Spreekwoorden met `reet`

Zoek

Eén spreekwoord bevat `reet`

  1. wat de boer niet kent, dat vreet hij niet (=hij wenst uitsluitend gerechten te nuttigen die hij reeds kent)

34 dialectgezegden bevatten `reet`

  1. 't zal aan me reet roeste (=ik kan er niet mee zitten) (Rotterdams)
  2. 't zal me an me reet roesten (='t raakt mij niet) (Amsterdams)
  3. aater zen reet loope (=niet zonder iemand kunnen) (Munsterbilzen - Minsters)
  4. an de reet gaan (=weggaan) (Westfries)
  5. an de reet weest? (=de bloemetjes buiten gezet?) (Westfries)
  6. Da boei me geen reet (=Het interesseert me niet) (Alfus)
  7. Da ken m'n reet roestuh (=Het kan me niet schelen) (Alfus)
  8. daar hew ik niks met (=het zal me aan mijn reet roesten (wat maakt mij dat nou uit) ) (Leewarders)
  9. Dae lieëtj zich veur eine cent ein brum door zien reet trèkke (=Iemand die gierig is) (Hunsels)
  10. Dat gaat je geen moer / geen reet aan (=Dat gaat je niks aan) (Haarlems)
  11. Dat zal me an me reet roesten (=Dat maakt mij niets uit) (Bargoens)
  12. dat zal mij aan m' n reet roesten, dat interesseert mij geen moer (=dat interesseert mij niet) (Haarlems)
  13. De reuzel loop me me reet uit. (=Ik zweet me een ongeluk.) (Rotterdams)
  14. De reuzel loopt m'n reet uit (=Ik heb het warm) (Rotterdams)
  15. De reuzel loopt mijn reet uit (=Het is snikheet) (Westlands)
  16. diech bes nej rèet zjus (=jij hebt ze niet alle vijf op een rij) (Zichers)
  17. een stuk in je reet hebben (=dronken) (Helders)
  18. geen nagel hebbe om oan je reet te krabbe (=arm zijn) (Culemborgs)
  19. Ha reët terp upper (=Hij rijdt in de richting van het dorp) (Hulshouts)
  20. Het gin naogol um an de reet te krabbuh (=Arm) (Nijmeegs)
  21. Het je weer met je reet omhoug sleipen? Zo, jo, lekker deurzakt gusteren? (=Flink aan de borrel geweest) (Westfries)
  22. hij het gin naogel um zun reet te krabbe (=hij heeft weinig geld) (Maas en waals)
  23. Hij het ginne naogel um zunne reet te krabben (=Hij is arm) (Ewijk (Euiwwiks))
  24. holtorren of reet ketelsteen (=jeuk aan je achterste) (Rotterdams)
  25. Ik veeg me reet er mee af (=Ik laat me er niet door imponeren) (Bargoens)
  26. je kunt me de bout hachelen, an me toeroe, an me togus, an me reet (=je kunt m'n rug op) (Haarlems)
  27. Ken am me reet roeste (=Kan me niet schelen) (Westlands)
  28. loop ut? ja me reet uit! (=hoe gaat het? ja goed) (Westlands)
  29. reet buugt, maer unnen eik brikt (=krakende wagens lopen het langst) (Budels)
  30. t zal me an me reet roesten (=t raakt me niet) (Amsterdams)
  31. tis op se reet af (=het is kantje boord) (Alfus)
  32. zal mij aan m'n reet roesten (=kan mij het schelen) (Utrechts)
  33. Zal mij an me reet roesten (=Kan me niet schelen) (Helders)
  34. Zal mij m'n reet roesten ! (=Het interesseert mij niet) (Utrechts)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen