)
- waarheid met de slag om de arm (=een waarheid die vele faceTTen kent)
- er niet van tussen kunnen (=er aan vastziTTen)
- er een kruisje bij zetten (=er aTTent op maken)
- te koop lopen/staan (=er bespoTTelijk uitzien)
- er niet mee getrouwd zijn (=er niet aan vastziTTen, er niet toe verplicht zijn)
- er geen oog voor hebben (=er niet op leTTen)
- hem van jetje/katoen geven (=er vaart achter zeTTen)
Eén dialectgezegde bevat `TT`
- tés mich allemaol get, zaag Bt, en ze hoch twei jing on één TT (=je kunt maar pech hebben!) (Munsterbilzen - Minsters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen