onvast

bijv.naamw.
Uitspraak:  [ɔn'vɑst]
Afbreekpatroon:  on·vast

wie of wat niet stevig staat en makkelijk kan vallen
Voorbeeld:  `Ik stond nog wat onvast op mijn benen, maar ik kon weer lopen!`
Antoniem:  vast (2)
Synoniem:  wankel


Synoniemen
aarzelend   instabiel   los   niet zeker   ongewis   rank   wankel   wankelbaar   wankelend   

1 definitie op Encyclo
  • 1) Bouwvallig 2) Veranderlijk 3) Vlot 4) Los 5) Losjes 6) Vaag 7) Groggy 8) Rank 9) Broos 10) Wrikbaar 11) Week 12) Vloeiend 13) Onzeker 14) Onwis 15) Tuitel 16) Onstevig 17) Onstandvastig 18) Onstabiel 19) Onsolide 20) Twijfelachtig 21) Beverig 22) Ongewis 23) Vlottend 24) Ongestadig 25) Labiel 26) Onbetrouw...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met onvast:
onvastheid

Deze woorden eindigen op onvast:
toonvast

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent onvast?
'wie of wat niet stevig staat en makkelijk kan vallen'
Hoe spel je onvast?
onvast spel je O N V A S T
Wat is een ander woord voor onvast?
Andere woorden voor onvast zijn aarzelend, instabiel, los, niet zeker, ongewis, rank, wankel, wankelbaar en wankelend.

Op andere websites
Zoek onvast in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek onvast op Google
Zoek onvast op Woordenlijst.org
Zoek onvast in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek onvast op Wikipedia