7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `pad`1) als paddestoelen uit de grond schieten (=snel en in grote massa tevoorschijn komen) 2) het hazepad (ver)kiezen (=er vandoor gaan of vluchten) 3) platgetreden paden/wegen (=dingen die anderen al eerder gedaan hebben) 4) van geld voorzien zijn als een pad van veren (=arm zijn) 5) van het padje af zijn. (=in de war zijn, malende / prettig gestoord zijn.) 6) verrijzen als paddestoelen na een regenachtige dag (=plots tevoorschijn komen) 7) zo dik als een pad (=erg dik) 4 betekenissen bevatten `pad`1) eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand. (=als één persoon uit een groep zich misdraagt, wordt de hele groep erop aangekeken. / een negatieve beïnvloeding van één persoon kan vele anderen op het slechte pad brengen.) 2) de hort op zijn (=op pad zijn) 3) voor galg en rad opgroeien (=vanaf de jeugd een levenspad volgen dat later waarschijnlijk naar criminaliteit leidt) 4) het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen (=wie in weelde leeft moet oppassen om niet op het slechte pad te raken) Het dialectenwoordenboek kent 41 spreekwoorden met `pad`1) Overmeers: 'n spoa diep (=een spade diep) 2) Westerkwartiers: 't padje waarm holl'n (=contacten goed onderhouden) 3) Antwerps: Allei, cirkulei, d'eraf of 'k zet oe deroep ! (=Vooruit, rij door, ga van dat (voetpad), of ik zet je op de bon !) 4) Westerkwartiers: d'r waar'n veul mens'n bij 't pad (=er was veel publiek op de been) 5) Zeeuws-vlaams: Da's de pad op zeven (=Verkeerd rijden, via en omweg iets bereiken) 6) Munsterbilzen - Minsters: de bestees pas aste ter ook bès ! (=een pad ontstaat pas door er over te lopen) 7) Slands: de pad opkorte (=naar huis gaan) 8) Waaslands: een padde doodtrappen (=een windje laten) 9) Sint-Niklaas: ei stod in zènnun bloten, ei stod in zènne paddurrun (=hij staat naakt) 10) Noorderkempisch: Ette pad! (2x doffe e) (=Uit de weg!) 11) Hoogstraats: Ga is ut de pad! (=Ga eens uit de weg!) 12) wuustwezel: Ge loopt in menne pad (=Je loopt voor mijn voeten) 13) Sint-Niklaas: ge zè precies een paddere mus (=van iemand die naakt staat...) 14) Londerzeels: goit van mijn plansier (=ga van mijn voetpad af) 15) Westerkwartiers: hij nam 't hoazepad (=hij nam de benen) 16) Lokers: in zeinen paddekluts (=gehaal naakt) 17) Bargoens: jullie maase echt padje skwifes dat jullie die oetsers alles leern/skef da bout an (=Wausen) 18) Zeeuws: kwa khi mn padje korten (=naar huis of naar bed) 19) Marine jargon (veelal Maleis): Mijn pader hij hollander, mijn moeder hij indische jongen. (=Zegt Rufi:) 20) Izegems: n'een puut ontvluhten voe een padde teehn te komn (=een kikker ontlopen om een pad te ontmoeten) 21) Twents: ne grote loopsküte (=iemand die graag en veel op pad is) 22) Zeels: ne schief zjieker (=iemand die van het rechte pad afwijkt) 23) Sint-Niklaas: opgebloazen gulllek een padde (=dik en lui) 24) Sint-Niklaas: paddere mus (=jong vogeltje zonder pluimen) 25) Westfries: padje inkorte (=Naar huis toe gaan) 26) Mols: padzeiker (=bindweefselontsteking van het oog) 27) Evergems: pas op van die siekke doar op den trottor (=pas op kauwgom op het voetpad) 28) schulens: Riepesnèje (=Het hazepad kiezen.) 29) Vriezenveens: Te patte gaon (=Op pad gaan) 30) Walshoutems: teige het peenke van de weremeshof stië enne makrauwzeleejr en dauwe zit ∂ pavj∂ll∂k∂ oep (=Naast het tuinpad staat een seringenboom en daar zit een lieveheerbeestje op) 31) Steenbergs: uit de pad! (=uit de weg - opgepast) 32) Westlands: van 't padje af wezen (=in de war zijn) 33) Rotterdams: van juh padjuh af (=Dronken zijn, de weg kwijt zijn) 34) Westerkwartiers: vroag'n noar 't kundege pad (=vragen naar de bekende weg) 35) Oudenbosch: was de gerichtste pad ? (=wat is de kortste weg ?) 36) Westfries: We moste oôs padje maares inkorte! (=We moesten maar eens gaan!) 37) Hansbeeks: Z'es zo leeg of 'n padde (=Zij werkt niet graag) 38) Sint-Laureins: z'is zoo leeg of een padde (=zij werkt niet graag) 39) Waregems: zo grauw link 'n padde (=ongewassen, er onverzorgd uitzien) 40) Munsterbilzen - Minsters: zonder konzjel valle de iëze op t hoëfwèske (=als je geen dakgoor hebt hangen, valt de aflopende regen op het tuinpad) 41) Merenaars: zu dik as een padde zitten (=teveel gegeten hebben) Bron
De spreekwoorden en gezegden zijn voor het grootste deel afgeleid van Wikiquote:
Nederlandstalige spreekwoorden,
Nederlandstalige gezegden en Wikipedia:
Lijst van Nederlandse spreekwoorden.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Tips en mededelingen Mededeling: Nieuwe spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden zijn altijd zeer welkom. U kunt ze e-mailen naar info@dirkslot.com | WoordenboekSpreekwoordenVertalenEncyclopedieRecente zoekopdrachtenTussen haakjes staat het aantal gevonden spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden• pad (7) • boren (16) • kop op (1) • over een kam scheren (1) • oals het klokje thuis tikt, tikt het nergens (1) • de mosterd haalt (1) • zijn slag sla (1) • iemand een hak zetten (1) • stille waters hebben diepe gronden (1) • PRIJS STELLEN (1) • serŞ (3) • spreken is zilver, zwijgen is goud (1) • Peg (2) • oorw (1) • fluite (3) | |||||||
| © Woorden.org MMXI | Over woorden.org | Gebruikersvoorwaarden | Woord begint met... | ||||||||