wankel

bijv.naamw.
Uitspraak:  ['wɑŋkəl]

wie of wat niet stevig staat en gemakkelijk uit balans kan raken
Voorbeelden:  `een wankel tafeltje`,
`De peuter zette enkele wankele pasjes en viel toen voorover.`,
`een wankel evenwicht tussen veiligheid en privacy`
Antoniem:  stabiel
Synoniemen:  instabiel, labiel

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
excentriek gammel humeurig krakkemikkig kronkelend labiel los onbestendig onvast rank wankelbaar wankelend zwak stabiel (antoniem)

4 definities op Encyclo
  1. niet vast Jaar van herkomst: 1285 (CG Rijmb. )
  2. wat niet stevig staat vb: het veulen staat nog wankel op de benen
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] (-er, -st), onzeker, ongewis, onbestendig. ~BAAR, [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] (-der, ...
  4. 1) Beschadigd 2) Bibberig 3) Bouwvallig 4) Excentriek 5) Faai 6) Gammel 7) Humeurig 8) Insolide 9) Instabiel 10) Kantelig 11) Krakkemikkig 12) Kronkelend 13) Labiel 14) L...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met wankel:
wankelbaarwankelbaarheidwankeldewankeldenwankelenwankelheidwankelmoedigwankelmoedigheidwankelmotorwankelmotorenwankelmotorswankelt

Herkomst volgens etymologiebank.nl
wankel (niet vast)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `wankel`.