I de voornaam

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['vornam]
Verbuigingen:  voor|namen (meerv.)

naam die je ouders je gegeven hebben en waarmee je meestal aangesproken wordt
Voorbeeld:  `Die voornaam hoor je niet vaak.`
Antoniem:  achternaam


II voornaam

bijv.naamw.
Uitspraak:  [vor'nam]

1) (van iets) belangrijk
Voorbeeld:  `Vermoeidheid is de voornaamste oorzaak van verkeersongevallen.`

2) (van iemand) afkomstig uit een deftige familie of met een hoge maatschappelijke positie
Voorbeelden:  `voorname gasten`,
`je voornaam gedragen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanzienlijk adelijk befaamd beroemd deftig doopnaam doorluchtig geacht gedistingeerd gewichtig hooggeplaatst hooggezeten illuster prominent statig verheven vooraanstaand vooraanstaande achternaam (antoniem)

8 definities op Encyclo
  1. van grote betekenis vb: de voornaamste reden om niet mee te doen is mijn ziekte Synoniemen: belangrijk relevant gewichtig Tegenstelling: ondergeschikt als (van) iemand di...
  2. naam die vóór je familienaam staat vb: zijn voornaam is Jan
  3. •naam die bij de geboorte aan een persoon wordt gegeven, en die aan de familienaam voorafgaat.
  4. 1) Aanzienlijk 2) Achtbaar 3) Adellijk 4) Befaamd 5) Belangrijk 6) Beroemd 7) Betreffende 8) Deftig 9) Doopnaam 10) Doorluchtig 11) Edel 12) Geacht 13) Gedistingeerd 14) ...
  5. Allereerst de voornaam. Wanneer er ooit in iemands leven verwarring ontstaat over de precieze voornaam, dan geeft de geboorteakte de doorslag. Soms komt het voor dat een ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met voornaam:
voornaamheidvoornaamwoordvoornaamwoordelijk bijwoordvoornaamwoorden

Herkomst volgens etymologiebank.nl
voornaam (aanzienlijk)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `voornaam` kennen.