de zinsbouw

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['zɪnsbɑu]

manier waarop je met woorden een zin maakt
Voorbeeld:  `De zinsbouw van het Duits en het Nederlands lijken op elkaar.`
Synoniemen:  zinsconstructie, syntaxis

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
fraseologie

2 definities op Encyclo
  1. Abstract: opbouw van woorden tot zinnen (één van de deeltaalvaardigheden) (bron: Nederlands als tweede taal in het basisonderwijs p.37) Ook wel: syntaxis
  2. 1) Fraseologie 2) Zinsconstructie
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `zinsbouw`.