vol

bijv.naamw.
Uitspraak:  [vɔl]

1) helemaal gevuld
Voorbeelden:  `Ik ging slapen met een volle maag.`,
`Niet met volle mond praten.`,
`een volle tank`,
`Hij trekt overal volle zalen.`,
`boordevol`,
`overvol`,
`halfvol`,
`Mijn agenda staat vol met afspraken.`
Antoniem:  leeg
Vol is vol.  (<dit zeg je als er niemand meer bij kan of als je ervoor wilt waarschuwen dat het aantal plaatsen beperkt is>)
een volle dag  (een hele dag)
vol zitten met  (wemelen van)

2) met een sterk gevoel van
Voorbeelden:  `Vol verlangen keek ik uit naar haar komst.`,
`schaamtevol`,
`Vol goede moed begon hij te typen.`
Synoniem:  vervuld van
vol zijn van iets/iemand  (enthousiast zijn over iets/iemand)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afgeladen bol compleet gevuld oververzadigd vervuld van verzadigd volgegeten volledig leeg (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
• zo vol als mut (=eivol)
• waar het hart vol van is, loopt/vloeit/stroomt de mond van over. (=waar men heel erg mee bezig is, daar wil men over praten.)
vol gas geven (=het zo snel mogelijk doen verlopen)
• met zijn mond vol tanden staan. (=niet kunnen antwoorden/reageren op een netelige vraag.)
• met een mond vol tanden staan. (=niet weten wat te zeggen.)
Toon alle 15 spreekwoorden die vol bevatten

Intensiveringen
Hoe kun je met vol een ander begrip versterken?
volle vrijheid; volle kracht vooruit; het volste recht; in de volle lengte; in het volste vertouwen; volle baard; volle bloei; volle vaart; volle verstand; ten volle; ten volle beamen; ten volle benutten; ten volle genieten; ten volle waarderen; uit volle borst zingen; met volle teugen genieten; volle week; volle zon
Hoe kun je vol krachtiger uitdrukken?
afgestampt vol; barstensvol; bomvol; boordevol; eivol; mudvol; overvol; propvol; stampvol; tjokvol; vol als een kanon; vol als een potje met pieren;

12 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] (-ler, -st), tegenovergesteld van ledig; gevuld; geheel; drok, volkrijk; gevuld, opgezet; volkom...
  2. met veel alcohol en extracten.
  3. zie geladen
  4. het bevat zoveel dat er niets bij kan vb: de beker zit helemaal vol er vol van zijn [over niets anders meer kunnen praten of denken] het was een volle bak [een uitverkoch...
  5. •geheel gevuld.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met vol:
Volapükvolatielvolautomatischvolbloedvolbloedenvolbouwvolbouwdvolbouwdevolbouwdenvolbouwenvolbouwtvolbrachtvolbrachtenvolbrengvolbrengenvolbrengtvoldaanvoldaanheidvoldedenvoldeed
Toon alle woorden die beginnen met vol

Deze woorden eindigen op vol:
begripvolbetekenisvoleervoleivolgevoelvolgewetensvolgiet volgooi volhalfvolhandjevolhandvolhoopvolhoud volliefdevolloop voloneervolonsuccesvolovervolpomp volprop vol
Toon alle woorden die eindigen op vol

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. vol (gevuld)
  2. vol (paar aan het schoudereind verenigde vleugels)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `vol` kennen.